'Geweld bedreigt democratie in Midden-Amerika'

Het schrikbarende en toenemende geweld in de steden van El Salvador, Guatemala en Honduras zal de democratie in die landen aantasten als er geen verstandig antwoord op wordt gevonden. Een harde aanpak alleen lost niets op, waarschuwen experts.
Vooral Honduras en El Salvador zagen in de eerste helft van dit jaar een schrikbarende stijging van hun misdaadcijfers. In de eerste drie maanden van dit jaar werden in Honduras 710 mensen vermoord, zegt het Observatorium voor Geweld en Misdaad in Honduras. Dat waren er honderd meer dan in dezelfde periode in 2005. Honduras telt amper 7,4 miljoen inwoners en zit dus met een reuzengroot probleem.

Guatemala en El Salvador zijn even onveilig. In de drie noordelijke landen van Midden-Amerika worden elk jaar 40 moorden per 100.000 inwoners gepleegd. In Nicaragua, Costa Rica en Panama, amper een boogscheut verderop, worden vier keer minder mensen omgebracht.

Het aantal zware misdaden stijgt in het noorden van Midden-Amerika al sinds de jaren 90. Vooral de drugsmaffia en de ‘maras’, uit de VS overgewaaide jeugdbendes, kennen geen genade. De autoriteiten in Honduras, Guatemala en El Salvador voeren een politiek van de ijzeren vuist, maar die haalt niets uit.

De misdaad in de steden van de drie landen is niet meer onder controle, zegt Enrique Gomáriz, die in Costa Rica voor de Latijns-Amerikaanse Faculteit van Sociale Wetenschappen werkt. Als de misdaadcijfers nog vijf jaar zo hoog blijven, zal dat ook nefaste gevolgen hebben voor de democratie in die landen, oordeelt de misdaadexpert. Een beleid dat mikt op sociale ontwikkeling wordt dan ook steeds moeilijker te voeren.

In de drie landen worden ook opvallend veel vrouwen vermoord. Vorig jaar kwamen in Guatemala 563 vrouwen door geweld om het leven en in Honduras 198, zegt de Beweging voor Vrouwen voor de Vrede. De meeste moorden zijn waarschuwingen, zegt Gomáriz. De georganiseerde misdaad en met name de drugsmaffia dwingen er gehoorzaamheid en respect mee af.

Laura Chinchilla, de Costaricaanse vicepresident gelooft ook dat de georganiseerde misdaad de hand heeft in de verbijsterende misdaadcijfers in de regio. “Maar in plaats van een preventief beleid te voeren en de burgers daarbij te betrekken, kiezen de betrokken landen voor de harde aanpak. En dan is het redden wie zich redden kan: mensen schakelen veiligheidsagenten in of kopen zelf wapens.”

De ordediensten nemen vooral de jongeren op de korrel. Sinds 2002 probeert de politie in Honduras en El Salvador de jeugdbendes klein te krijgen met een nultolerantie, grootscheepse raids en hoge gevangenisstraffen. In 2005 zette Honduras 204 leden van maras achter de tralies, in het eerste trimester van dit jaar nog eens 321.

Maar het is dweilen met de kraan open. Experts schatten dat er in Midden-Amerika ongeveer 50.000 jongeren lid zijn van jeugdbendes. Mensenrechtenorganisaties klagen bovendien dat jongeren enkel op basis van hun uitzicht of kledij worden opgepakt. De Hondurese overheid moet zich zelfs verantwoorden voor het Inter-Amerikaans Gerechtshof wegens enkele moordpartijen in gevangenissen waar leden van maras opgesloten zaten. Het vermoeden bestaat dat die moorden gepland waren.

Manuel Zelaya, de Hondurese president, en zijn Hondurese collega Antonio Saca hebben aangekondigd dat ze een top willen organiseren over het geweldprobleem in Midden-Amerika.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3094   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift