Holebi-asielzoekers: Bang om verstoten te worden

Buitenlanders die asiel aanvragen omdat ze holebi zijn, worden vaak ook in België gediscrimineerd omwille van hun geaardheid. Andere asielzoekers staan zelden tolerant tegenover holebi’s. Verbaal en fysiek geweld in asielcentra is geen uitzondering. Ibrahim Diallo: ‘Niemand komt in het centrum openlijk uit voor zijn homoseksualiteit.’
  • Jan Keteleer / Het Roze Huis Jan Keteleer / Het Roze Huis
In 2007 vroegen 188 buitenlanders politiek asiel aan in België omdat ze in hun land van herkomst vervolgd werden omwille van hun geaardheid. Zestig van die aanvragen werden goedgekeurd, de andere 128 geweigerd. Aangezien niet iedereen zijn seksualiteit als reden voor asiel durft opgeven, ligt het effectieve aantal holebi-asielzoekers volgens WIE wellicht nog een stuk hoger.

Ibrahim (21) schuifelt zachtjes heen en weer op zijn stoel terwijl hij met zijn kleurig hangertje in de vorm van Afrika speelt. Sinds februari is hij in België. Hij ontvluchtte Guinee toen zijn vader te weten kwam dat hij homo was. In Guinee zijn ‘onzedelijke handelingen of handelingen tegen de natuur met personen van hetzelfde geslacht’ strafbaar. Wie betrapt wordt, riskeert een gevangenisstraf van zes maanden tot drie jaar en een torenhoge boete.

‘ik dacht dat ik alleen was’


‘Op een dag praatte mijn vader in de moskee over homoseksualiteit’, vertelt Ibrahim schuchter. ‘De mensen reageerden fel. “Jij hebt het recht niet daarover te spreken terwijl je eigen zoon zo is!” Mijn vader, die niks afwist van mijn relatie met een man, reageerde woest. De mensen zijn toen, mijn vader voorop, naar ons huis gegaan en hebben mijn kamer ondersteboven gehaald. Mijn vader zei dat ik niet langer zijn zoon was.’

Ibrahim was die dag niet in de moskee. ‘Het is alsof alles voorzien was’, zegt hij zelf. ‘Een vriend verwittigde me dat ik onmogelijk terug naar huis kon. Ik ben naar de man gegaan met wie ik iets had. Hij was Belg en via hem ben ik hier geraakt. In Guinee sluit iedereen je uit als je homo bent. Als je niet oplet, vermoorden ze je.’

In het asielcentrum waar Ibrahim nu verblijft, zegt niemand luidop dat hij homo is. Hij ontmoette er Larry, die om dezelfde reden als Ibrahim zijn land ontvluchtte. ‘We aten vaak samen, we amuseerden ons. Maar op een avond zag ik dat er iets scheelde. Toen heeft Larry me alles verteld. Terwijl ik dacht dat ik alleen was’, zegt Ibrahim. Larry: ‘Ik vertel het aan niemand in het centrum, ik vind dat iets persoonlijks. Maar van Ibrahim vermoedde ik dat hij homo was. De avond dat ik een negatieve reactie kreeg na mijn eerste interview heb ik hem mijn hele verhaal gedaan.’

privacy


‘Twee mannen die apart zijn aangekomen in hetzelfde asielcentrum en toch van elkaar weten dat ze homo zijn, dat is uitzonderlijk’, weet Peter Van Elslander van de Werkgroep Internationale Solidariteit met Holebi’s (WISH), een vereniging die ondersteuning geeft aan personen die asiel aanvragen op basis van hun seksuele voorkeur. ‘Wij helpen nog andere holebi’s van hetzelfde centrum, maar zij weten het niet van Ibrahim en Larry, en omgekeerd ook niet.’

Verbaal en fysiek geweld tegen holebi’s komt in Belgische opvangcentra geregeld voor. Een Russisch koppel werd in een opvangcentrum in Antwerpen in elkaar geslagen door andere Russen. Elders werd een Maghrebijnse jongen weggepest. Van Elslander: ‘Uit de kast komen in een asielcentrum is niet vanzelfsprekend. Kamers worden gedeeld met verschillende mensen, wat de angst voor negatieve reacties vergroot. Het gebrek aan privacy maakt het er niet makkelijker op. Er kijkt altijd wel iemand mee over je schouder als je je mail checkt. Probeer zo maar eens informatie te verzamelen voor je dossier als holebi-asielzoeker.’

Ook de angst voor de eigen gemeenschap zit er goed in. Wanneer een asielzoeker geen papieren krijgt en vervolgens als illegaal in het land blijft, is de gemeenschap uit het land van herkomst vaak de enige sociale houvast. Van hen komt ook de steun om te overleven. Van Elslander: ‘Dat zorgt ervoor dat mensen tijdens hun interview soms niet durven zeggen waarom ze eigenlijk asiel aanvragen. Een holebi uit Irak die zijn verhaal moet doen via een Iraakse tolk, kan bijvoorbeeld dichtklappen omdat die bang is dat in geen tijd de hele gemeenschap zijn of haar seksuele geaardheid zal kennen. De angst om verstoten te worden is enorm groot.’

‘Holebi-asielzoekers zitten op dat vlak vaak in een tweestrijd’, zegt Bart Hermans van het opvangcentrum voor asielzoekers in Sint-Truiden. ‘Enerzijds vinden zij erkenning op seksueel vlak bij de Belgische gemeenschap. Anderzijds is er de eigen gemeenschap, die vaak een stuk minder tolerant is maar waar zij toch heel graag deel van willen uitmaken.’

eisenplatform


Volgens WISH zijn de werknemers van asielcentra en andere betrokkenen bij de asielprocedure zich vaak niet bewust van de problematiek van holebi-asielzoekers. Daarom werkt WISH momenteel samen met de Holebifederatie een eisenplatform uit. In de herfst is een gesprek gepland met minister van Buitenlandse Zaken Karel De Gucht. Eerder werd al overlegd met minister van Migratie Annemie Turtelboom. ‘Een van onze eisen is bijscholing voor advocaten, werknemers van de Dienst Vreemdelingenzaken, personeel van asielcentra en andere mensen die met de asielprocedure te maken hebben’, zegt Yves Aerts van de Holebifederatie. ‘Je zult als holebi-asielzoeker maar eens je verhaal moeten doen aan een advocaat die helemaal niet vertrouwd is met de problematiek.’

Ook aan de beleidsmakers worden eisen gesteld. Aerts: ‘Zij moeten een duidelijk standpunt innemen en laten weten dat asiel aanvragen in België kan op basis van homofobie. Daarnaast is er ook een rol weggelegd voor Belgische ambassades. In de rapporten die zij schrijven, moet aandacht besteed worden aan de situatie van holebi’s. Als de president van Gambia verklaart dat alle holebi’s binnen de 24 uur het land moeten verlaten, moet zoiets gemeld worden.’

In het opvangcentrum van Sint-Truiden zijn ze zich maar al te goed bewust van de problemen. Onthaalmedewerker Bart Hermans probeert de taboesfeer rond holebi-asielzoekers te doorbreken door het personeel van het centrum te sensibiliseren. Hermans: ‘Af en toe is er een studiedag of kijken we samen naar een film zoals Mijn zus Zahra, over een Marokkaans meisje dat op meisjes valt.’
Hermans probeert het thema ook bij asielzoekers zelf bespreekbaar te maken.

‘Het is belangrijk om duidelijk te maken dat holebi zijn geen probleem is in België, dat holebi’s hier mogen trouwen.’ De betrokken asielzoekers worden door Hermans doorverwezen naar WISH, of hij maakt hen wegwijs in het holebimilieu. In de nabije toekomst wil Hermans samenwerken met asielcentra van Fedasil en het Rode Kruis om een andere sfeer rond holebi’s te creëren tijdens de asielprocedure. Zo hoopt hij het tij voor holebi-asielzoekers definitief te keren.

Meer info op www.hetrozehuis.be/wish en www.holebifederatie.be

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2916   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift