HAITI, Kruitvat

De eens zo populaire Haïtiaanse president Jean Bertrand Aristide slaagt er niet in de negatieve spiraal van armoede en geweld in zijn land te doorbreken. De politietop laat zich in met corruptie en drugshandel, protestmarsen van ontevreden burgers worden bloedig onderdrukt en journalisten kunnen kiezen tussen zwijgen of sterven.

KRUITVAT: HAÏTI (Port-au-Prince)
SPANNINGEN SINDS: mensenheugnis, opnieuw sinds 2000
BETROKKEN PARTIJEN: het kannibalenleger, politietroepen, radiojournalisten, tegenstanders van de Famille Lavalas (FL, de partij van president Aristide)
INZET: het weinige geld dat in het land omgaat: donorhulp, drugsgeld



December 1990. Priester Jean Bertrand Aristide wint de eerste democratische verkiezingen in Haïti na meer dan drie decennia schrikbewind onder François “Papa Doc” Duvalier en zijn zoon Jean-Claude, “Baby Doc”. Bovenaan in het verkiezingsprogramma van Aristide staan onderwijs, armoedebestrijding en de strijd tegen corruptie en drugshandel. De verwachtingen zijn hooggespannen, maar al snel wordt Tidid, de Kleine Priester, in een bloedige coup afgezet door generaal Raoul Cédras. In 1994 kan Aristide terugkeren met de militaire hulp van de Verenigde Staten, die de voortdurende stroom bootvluchtelingen uit Haïti beu zijn. In 1996 maakt Aristide plaats voor zijn protégé René Préval, maar vier jaar later keert hij voor de tweede keer terug als verkozen president. Aristides partij, de Famille Lavalas, heeft na creatief tellen de absolute meerderheid in het parlement opgeëist.
Mei 2003. Het gaat niet goed met Haïti: 70 procent van de zeven miljoen inwoners is werkloos en 80 procent leeft onder de absolute armoedegrens. Meer dan de helft van de bevolking kan lezen noch schrijven en door infectieziektes is de levensverwachting gedaald tot onder de 50 jaar. President Aristide wijt de malaise aan de Europese Unie en de Verenigde Staten, die 500 miljoen euro toegezegde steun hebben bevroren na de betwiste senaatsverkiezingen van mei 2000.
Ondanks de broodnodige financiële steun uit het buitenland is Haïti, een van de armste landen ter wereld, nog verder de dieperik in gestort. De bevolking verwijt Aristide dat hij er niet in slaagt een einde te maken aan de politieke instabiliteit. Sinds november vorig jaar komen tienduizenden scholieren, studenten, oppositieleden, journalisten en mensenrechtenactivisten samen met ngo’s en vakbonden op straat om actie te voeren tegen Aristide. ‘Ik ben het kotsbeu. Ik kan niet eens koffie kopen, of kerosine voor mijn lamp’, zo vat een bejaarde demonstrant de onvrede samen. Ook de politie, die zich schuldig zou maken aan afpersing en intimidaties, en betrokken is bij cocaïnehandel vanuit Colombia naar de Verenigde Staten, is kop van jut. Door het harde optreden van politietroepen vallen bij de demonstraties regelmatig gewonden of doden.
Intussen is de persvrijheid in Haïti zwaar aan banden gelegd. Verschillende onafhankelijke radiostations  onmisbaar in een land waar meer dan de helft van de bevolking analfabeet is  hebben de afgelopen maanden uit angst de deuren moeten sluiten of de nieuwsuitzendingen gestaakt. Tal van journalisten zijn vermoord of het land uit gevlucht. Vooral het “kannibalenleger” van Amiot Métayer, een straatbende die loyaal is aan Aristide, boezemt journalisten angst in. ‘Journalisten kunnen kiezen tussen zelfcensuur, verbanning of de dood’, zegt de onafhankelijke VN-expert Louis Joinet. ‘Dit angstklimaat schrikt bovendien internationale investeerders af.’
Dit jaar zijn in Haïti lokale verkiezingen gepland, maar de oppositie weigert hieraan deel te nemen zolang Aristide aan de macht is. Het ziet er dus niet goed uit voor het arme land want de president is vastbesloten zijn ambtstermijn tot 2005 vol te maken.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3306   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift

Over de auteur