Globalisering geen directe oorzaak van groei informeleeconomie

Het proces van economische globalisering leidt niet
automatisch naar slechtere arbeidsvoorwaarden in de ontwikkelingslanden,
maar lost er de problemen op de arbeidsmarkt ook zeker niet zomaar op. Dat
is de conclusie van een studie van de Internationale Arbeidsorganisatie
(IAO) die werd voorgelegd op de jaarlijkse conferentie van de organisatie.


De ‘informele economie’ is één van de grote thema’s op de Internationale
Arbeidsconferentie van dit jaar. De bijeenkomst, het belangrijkste
internationale discussieforum over arbeid en economie, werd op 3 juni
geopend en loopt nog tot 20 juni.

De informele economie is een verzamelbegrip voor zelfstandigen en kleine
ondernemers die helemaal ontsnappen aan de controle van de staat. Ze betalen
geen belastingen, moeten zich niets aantrekken van wettelijke normen en
vallen ook buiten het sociale zekerheidssysteem. Overal ter wereld is de
informele sector in opmars; in de ontwikkelings- en de transitielanden
werden de voorbije jaren veel meer nieuwe banen gecreëerd in de informele
dan in de formele economie. Volgens de IAO is werk in de informele sector
geen ‘decent work’ (behoorlijk werk) - informele banen beantwoorden per
definitie niet een aantal minimumnormen inzake arbeidsvoorwaarden en sociale
bescherming.

Maar vanwaar komt die sterke uitbreiding van de informele sector? De IAO
waarschuwt dat de globalisering al te gemakkelijk als oorzaak van het
verschijnsel wordt aangeduid en daardoor met alle zonden van Israël wordt
overladen.

De informele economie bloeit vooral in ontwikkelingslanden die het slechtst
geïntegreerd zijn in de internationale economie. Aan het feit dat veel arme
landen gemarginaliseerd blijven, heeft het onevenwichtige karakter van de
globalisering schuld, maar ook het beleid dat in sommige arme landen wordt
gevoerd en de handelsbarrières die de rijke landen hebben opgeworpen om
‘kwetsbare sectoren als de landbouw en de textielindustrie te beschermen.

Ook Juan Somavía, de directeur-generaal van de IAO, is van mening dat de
globalisering niet direct verantwoordelijk kan worden gesteld voor de groei
van de informele sector. Maart hij stelt wel vast dat de globalisering tot
hiertoe ook niet in staat is gebleken overal waar nodig genoeg goede
arbeidsplaatsen te scheppen. Volgens de IAO hebben wereldwijd zowat één
miljard mensen geen, te weinig of hopeloos onderbetaald werk.

De anti-globaliseringsbeweging stelt dat de mondialisering van de economie
momenteel vooral in de kaarten speelt van de bezitters van productiemiddelen
en zeker van kapitaal dat snel over de grenzen heen verplaatst kan worden.
Dat valt volgens de theoretici van de beweging in het nadeel uit van
arbeiders, zeker als die laaggeschoold zijn en weinig kansen hebben om te
emigreren. Het minste dat kan ondernomen worden om dat onevenwicht recht te
trekken, is migratie even makkelijk maken als internationale investeringen.

Gisteren (dinsdag) sloot ook eregast Mahathir Mohamad, de premier van
Maleisië, zich bij die conclusies aan. De globalisering moet er voor
iedereen zijn, aldus Mahathir. Daartoe moet het proces volgens hem ook
streng gereguleerd worden, onder meer om monopolies te vermijden en de
uitbuiting van arme wereldburgers door de rijke elite te voorkomen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift