Geestverruimende cijfers

Cannabis of hennep is een eenjarige plant waarvan hasj en marihuana bereid worden. Er kunnen ook touwen en zeildoeken van gemaakt worden.
Marihuana is een bedwelmend genotmiddel dat komt van de fijngehakte en gedroogde bloemtoppen, stengels en bladeren van de vrouwelijke plant. Het heeft een droog korrelig uitzicht en het heeft een zwarte of groene kleur.
Hasjiesj (afkorting ‘hasj’) is het harsextract van de geperste cannabisplant. Het is 10 maal sterker dan marihuana. Hasj wordt meestal aangeboden in koekvorm of onder de vorm van geperste platen van lichtbruine, roodroze of zwarte kleur.
Cannabis wordt gekweekt in 120 landen en op wereldschaal blijft de productie en het gebruik toenemen. Meer dan 140 miljoen mensen gebruiken cannabis, twee procent van de wereldbevolking.
De Russische Federatie heeft 1 miljoen ha wilde hennepgroei.
Marokko is de grootste hasj-producent met 50.000 ha cannabisplantages.
Volgens Interpol zijn ook Afghanistan en Pakistan actief in de hasjhandel.
Marihuana wordt vooral geproduceerd in Colombia (5000 ha) en Mexico (3700 ha). De jongste tijd komt er ook marihuana uit Nigeria en Zuid-Afrika op de markt.
In de VS en Europa neemt de huisteelt toe tot ongeveer een kwart van het totale aanbod.

Cocabladeren worden geplukt van de heester Erythroxylum coca, een struik met witte kroonvormige bloemen en ovale bladeren. De plant kan driemaal per jaar geoogst worden, door de bladeren af te snijden en te laten drogen. De verdere bereiding in (clandestiene) labo’s is technisch eenvoudig: een zuur oplosmiddel trekt de alkaloïden uit de bladeren en na het neutraliseren van het zuur slaat de ruwe coca-base neer. In Europa heeft men in de negentiende eeuw de lokaal verdovende werking van het goedje ontdekt.
Cocaïne is een wit tot geelwit kristallijn poeder, soms vochtig of kleverig en meestal verpakt in pakketjes of gevouwen plastic papiertjes. Het bestaat ook onder de vorm van tabletten, zalven of zetpillen, in pilvormige crack-rocks en kleine plastic flesjes.
De productie van cocabladeren steeg tijdens de jaren tachtig geleidelijk tot meer dan 350.000 ton per jaar. Na een eerste terugval in het begin van de jaren negentig en een daling vanaf 1995, lijkt de productie op het einde van de jaren negentig over haar hoogtepunt heen. Eind 1999 werd wereldwijd minder dan 300.000 ton cocabladeren geproduceerd.
Cocabladeren, en het afgeleide product cocaïne, komen voornamelijk uit drie landen: Colombia (67 procent), Peru (21 procent) en Bolivia (12 procent).
Door strenge controles en het verbouwen van alternatieve teelten is de cocacultuur van Bolivia en Peru verschoven naar Colombia. De laatste twee jaar steeg de productie daar met vijftig procent.
Iets meer dan de helft van de totale cocaïneproductie was in 1998 beschikbaar voor consumptie. Dat is ongeveer tien procent minder dan in 1994. Het gebruik van cocaïne is nog steeds geconcentreerd in Amerika. De laatste jaren is er een sterkere verspreiding in Europa, Australië en West- en Zuid-Afrika. In de meeste delen van Azië blijft het cocaïnegebruik beperkt. Per jaar zijn dertien vrachtwagens voldoende om de Amerikaanse cocaïnegebruikers te voorzien in hun behoeften.

Opiumproducten zoals morfine en heroïne worden geproduceerd op basis van de plant papaver somniferum, die onder andere groeit in China en Turkije, als gewas met grote witte, roze of purperen bloemen. De vruchtdozen worden ingesneden en afgeschraapt. Het bruinachtige vocht dat aldus vrijkomt is de ruwe opium, die naar ammoniak ruikt en voorkomt onder de vorm van bruine pasta of donkerbruine blokjes of latjes. Een plant levert ongeveer vijf gram ruwe opium. Opium bevat zowat vijftien procent morfine.
Heroïne is poedervormig of korrelig, met een witte tot beige of roze kleur en met een scherpe azijngeur. Het is een product gemaakt op basis van morfine.
De productie van opium of papavers was in 1995 tien keer zo hoog als in 1980. De laatste vijf jaar stagneert de productie op iets minder dan 6000 ton per jaar. De opiumcultuur verschoof de laatste jaren van Zuid-Azië naar Zuidwest-Azië, waar ze in 1999 een recordhoogte bereikte.
De productie van opium is tijdens de jaren negentig steeds meer geconcentreerd in minder landen. De opiaten in Europa zijn voor vijfennegentig procent afkomstig uit Afghanistan en Birma. Colombia en Mexico bevoorraden de VS.
Van de totale productie aan opiaten is drieëntachtig procent beschikbaar voor consumptie. Dat is zeven procent minder dan in 1994.
In Afghanistan nam de productie op het einde van de jaren negentig spectaculair toe: in 1998 werden 63.674 ha verbouwd en een jaar later bijna 91.000 ha. Onder internationale druk verbood het Talibanregime de papaverteelt. Het is onduidelijk welke resultaten dit heeft opleverd. UNDCP rapporteert dat de productie in 2000 door droogte en alternatieve programma’s met dertig procent terugviel tot 4800 ton.

Amfetamines worden de drugs van de eenentwintigste eeuw. Het gebruik ervan toont de eerste tekens van stagnatie in West-Europa en de VS, maar in Azië neemt het gebruik spectaculair toe. In 2000 werden meer dan 13 ton onderschept.
De handel concentreert zich in drie regio’s: Oost- en Zuidoost-Azië (41% van alle vangsten), West-Europa (39%) en de VS (15%).

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3195   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift