Grensconflict met Congo onder de voetbalmat

Terwijl in Angola de laatste wedstrijden worden gespeeld voor de Afrikaanse voetbalbeker (CAN 2010) blijft het rommelen tussen Luanda en Kinshasa. Congo claimt een deel van de olie die voor de kusten van buurland Angola wordt opgepompt.
Begin oktober zette Congo zelfs enkele tienduizenden Angolezen, die decennia geleden een nieuwe thuis hadden gevonden aan gene zijde van de grens, het land uit. ‘De Congolese regering had ze 72 uur gegeven om te vertrekken’, aldus een grenswachter in Luvo (Angola). ‘Zij kwamen met duizenden de grens over.’ Kinshasa sprak van ‘weerwraak’, want sinds het einde van zijn burgeroorlog had Angola al enkele honderdduizenden Congolezen de deur gewezen, officieel omdat zij illegaal diamanten zouden delven.
Tot voor oktober 2009 had Kinshasa daarop amper gereageerd, misschien ook omdat Joseph Kabila’s leger geen knip voor zijn neus waard is én omdat hij veel te danken heeft aan de grote buur. Het is mede dankzij Angolese soldaten en raadgevers dat vader Laurent-Désiré in 1997 president Mobutu kon wippen, en dat hijzelf stand kon houden na de moord op zijn vader in 2001.
Dat Kabila nu toch reageerde, wijst volgens een hooggeplaatste Belgische diplomaat op gewijzigde machtsverhoudingen in de regio. ‘Congo voelt zich blijkbaar gesterkt door zijn toenadering met Rwanda. Angola had in 2008 nog geweigerd om tussenbeide te komen tijdens Congo’s conflict met Nkunda. Rwanda is wel “bijgesprongen” in Oost-Congo.’
Heeft deze nieuwe toenadering –hoe vluchtig ook– Congo plots bouder gemaakt in zijn olieclaims? In de lente van 2009 provoceerde de Congolees olieminister René Isekemanga Nkeka nog door te stellen dat Angola illegaal olie oppompt uit Congolese wateren. Congo betwist Angola’s afbakening van de territoriale wateren en maakt onder meer aanspraak op het zeer lucratieve Angolese “Block 15”. Volgens waarnemers voert ook Angola de forcing op omdat het nog meer olie in betwiste wateren wil oppompen, wat het goed nabuurschap dus nog meer in gevaar brengt.
De crisis is alvast verre van opgelost. Het grensconflict zit in een juridische procedure en de bilaterale commissie die in december 2009 bijeenkwam in de Angolese hoofdstad Luanda, heeft niets opgeleverd. Tot een gewapend conflict zal het wellicht niet komen. De Angolese ambassadeur in Kinshasa relativeerde Congo’s uitzettingen als ‘een stuiptrekking’ die ‘de relaties tussen beide landen niet in gevaar kon brengen’. Angola kan slechte reclame missen als kiespijn, sinds het land aan een steile economische klim bezig is, na 27 jaar burgeroorlog.
Bovendien werpt Angola zich ook op als onderhandelaar en vredestichter. Midden oktober was Lynn Pascoe, VN-ondersecretaris-generaal voor Politieke Aangelegenheden, nog in Luanda, om er ‘de situatie van Guinee-Bissau en Congo te bespreken’, zo stond te lezen in de staatskrant Jornal de Angola. Dan een coup orkestreren in een buurland, zou wel heel slecht vallen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift