Gemoederen lopen op in noorden van Israël

De voorbije week zijn de gemoederen tussen Israël en de Libanese verzetsorganisatie Hezbollah hoog opgelopen. Er wordt gevreesd voor een nieuwe oorlog.
Maandag waarschuwde de Israëlische eerste minister Benjamin Netanyahu de Libanese regering dat ze verantwoordelijk gehouden zou worden voor aanvallen op Israëlische doelwitten, zelfs al was de aanval uitgevoerd door een onafhankelijke groepering.
“De Libanese overheid kan niet zomaar zeggen dat het Hezbollah is en zich erachter wegstoppen”, zei Netanyahu in de Israëlische krant Haaretz. “De overheid heeft de macht en is verantwoordelijk”.
The Times stelde vorige week dat Hezbollah 40.000 raketten heeft verzameld voor de grens met Israël, en dat ze daarmee Tel Aviv zou kunnen bereiken. Nog volgens de Britse krant zou een belangrijke Israëlische bevelhebber gezegd hebben dat “de noordelijke grens elke minuut zou kunnen ontploffen.” Netanyahu heeft eerder al gezegd dat een nieuwe militaire confrontatie de vorige campagne in 2006 in het niets zou doen verzinken.
Hashem Safi a-Din, een prominente Hezbollah-figuur, liet dit weekend weten dat de organisatie geen zin had in een nieuwe oorlog, maar dat ze in staat van paraatheid is.

Onaanvaardbaar risico


De woordenstrijd brak uit nadat de Israëlische minister van Defensie Ehud Barak vorige woensdag liet weten dat “Israël niet bereid was te accepteren dat een buurland binnen haar regering en parlement een militie verdraagt die 40.000 raketten op Israël gericht houdt”.
De Israëlische inlichtingendienst waarschuwt al een tijdje dat Hezbollah ‘slapende cellen’ heeft die Israëlische vertegenwoordigers of toeristen zouden aanvallen. Ze zouden daarmee wraak nemen op de aanslag op Imad Mughniyeh, de militaire bevelhebber van Hezbollah, vorig jaar.
De gespannen sfeer verbeterde er niet op toen een groep ongewapende Libanese burgers met Libanese vlaggen de grens overstak op weg naar de Shaba Farms, gebied dat zowel volgens Syrië als Libanon aan Libanon toebehoort.
In resolutie 1701, die een einde maakte aan het conflict in 2006, verplichtte de VN-Veiligheidsraad de Libanese regering om Hezbollah te ontwapenen. Maar de regering durft of kan de militie nauwelijks aanpakken. Hezbollah is een democratisch verkozen deel van de regering, en kreeg veel respect van de bevolking voor haar verzet tegen de vernietigende Israëlische campagne in 2006. De organisatie krijgt ook veel krediet voor de terugtrekking van Israël uit de zelfverklaarde “veiligheidszone” in 2000.
Vorig jaar nog brak een kleine veldslag uit toen Libanese troepen een telecommunicatiecentrum van Hezbollah probeerden te ontruimen. De regeringstroepen moesten op hun stappen terugkeren, en het centrum kon verder werken.

Onwaarschijnlijk


Volgens Samir Awad van de faculteit Politieke Wetenschappen aan de Birzeit-universiteit bij Ramallah, zal er toch niet meteen een Israëlische aanval komen.
“Het is Israëlische retoriek voor binnenlandse consumptie, met name door het groeiende rechtse blok”, zegt hij. “Israël weet goed dat een versterkt Hezbollah het land pijn kan doen, en het is niet van plan dat risico te nemen”.
“Er zijn veel grote monden mee gemoeid”, zegt ook professor Moshe Maoz van de Joodse Universiteit in Jeruzalem. “Maar toch is een oorlog tussen Israël en Hezbollah niet onwaarschijnlijk. Veel hangt af van wat Iran doet, de belangrijkste steunpilaar van Hezbollah. En dat hangt op zijn beurt af van de politieke ontwikkelingen in de VS, die de positie van Iran kunnen verzwakken.”
“Bovendien, als de VS een akkoord kunnen bereiken met Syrië, een andere bondgenoot van Hezbollah, over de Shaba Farms en de Golanhoogte, kan dat de strategie van de organisatie beïnvloeden.”

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3184   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift