Ilse op de Beeck: ik, een non?

‘Kind, je gaat je levend begraven’, schrokken haar tantes, toen ze haar keuze voor het kloosterleven bekend maakte. De collega’s op school begrepen het evenmin: ‘Je bent zo kritisch en mondig, hoe ga jij daar overleven?’ De grootste schrik had ze om haar beslissing aan haar leerlingen mee te delen. Die waren echter gefascineerd en bestookten haar twee lesuren lang met vragen.
‘Ze appreciëren het enorm wanneer je authentiek en consequent wilt leven’, is de ervaring van Ilse Op de Beeck, nu vijfendertig. Elf jaar lang gaf ze godsdienstles, tot ze, in de zomer van vorig jaar, haar intrek nam bij de Clarissen in Kessel-lo. Ze ontvangt me in haar kamertje. Geen donkere cel maar een bescheiden vertrek met rieten meubeltjes, boeken en planten. ‘Ik heb hier een speciaal statuut, als enige ‘buitenzuster’ naast de negentien andere ‘binnenzusters’, verduidelijkt Ilse. Op termijn wil ze het contemplatieve leven combineren met lesgeven. ‘Ik heb zo vaak gekwetste en ontgoochelde jonge mensen ontmoet. Hen wil ik opnieuw doen geloven in de schoonheid van het leven, zoals ik die zelf ervaar en ervaren heb. Het is zoals Sölle schrijft in haar boek ‘Mystiek en Verzet’ : in het verweer komen tegen alle mogelijke krachten die de schoonheid van het leven ondergraven.’

Zeven jaren van intens zoeken hebben haar tot deze beslissing gebracht. ‘Het is mij echt overkomen’, herinnert Ilse zich. ‘Ik leidde een bijzonder druk leven : was actief in de school en de parochie, werkte opdrachten uit voor de uitgeverij Pelckmans, werd gevraagd voor voordrachten. Zeven jaar geleden, toen ik beslist had een en ander af te bouwen, kreeg ik de vraag om een lessenreeks uit te werken over het leven van Clara. Ik nam de opdracht toch aan. In de loop van dat werk merkte ik dat de brieven van Clara me persoonlijk zo sterk aangrepen, dat ik er niet meer van los kon. In één van die brieven schrijft ze: ‘Wanneer iemand die naakt is, vecht met iemand die kleren aanheeft, wint de naakte. De geklede tegenstander heeft immers allerlei waaraan de naakte zich kan vastgrijpen om hem te vloeren.’ Ik ging naar Assisi, naar San Damiano, waar Clara leefde en was onder de indruk van de soberheid die haar religieus leven uitademde. Als mensen zoveel kunnen achterlaten, moet er Iets of Iemand zijn die hun leven vol maakt. Ik zag opeens waaraan ik me allemaal vasthield, waarmee ik me had ingedekt om íemand te zijn : ik had een diploma godsdienstwetenschappen en een van toegepaste theologie, ik had publicaties op mijn naam, een goed gespijsde bankrekening. Ineens vroeg ik me af of het dáár wel om ging. Heel mijn leven, mijn rationele benadering van de godsdienst, mijn werk, werden in vraag gesteld. Dat was zo sterk dat ik ervan in paniek raakte. ‘Ik geen non hé’, was mijn reactie. Ik probeerde de gedachte uit mijn hoofd te bannen en ging me lekker materialistisch uitleven. Ik kocht een nieuwe auto en installeerde me op een knus appartementje. Maar die drang naar verdieping ging niet over en telkens wanneer ik hier kwam, voelde ik de zuigkracht. Zes jaar heb ik godsdienst gestudeerd, maar nooit ben ik God op het spoor gekomen. Nu is die religiositeit waarnaar ik zocht, gezakt, van mijn hoofd naar mijn buik.’ Geloven heeft een andere inhoud gekregen. Of liever : het is een grote lege plek geworden. ‘Het is proberen van binnenuit te leven en op het spoor te komen van wat er met je leven bedoeld wordt. Het is een proces dat vooral te maken heeft met loslaten. Hoe verder ik daarin ga, hoe minder ik het weet, maar dit is wel de weg die mij voedsel geeft.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3181   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Latijns-Amerika & ecologie
    Alma De Walsche schrijft over ecologische thema’s, van klimaat- en energiebeleid, over landbouw- en voedsel tot transitie-initiatieven en baanbrekers. Ze volgt al enkele decennia Latijns-Amerika, met een speciale focus op de Andeslanden.