Hogere mijnbouwroyalty's maken niemand blij in Zambia

Mijnbouwbedrijven in Zambia verzetten zich tegen plannen van de regering om hen meer royalty’s en hogere belastingen te laten betalen. Het geld moet naar onderwijs en gezondheidszorg gaan. De mensen in de kopergordel die daarvan zouden profiteren, zijn ook niet gelukkig. Ze voelen zich in de steek gelaten sinds de privatisering van de mijnbouwsector.
De kopermijnen in Zambia gingen in de jaren negentig over in privé-handen. Sindsdien betalen mijnbouwbedrijven in het Afrikaanse land 0,6 procent van hun jaarlijkse bruto inkomsten aan royalty’s. In weinig andere landen ligt die belasting zo laag.

Kalombo Mwansa, de Zambiaanse minister van Mijnbouw, verdedigde eerder dit jaar nog die politiek. Hogere belastingen zouden volgens hem de investeringen doen afnemen. Maar vandaag bekijkt de overheid de situatie met andere ogen. Ze wil de belastingen optrekken naar ongeveer drie procent. Op die manier wil de overheid meeprofiteren van de hoge internationale koperprijzen. Minister van Financiën Ng’andu Magande wijst erop dat andere landen gemiddeld 2,5 procent royalty’s innen..

Magande kondigde ook aan dat de overheid ook andere belastingen voor buitenlandse bedrijven wil herzien. Lokale en buitenlandse mijnbouwbedrijven die koper en kobalt uitvoeren, moeten een bedrijfsbelasting van 25 procent betalen. Voor de privatisering bedroeg die belasting 35 procent.

Maganda benadrukt dat de voorstellen nog besproken worden met de betrokken bedrijven, maar hij hoopt de veranderingen tegen het einde van dit jaar te kunnen doorvoeren. De regering zegt het extra geld te willen investeren in gezondheidszorg en onderwijs.

India’s Vedanta Resources en Canada’s First Quantum Minerals, twee belangrijke buitenlandse mijnbedrijven die actief zijn in Zambia, toonden eerst begrip voor de plannen om het belastingsysteem te hervormen. Maar First Quantum en Metorex, een bedrijf uit Zuid-Afrika, kondigden later juridische stappen aan mocht de nieuwe wetgeving van kracht worden.

Veel gewone Zambianen vragen zich ondertussen af of de mijnbouwsector nog wel bijdraagt tot de ontwikkeling van Zambia. “Wij hebben nog geen enkele verbetering gezien sinds buitenlandse bedrijven de mijnen overnamen”, zegt Chanda Chileshe, een huisvrouw die samen met haar echtgenoot vanuit de Kopergordel naar de hoofdstad Lusaka moest verhuizen vanwege de “harde economische realiteit” na de privatisering van de mijnen. „De nieuwe eigenaars hebben niet in de lokale gemeenschap geïnvesteerd.”

“In het verleden steunden de mijnen bepaalde sociale voorzieningen zoals scholen en ziekenhuizen. De nieuwe directeuren van de mijnen hebben daar echter geen belang bij. En ondertussen maken ze zeer grote winsten”, zegt Chileshe.

“Er is inderdaad een groot contrast met de periode van voor de privatisering”, bevestigt Robert Lungu, die vroeger ook in de Kopergordel leefde en nu freelance fotograaf in Lusaka is. “Vroeger werd wonen in een mijnregio als een privilege gezien. De mijnen voorzagen in straatverlichting en het ophalen van vuilnis. Ze investeerden ook in sportinfrastructuur en de scholen en ziekenhuizen stonden bekend als de betere van het land. Maar de nieuwe eigenaars van de mijnen zijn er niet in geslaagd dat beleid verder te zetten”, zegt Lungu. “Vandaar dat veel mensen de belastinghervormingen van de regering steunen.”

“Geen enkele van de buitenlandse bedrijven vergoedt de werknemers naar behoren”, voegt Sikufela Mundia, voorzitter van de Nationale Unie van Mijnwerkers (NUMAW), daar aan toe.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3184   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift