Getuigenis uit Guantánamo: ‘Vijf jaar leven in een hondenhok’

‘Guantánamo sluiten volstaat niet’, zegt Murat Kurnaz, die zelf vijf jaar in het kamp doorbracht. ‘Er zijn nog veel te veel andere geheime gevangenissen. En bovendien begrijp ik niet waarom Obama er twaalf maanden over moet doen om een einde te maken aan de onmenselijkheid die nu al jaren aanhoudt.’
  • Gie Goris 'Vergeven zou betekenen de geweldlogica aanvaarden. Dat kan ik n iet.' Gie Goris
LETTERLIJK: Het interview met Murat Kurnaz
BOEKBESPREKING: In de hel van Guantánamo

Uitgeverij Forum publiceerde onlangs In de hel van Guantánamo door Murat Kunraz, het eerste getuigenrelaas over opsluiting en foltering in het Amerikaanse detentiecentrum.
Murat Kurnaz is 27 nu. Zijn ouders zijn Turkse migranten, maar hij werd geboren in Bremen. De jeugd van Kurnaz klinkt als een levende versie van Gegen die Wand, de Turks-Duitse prent van Fatih Akin, met veel vrienden die ten onder gingen aan vervreemding en druigs –als gebruiker of als dealer. Op het moment dat Kurnaz besliste om die afdaling in de marginaliteit niet mee te doen, gaf hij zijn baantjes als buitenwipper aan discotheken op en besliste hij een deugdelijke, gelovige vrouw te zoeken in Turkije. Via vrienden geraakt hij ook in contact met de Tablighi, een beweging van moslim-missionarissen die rondreizen om zich te engageren voor armen en kwetsbaren.
De Tablighi Jamaat is een wereldwijde beweging met hoofdkwartier in Noord-India, maar vooral een sterke aanwezigheid in Pakistan, waar veel leiders ook nauwe béanden hebben met de Deobandi theologische school –die ook de ideologische onderbouw levert van Pakistaanse en Afghaanse taliban. De Tablighi Jamaat is echter niet-politiek en geweldloos, en beschouwt het doen van goede werken als een legitiem alternatief voor de politieke jihad die de gepolitiseerde islamisten prediken. ‘Ik ken geen enkele organisatie op de wereld die zo veel voor de mensenrechten doet als de Tablighi’, zegt Kurnaz. ‘Amnesty International, Human Riughts Watch en alle anderen functioneren maar omdat professionals goed betaald worden. Bij de Tablighi is het andersom: de mensen werken om in hun eigen onderhoud te voorzien en ze betalen er ook hun maatschappelijk werk mee.’
Het idealisme van de Tablighi was volgens Kurnaz de aanleiding om in het najaar van 2001 –‘na 9/11 maar voor het begin van de bombardementen op Afghanistan’– een paar maanden naar Pakistan te gaan en er zijn “bekering” tot een conservatieve islamitische levensstijl te verdiepen en te funderen. Hij trok een viertal maanden rond van Lahore naar Islamabad tot in Peshawar, een stad vlakbij de grenst met Afghanistan waar in 2001 honderdduizenden Afghaanse vluchtelingen gevestigd waren. Toen hij op weg was naar het vliegveld van Peshawar om te proberen van daaruit terug te vliegen naar Duitsland werd hij opgepakt en begon zijn nachtmerrie. Kurnaz is ervan overtuigd dat hij aangegeven werd omdat iemand op die manier makkelijk 3000 dollar kon verdienen –het bedrag dat de Amerikanen destijds uitloofden voor wie een “terrorist” kon aanbrengen. ‘ Wel 95 procent van alle mensen die in Guantánamo opgesloten werden, zijn op die manier “gekocht”. En zelfs degenen die door Special Foirces op het terrein opgepakt werden, zijn meestal onschuldige bijstaanders. Er was zelfs een oude, gehandicapte man bij die zich n iet alleen kon verplaatsen. Toch werd hij als strijder-terorist behandeld.’
Na zijn arrestatie belandde hij in een gevangenis in Kandahar. Daarna werd hij op transport gezet naar Guantánamo.In De hel van Guantánamo beschrijft Kurnaz met de hulp van de Duitse journalist Helmut Kuhn de folteringen, ondervragingen en onmenselijke behandeling die de gevangenen moesten ondergaan. Er sterven ook voortdurend mensen aan hun verwondingen. Het is vaak ondraaglijke lectuur. Maar hoe houdt iemand de fysieke werkelijkheid van zo’n misbruik vol? ‘In mijn geloof is geduld heel belangrijk. Of het goed of slecht met je gaat, je moet altijd geduld hebben om te weten wat God met je voor heeft.’ Het systeem van vernedering en geweld was volgens Kurnaz gebaseerd op één centrale regel: de gevangenen hebben géén rechten. Niets.
Komt een mens niet volledig gebroken en psychisch ontredderd uit zo’n vijf jaar durend misbruik? ‘Waarom zou ik kapot moeten zijn? Ik ben niet de eerste en zal ook niet de laatste zijn die gefolterd werd. Als je alleen al kijkt naar wat de joden in de Tweede Oorlog meegemaakt hebben, dan weet je dat ik mij in gezelschap van miljoenen mensen bevind, allemaal mensen die levens hebben die ze verder moeten leiden.’ Betekent dat ook dat hij zijn folteraars kan vergeven? ‘Neen. Ytoch zeker niet de soldaten die nog altijd geen spijt hebben van wat ze deden. Want er waren er bij die plezier hadden in het geweld dat ze straffeloos konden gebruiken. Dat vergeven betekent voor mij zoveel als het aanvaarden van de logica die aan de basis lag van het folteren. En dat wil ik niet. Maar ik heb al wel met een aantal ex-bewakers gesproken. Ik wil van hen te weten komen wat er allemaal gebeurde in het kamp, en waarom.’
Murat Kurnaz koestert geen wrok tegen het Amerikaanse volk, omdat hij ervan overtuigd is dat Bush alleen door fraude herverkozen geraakte en hij dus niet de keuze van het volk vertegenwoordigde. Maar de politieke leiders hoeven niet op veel begrip te rekenen. En dat geldt ook voor de Duitse politici. ‘Ik werd tweemaal door Duitse onderzoekers ondervraagd. Zij verklaarden mij onschuldig, maar minister Steinmeier weigerde me terug toe te laten in Duitsland en liet me dus creperen in Guantánamo.’ De Duitse ondervragers zijn wel veel gesofisticeerder dan de Amerikaanse, vindt Kurnaz. Zij weten waarover ze spreken, terwijl de Amerikanen niet eens iets begrijpen van de Europese samenleving. Laat staan van wat er zich in Pakistan afspeelt.
Op 24 augustus 2006 werd Kunraz eindelijk vrijgelaten. In de auto, op weg van de Amerikaanse basis naar huis, wou hij Fatima –zijn Turkse bruid die hij kort voor zijn vertrek naar Pakistan huwde– bellen met het goede nieuws dat hij eindelijk terug was. Op dat moment vernam hij dat zijn vrouw zich twee jaar eerder van hem had laten scheiden. En aan werk geraakt hij ook niet meer: de werkgevers vrezen negatieve publiciteit als ze hem aanwerven. Murat Kunraz vertelt het met een overtuigende gemoedsrust. ‘Het leven ligt in Gods handen. Wij zullen zien wat de toekomst brengt.’
In de hel van Guantánamo. Vijf jaar in de beruchtste gevangenis ter wereld door Murat Kunraz is uitgegeven door Uitgeverij Forum. 270 blzn. ISBN 978 90 492 0002 2

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3229   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift

Over de auteur