Guatemala pessimistisch over verkiezingen

Guatemala kiest in september een nieuwe regering. Maar experts en politieke leiders verwachten niet dat de sociaaleconomische situatie verbetert. Daarvoor zijn structurele veranderingen nodig, zeggen ze, en die zijn pas mogelijk na grondige hervormingen van het politieke systeem.

De Guatemalteken kiezen in september een nieuwe president, 153 parlementsleden en 333 lokale besturen.

Voor het presidentschap geven de peilingen de meeste kansen aan Otto Pérez Molina, van de rechtse Patriottische Partij, en aan Sandra Torres, vrouw van de huidige sociaaldemocratische president Álvaro Colom, van de Nationale Eenheid van de Hoop.

Wie het ook haalt, experts en politieke leiders verwachten niet dat er veel zal veranderen. “We gaan een nieuwe president krijgen, maar het systeem zal hetzelfde blijven”, zegt antropologe Irma Alicia Velásquez.

De regels van het spel blijven ongewijzigd, zegt ze. “De partijen worden nog steeds gefinancierd door de economische elite.”

5 procent

Om te beginnen moet men het multiculturele karakter van het land erkennen, en het thema van het grondbezit en de volwaardige participatie van de inheemse volken op de agenda zetten, zegt ze.

In Guatemala is 80 procent van de productieve grond in handen van 5 procent van de bevolking. De helft van de 14 miljoen inwoners leeft in armoede, 17 procent leeft in extreme armoede, volgens VN-cijfers.

Het linkse onafhankelijke parlementslid Aníbal García zegt dat “het politieke, economische en sociale model versleten is.” Net zoals Irma Alicia Velásquez pleit hij voor een Nationale Grondwetgevende Vergadering “om een pluriculturele en democratische republiek te stichten.” García zegt dat het Hooggerechtshof opnieuw onafhankelijk moet worden “zodat we autoriteiten en organismen hebben die volledig los staan van de dictaten van de economische en politieke macht.”

Achtergestelde groepen

Guatemala hervormde zijn grondwet onder president Ramiro De León Carpio (1993-1996). Later probeerde men die te wijzigen als gevolg van de vredesakkoorden die in 1996 een einde maakten aan 36 jaar burgeroorlog. Zo wilde men een erkenning van de Maya-, Garifuna en Xinca-volken in de grondwet opnemen; volgens officiële cijfers vertegenwoordigen deze inheemse inwoners bijna 40 procent van de Guatemalteekse bevolking, zelf zeggen ze meer dan 60 procent te vormen van de 14 miljoen inwoners.

Maar via het referendum van 1999, met een participatie van nauwelijks 18,5 procent, werd dat voorstel voor erkenning verworpen.

Volgens Catalina Soberanis van het Centraal-Amerikaans Instituut voor Politieke Studies “kunnen we in de huidige situatie geen grondige veranderingen verwachten van verkiezingen omdat de regels niet veranderd zijn.” Hij pleit voor een grotere participatie van bevolkingsgroepen die nu zwaar worden achtergesteld, zoals vrouwen, jongeren en inheemse volken.

“De politieke klasse moet zijn autonomie en onafhankelijkheid herwinnen en stoppen met te gehoorzamen aan de economische belangen”, zegt ook Virgilio Álvarez van de Latijns-Amerikaanse Faculteit voor Sociale Wetenschappen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2643   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift