INDIA SPECIAL. Gewapende opstand in de Rode Corridor

De deelstaten met veel natuurlijke rijkdommen hebben toevallig ook een grote inheemse bevolking. Die inheemsen profiteren niet mee van de winsten van de grondstoffenindustrie. Tegen die realiteit komen de naxalieten in opstand, een “leger” van tienduizenden ondergrondse strijders, militieleden en sympathisanten.

  • Gie Goris Die inheemsen profiteren niet mee van de winsten van de grondstoffenindustrie. Gie Goris

De straten van het centrum in Ranchi zijn zo goed als verlaten, maar de hoofdstad van Jharkhand tintelt van verwachting. Het is begin april en dus wordt het nieuwe jaar gevierd door de adivasis –zoals de tribale volkeren zich met een verzamelnaam noemen. Het is een eind in de namiddag wanneer de optocht van een eindeloze stroom rijdende disco’s en dansende mannen en vrouwen op gang komt. Het lijkt alsof alle luidsprekers van de stad opgeëist zijn om sarhul –letterlijk: een boeket bloemen– met een maximale dosis decibels luister bij te zetten.

Deelnemers en toeschouwers worden met kleurrijk poeder bestrooid en enkele adivasis hebben zichzelf blijkbaar besproeid met een stevige dosis alcohol. De Times of India publiceert ’s anderendaags een stuk waarin volksvertegenwoordiger Ramesh Singh Munda moppert over het lawaai, de “westerse” muziek, de onnodige drukte in de stad en het feit dat de hele optocht een uitvinding is van de christelijke missionarissen, ‘terwijl sarhul in wezen een ingetogen, vroom feest is’.

De vele duizenden feestvierders laten het niet aan hun hart komen. Het duurt misschien maar één dag, maar vandaag is de stad van de Orao, Munda, Santal, Ho, Kuria en andere adivasis die samen iets meer dan een kwart van de bevolking van Jharkhand uitmaken. In het deelstaatparlement zijn 28 van de 81 zetels gereserveerd voor adivasis en veertien van de 22 districten in Jharkhand staan geboekstaafd als tribal areas onder de Indiase grondwet. Dat laatste levert in principe een resem beschermende en ondersteunende maatregelen op voor tribale gemeenschappen, maar in de realiteit merken de adivasis daar bitter weinig van.

De rode corridor

Gumla district is een landelijke uithoek van Jharkhand, aan de grens met Chhattisgarh, een deelstaat die net als Jharkhand opgericht werd in 2000. De voormiddag is al stevig opgewarmd als we arriveren in Kheodtanr –een handvol huizen, een pastorie en twee scholen. De koeien grazen zich een weg door het struikgewas, de laatste leerlingen van de dorpsschool zijn al rond half elf naar huis gestuurd en ergens klinkt het regelmatige geklop van een boer die zijn houten ploeg klaarmaakt voor het nieuwe rijstseizoen dat er straks aankomt, als de moesson arriveert.

Een eenvoudig maal staat op tafel en de rijstwijn proeft zachter dan hij riekt. De velden worden donkergroen afgezoomd met bomen die doorlopen in dichtbegroeid woud. Daar woont de opstand die premier Manmohan Singh al meermaals beschreef als de grootste bedreiging van wet en orde die India in zestig jaar onafhankelijkheid gekend heeft. Ook de kronkelende weg die van de hoofdweg naar Keondtanr leidt, maakt alleen bij daglicht deel uit van India. Na zonsondergang worden deze dorpen, velden en wouden naxalitisch territorium.

De naxalieten zijn maoïstische opstandelingen die anno 2008 grotendeels opereren onder de naam en het gezag van de Communist Party of India (Maoist). De naam ontlenen de opstandelingen aan een spontane revolte tegen grondbezitters in de streek van Naxalbari, bij Darjeeling, in 1976. Een “leger” van zowat 10.000 ondergrondse strijders, 50.000 militieleden en een moeilijk in te schatten aantal sympathisanten is actief in veertien deelstaten, met als kern een Rode Corridor die loopt van Bihar over Jharkhand, Orissa en Chhattisgarh tot Andra Pradesh.

‘In 165 van de 602 Indiase districten zijn naxalieten actief –dat is bijna dertig procent van het grondgebied’, schrijft Sudeep Chakravati in het pas verschenen boek Red Sun. Travels in Naxalite Country. Minister van Binnenlandse Zaken Shivraj Patil repliceerde midden maart met zijn eigen rekenkunde. Volgens hem zijn er weliswaar 180 districten waar de naxalieten actief zijn, maar blijft het feitelijke geweld beperkt tot 14.000 dorpen, op een totaal van 6.500.000 in heel India.

‘Tegen de basisprincipes van de naxalieten is niet veel in te brengen’, zegt Ignatius Tirkey, een jonge jezuïet die in Keondtanr woont. ‘De armoede en de uitzichtloosheid die deze regio regeren, schreeuwen om een ingrijpend antwoord.’ Over de concrete methodes van de CPI (Maoist) heeft Tirkey zijn bedenkingen.

‘Wat begon als het afpersen en beroven van de rijken heeft zich intussen ontwikkeld tot een gewoonte die vooral dient om de eigen organisatie draaiende te houden. Dat politiek banditisme trekt wel veel jonge mensen aan, maar het vergroot de problemen van de mensen veeleer dan ze op te lossen.’ Verschillende gesprekspartners bevestigen dat naxalieten steeds meer ontwikkelingsprojecten tegenhouden, bijvoorbeeld de herstelling van een dam waardoor duizenden boeren zonder irrigatie komen te zitten, of de bouw van een weg of een school waarvan ze vrezen dat het leger die kan gebruiken.

de aderlating van een deelstaat

‘De problemen van de mensen kan je samenvatten in één woord’, zegt activist en documentairemaker Meghnath in een kamertje aan de buitenrand van Ranchi, de hoofdstad van Jharkhand. Dat woord is ontwikkeling. Hij toont een docu die hij een paar jaar terug inblikte: Development flows from the barrel of the gun, een cynische knipoog naar de beroemde uitspraak van Mao Zedong dat macht uit de loop van het geweer komt. Aan de hand van vijf voorbeelden uit verschillende deelstaten toont de film het geweld dat de staat gebruikt om grootschalige energie- en industrialiseringsprojecten op te dringen.

Ook Manoj Prased, hoofdredacteur van de lokale editie van de krant The Indian Express, hamert op de verwoestende effecten van ontwikkeling-van-bovenaf. ‘Het punt is niet dat de tribale regio over het hoofd gezien is bij de veranderingen in India. Het is dat die veranderingen hier een negatief resultaat opleveren.’

Jharkhand en de andere staten van de Rode Corridor combineren twee cruciale kenmerken. Ze hebben een grote tribale bevolking én ze herbergen de meeste natuurlijke rijkdommen van India. Meer dan dertig procent van de Indiase productie aan kolen, ijzererts en kopererts, negentig procent van het pyriet en bijna zestig procent van het grafiet komt uit de ondergrond van Jharkhand. De adivasis wonen heel vaak in de bossen die bovenop die rijkdommen groeien. Dat betekent meteen dat mijnbouw een grote impact heeft op de levens van duizenden adivasis. Zij moeten verhuizen, in veel gevallen zonder duidelijk hervestigingsbeleid en niet zelden zonder compensatie.

De overheid schat dat er sinds de onafhankelijkheid al zo’n anderhalf miljoen mensen in Jharkhand moesten verhuizen voor “ontwikkelingsprojecten” en dat ongeveer veertig procent van het oorspronkelijke tribale grondgebied onteigend werd. In het sociaal actiecentrum Bagaicha, Ranchi, vertelt Stan Lourdesamy dat mensen in een aantal gevallen wel compensatie kregen voor hun grond, a rato van 30.000 roepie (491 euro) per acre (0,4 hectare). ‘Voor wie moet leven met een inkomen van twaalf roepie (twintig eurocent) per dag per persoon is dat een onweerstaanbaar pak geld. Voor de mijnbedrijven is het een habbekrats, de waarde van één vrachtwagen kolen.’

‘Op dit moment zijn de adivasis niet uitgerust om met de mijnbedrijven te onderhandelen over betere voorwaarden, en ze zijn onvoldoende geschoold om te profiteren van de tewerkstelling die deze bedrijven creëren’, zegt Manoj Prased. Daarom moet er volgens hem –en volgens heel wat andere verdedigers van de rechten van de adivasis, waaronder ook de naxalieten– een moratorium komen op nieuwe projecten. Prased: ‘De mineralen zijn nog zeker duizend jaar waardevol voor de economie, waarom zouden we nu geen vijf of tien jaar kunnen wachten zodat de adivasis zich degelijk kunnen voorbereiden op de veranderingen in levensstijl en economie?’

Maar de spectaculaire stijging van de grondstoffenprijzen zorgt juist voor toegenomen interesse bij de Indiase en buitenlandse mijnbedrijven. Zij willen liefst nu meteen meeprofiteren van de opportuniteiten op de wereldmarkt. Eventueel willen ze zelfs beloven dat de grond bij het beëindigen van de exploitatie in zijn oorspronkelijke staat hersteld wordt –en dat is geen klein bier, want de meerderheid van de tientallen mijnen in Jharkhand zijn openluchtmijnen. Maar de adivasis hebben tot hun schade en schande geleerd dat beloftes voor later goedkoop zijn. Ze willen nu, eindelijk, een stem en betere voorwaarden.

waardigheid is het antwoord

‘Als de overheid de naxalitische opstand wil bestrijden, moet ze dat niet doen door burgermilities op te richten en te bewapenen –zoals in buurstaat Chhattisgarh– maar door een alternatief ontwikkelingsmodel uit te proberen. In plaats van uit te gaan van de behoeften van enkele grote bedrijven, moet men luisteren naar de noden, verwachtingen en plannen van de mensen zelf.’ Salkan Murmu praat gepassioneerd over de enorme uitdagingen waar de Indiase politiek voor staat. Hij woont in Jamshedpur, de miljoenenstad die groeide rond Tata Iron & Steel Company, het bedrijf dat in 1906 door Jamshed Ji Tata gesticht werd en recent Jaguar, Land Rover en staalreus Corus opkocht.

Salkhan Murmu pikt me op aan de bushalte en laat zijn chauffeur met de witte 4x4 door het stadspark rijden, een door Tata aangelegde groene oase die Britse netheid koppelt aan Indiase kleuren en geuren. Murmu werkte ooit nog voor Tata Steel, in het departement gemeenschapsontwikkeling –dat hij nu omschrijft als een kruising tussen goedkope public relations and noodzakelijk inlichtingenwerk om te weten wat er in de dorpen en onder het werkvolk zoal broedt.

Daarna stapte hij in de politiek en was tweemaal volksvertegenwoordiger voor de hindoenationalistische partij BJP, maar ook daarmee kapte hij omdat hij vanuit een mainstream politieke partij zo goed als niets kon realiseren voor zijn adivasi-kiezers. Met zijn nieuwe partij, de Jharkhand Disom Party, wil hij vooral werk maken van de grondwettelijke rechten van adivasis.

Terwijl zijn vrouw heerlijk fris limoensap opdient in het schaduwrijke voortuintje, houdt Murmu een lange uiteenzetting over ‘de ontwrichtende ontwikkelingspolitiek van de overheid en het groeiende verzet bij de inheemse bevolking’. Murmu wil dat verzet langs parlementaire weg kanaliseren, maar hij ziet dat de marginalisering van kleine boeren en woudbewoners ook een breed draagvlak creëert voor de naxalieten. ‘In Jharkhand is men er de voorbije dertig jaar niet eens in geslaagd verkiezingen te organiseren voor de lokale besturen –panchayats– laat staan dat Delhi rekening wil houden met de economische voorstellen van de plattelandsbewoners.’

De afwezigheid van de staat in de dorpen wordt ingevuld door de naxalieten. In de afgelegen gebieden is de CPI(Maoist) vaak de enige georganiseerde externe aanwezigheid –samen met de Rashtriya Swayamsevak Sangh (RSS), de hindoenationalistische massaorganisatie. Die heeft in India intussen zo’n 30.000 scholen voor adivasis en biedt basisonderwijs aan in de tribale taal, wat de christelijke scholen afwijzen. Terwijl de naxalieten de bevolking mobiliseren tegen wat zij de interne kolonisatie noemen –een beleid dat vanuit Delhi gestuurd wordt en ten goede komt aan rijke industriëlen van buiten de regio– probeert de RSS de adivasis weg te houden van de christelijke missionarissen en hun anti-kaste verhaal, dat beschouwd wordt als een aanval op het hindoeïsme zelf.

Ramdayal Munda, voormalig vice-rector van Ranchi University en bezieler van de Indian Confederation of Indigenous Peoples, vreest dat de ideologische drijfveren van zowel naxalieten, hindoenationalisten als missionarissen alleen maar tot meer verdeeldheid binnen de adivasi gemeenschappen leidt, en eens te meer tot het ontkennen van de culturele en religieuze eigenheden van de inheemse volkeren. Voor hem volstaat een discussie over eigendom en economie dan ook niet –hoe belangrijk ze ook is– maar moet er ook werk gemaakt worden van culturele heropbouw.

‘De armen hebben een afhankelijkheidscomplex ontwikkeld. Inheemsen moeten daarom niet enkel technisch en politiek geschoold worden, ze moeten ook opnieuw aanknopen bij de tribale cultuur. Dat zou het excessieve alcoholgebruik, de corruptie en het geweld sterk doen verminderen.’ Waardigheid als antwoord op armoede, het is een spoor dat in Delhi te weinig bewandeld wordt volgens veel mensen in Jharkhand.

“Ontwikkeling” in naam van al de mijnen

  • * De formele mijnindustrie stelt in heel India slechts 560.000 mensen te werk. Tussen 1991 en 2004 kromp die tewerkstelling met dertig procent, terwijl de waarde van de mineraalproductie vervierdubbelde.
  • De waarde van alle mineralen die opgedolven werden in Jharkhand liep in het jaar 2004-2005 op tot 57,6 miljard roepie (870 miljoen euro)
  • Minder dan de helft van de bevolking van Jharkhand heeft toegang tot zuiver drinkwater. De helft van de bevolking kan lezen en schrijven. En er zijn slechts 817 scholen per miljoen inwoners.
  • Steenkool zorgt voor bijna 93 procent van de overheidsinkomsten uit mijnbouw in Jharkhand. Jaarlijks wordt bijna tachtig miljoen ton kolen bovengehaald in Jharkhand. Het staatsbedrijf Coal India Limited runt onder andere 69 steenkoolmijnen in de deelstaat.
  • Tussen 1950 en 1995 moesten 1.049.640 mensen verhuizen om plaats te maken voor koolmijnen in Jharkhand.
  • Sinds 2000 tekende de regering van Jharkand 524 overeenkomsten voor de exploitatie van de belangrijkste mineralen  –waarvan 206 voor koolmijnen– goed voor 220.000 hectaren “verhuurd land”. Daarnaast zijn er 2717 concessies voor mindere mineralen, goed voor 8426 hectaren.
  • De mijnbouw zorgt voor een spectaculaire terugval van de bosoppervlakte in Jharkhand. In het district Dhanbad bijvoorbeeld zijn al decennialang mijnactiviteiten aan de gang. Oorspronkelijk was 65 procent van het district bos, nu nog 0,05 procent. In hetzelfde district is de hele stad Jharia bedreigd door de gevolgen van verwaarloosde mijnbranden, waarbij volgens schattingen van 1992 al 37 MT kolen verloren gingen. Volgens een plan moeten minstens 65.000 huizen verdwijnen.
  • Volgens de Indiase milieubeweging Center for Science and Environment zijn er 45 actiegroepen en -bewegingen actief in Jharkhand tegen bestaande en geplande mijnbouwprojecten.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2623   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur