Het ABC van de aidspreventie

Sinds 2003 kunnen ontwikkelingslanden rekenen op de steun van de Amerikaanse president Bush in hun strijd tegen hiv/aids. Alleen gaan de 15 miljard dollar subsidies die de president daarvoor te geef heeft gepaard met een conservatief ideeëngoed dat de aidspreventie in de praktijk meer kwaad dan goed doet. Bij Belgische en Vlaamse beleidsmakers en ngo’s zorgt de Amerikaanse aanpak voor heel wat onvrede.
In 1984 kondigden de Verenigde Staten hun Mexico City policy aan, door critici ook wel spottend de ‘global gag rule’ genoemd. Ngo’s die abortus toepassen, promoten of verdedigen konden volgens deze nieuwe regeling niet langer een beroep doen op Amerikaanse subsidies. Enige uitzondering werd gemaakt voor vrouwen die in levensgevaar waren of die het slachtoffer waren van verkrachting of incest.
Heel wat internationale ngo’s die voor hun werkingsgelden afhankelijk waren van de VS zagen zich genoodzaakt elders geld te zoeken. Na een korte onderbreking onder Bill Clinton blijft de global gag rule ook vandaag van kracht. Het probleem is dat veel van de getroffen organisaties ook een hiv/aids-werking hebben. ‘Wie VS-subsidies wil, moet zich schikken naar de VS-regels’, is de boodschap.
In 2003 lanceert de republikeinse Bush-administratie dan het PEPFAR-programma (United States President’s Emergency Plan for AIDS Relief). De volgende vijf jaar zouden de VS 15 miljard dollar investeren in de strijd tegen aids, maar de subsidies krijgen een conservatieve ondertoon. De gag rule met haar omstreden visie op abortus blijft alvast van kracht. Bovendien stellen de Amerikaanse beleidsmakers een erg conservatieve benadering van de ABC-strategie als voorwaarde voor het PEPFAR-geld.
ABC staat voor Abstinence (onthouding), Be faithful en Condom use. De gecombineerde promotie van kuisheid, seksuele trouw en het gebruik van condooms bleek een efficiënte strategie op voorwaarde dat de drie elementen gelijkwaardige aandacht kregen. In de Amerikaanse aanpak wordt de ABC-strategie echter vertaald als: je mag geen seks hebben tot je trouwt, getrouwde koppels moeten trouw blijven en als je daar echt niet in slaagt gebruik je condooms. PEPFAR minimaliseert daardoor de C , voorziet condooms enkel voor een beperkt risicopubliek en stigmatiseert zo het condoomgebruik.

Seks op zondag


Lut Joris, die werkt voor Sensoa (Vlaamse service- en expertisecentrum voor seksuele gezondheid en hiv), wijst op de gevaren van deze ABC-strategie: ‘Veel jongeren in Afrika hebben natuurlijk wel seks voor hun huwelijk. En niet alle koppels blijven eeuwig trouw. Bovendien weten jongeren in het zuiden heel weinig af van seks. Verhaaltjes als “seks op zondag mag, dan is het veilig” zijn geen uitzondering. De ABC-boodschap wijkt met andere woorden erg af van de realiteit.’
Eind 2006 publiceerde Sensoa de factsheet ‘Het ABC van de hiv-preventie’, waarin het alternatieven voor de ABC-benadering voorstelt en een aantal aanbevelingen formuleert voor de Belgische beleidsmakers inzake ontwikkelingssamenwerking en aidspreventie in het Zuiden. Lut Joris: ‘Het is belangrijk dat aidspreventieprojecten vertellen over de gevaren van aids en over hoe je je ertegen kan beschermen. We moeten over condooms vertellen en er ter beschikking stellen. We moeten medisch correcte informatie geven over thema’s als anticonceptie, risico’s, onthouding. Maar we moeten evengoed relationele vaardigheden en onderhandelingstechnieken aanleren. Hiv-preventie voor jongeren moet ingepast worden in een allesomvattende relationele en seksuele vorming.’

Sensoa staat niet alleen met haar kritiek op PEPFAR. Mit Philips van Artsen Zonder Grenzen, vertelt over haar ervaringen op het terrein: ‘Het is schrijnend om te zien hoe ngo’s die met PEPFAR-gelden werken, moeten onderschrijven dat ze onthouding en trouw zullen promoten en zullen zwijgen over condooms. Het is immers wetenschappelijk bewezen dat aidspreventie het meeste effect heeft als de drie opties naast elkaar worden aangeboden. Vroeger maakten ngo’s posters met daarop “Abstinence, Be Faithful and Use Condoms”. Vandaag moeten wij als medische organisatie die posters zelf laten drukken. De ngo’s krijgen daarvoor geen toelating meer van hun Amerikaanse sponsor.’

Naïef


Ook de beleidsmakers geven toe dat er een probleem is met de aanpak van PEPFAR. Vlaams Minister voor Ontwikkelingssamenwerking Geert Bourgeois stelt dat het naïef is de C weg te laten uit de ABC-strategie. ‘PEPFAR heeft duidelijk een erg conservatieve onderliggende boodschap. De VN benadrukken dat behalve de behandeling ook preventie van aids erg belangrijk is en dat condooms daarbij onmisbaar zijn. Wij zijn het daarmee eens.’
Jaak Labeeuw, aidsattaché voor DGOS (Directoraat Generaal voor Ontwikkelingssamenwerking) voegt daaraan toe: ‘Niet alle aidsbestrijdingsprogramma’s zijn even succesvol. Sommige ngo’s richten zich te eenzijdig op een bepaald aspect van aidsbestrijding. Ngo’s zouden een soort totaalpakket moeten uitwerken voor hun projecten. Vanuit DGOS proberen we daarom de ngo’s zoveel mogelijk te coördineren, maar eenvoudig is dat niet. Ngo’s houden nogal aan hun onafhankelijkheid.’

Theorie vs praktijk


Marleen Temmerman, hoogleraar in de verloskunde-gynaecologie aan de Universiteit van Gent, vindt dat de invloed van PEPFAR gerelativeerd moet worden. Temmerman leidde vijf jaar lang een onderzoeksproject over aids in een hospitaal in Nairobi (Kenya) en ze is ook vandaag nog erg aanwezig in het Zuiden via haar eigen ngo International Center for Reproductive Health (ICRH).
‘Elke ngo zou liever zijn eigen financiering hebben, maar dat lukt nu eenmaal niet altijd. Als je als ngo in onderaanneming werkt, moet je je schikken naar de wetten van je financier. Met ICRH hebben we geen PEPFAR-subsidies, maar we krijgen wel geld van USAID. Ook wij hebben een verklaring moeten ondertekenen met daarin een aantal stellingen waar we ernstige bedenkingen bij hebben.’
Ook professor Marie Laga, epidemiologe en coördinator hiv/aids-werking aan het Instituut voor Tropische Geneeskunde, staat, net als andere critici, helemaal niet achter de ideologische lijnen van de Bush-administratie. Maar met die ideeën wordt in de praktijk vaak erg soepel omgegaan, zegt ze: ‘Twee van onze projecten in het Zuiden worden gefinancierd met PEPFAR-gelden. Eentje is een project met jongeren tussen de 12 en de 18 jaar in Kenya. Het andere richt zich op prostituees in Ivoorkust. Om de subsidies binnen te halen hebben we een verklaring moeten ondertekenen waarin onder meer staat dat we tegen prostitutie zijn. In het projectvoorstel voor Ivoorkust hebben we dan ook niet gesproken over prostituees, maar over kwetsbare vrouwen. We hebben daar intern veel over gediscussieerd, maar je moet je in deze zaak pragmatisch opstellen. Als je met Amerikaanse subsidies ondanks alle ideologische bezwaren toch goede dingen kan bereiken, waarom zou je dat dan laten?”

www.globalgagrule.org
De factsheet Het ABC van de hiv-preventie vindt u op www.sensoa.be in de rubriek ‘internationaal’ bij ‘publicaties’.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3181   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift