Indiase reactie op aanslagen Mumbai “draconisch”

Het Indiase parlement heeft twee wetsontwerpen goedgekeurd die de rechten en vrijheden in het land te sterk inperken. Dat vinden mensenrechtenorganisaties. De regering liet de teksten op een drafje goedkeuren na de aanslagen van eind november in Mumbai.
De nieuwe wetten worden van kracht als de Indiase president, Pratibha Patil, ze ondertekent. Mensenrechtenorganisaties hebben haar opgeroepen dat niet te doen. Ook in verscheidene deelstaten groeit er verzet.
De National Investigation Agency (NIA) Act wil een nieuwe politiedienst opzetten die onder meer terroristische aanslagen kan onderzoeken zonder dat daarvoor toestemming van een deelstaat nodig is. Ordehandhaving is een bevoegdheid van de deelstaten in India, en de critici vinden dat de nieuwe instelling dat principe ondergraaft. Er komt logischerwijze tegenwerking uit de deelstaten en van regionale partijen. De NIA zou ook links extremisme en misdrijven in verband met de atoomsector, massavernietigingswapens en lucht- en zeetransport kunnen onderzoeken. 

Brede definitie


Nog meer tegenstand roept de Unlawful Activities Prevention Amendment (UAPA) Act op. Die voert een veel bredere definitie van het begrip terrorisme in.
Alle acties die de eenheid, soevereiniteit en veiligheid van het land bedreigen of zelfs “waarschijnlijk” in het gedrang brengen, vallen nu onder de kwalificatie, net als misdrijven die verband houden met radioactieve stoffen en de ontvoering van alle functionarissen die opgelijst worden door de regering.
Het wetsontwerp hertekent ook de procedures voor de berechting van verdachten die van terrorisme beschuldigd worden, en laat toe verdachten voor 180 dagen preventief vast te houden, al kan de rechtbank die periode tot 90 dagen beperken. De tekst ontneemt buitenlanders ook de mogelijkheid om op borgtocht vrij te komen en draait in een aantal gevallen – bijvoorbeeld als verdachten wapens in hun bezit hebben - de bewijslast om.

Politiestaat


Mensenrechtenorganisaties noemen de wetsontwerpen draconisch en vinden dat ze veel te ver gaan gelet op wat er echt nodig is om het terrorisme aan te pakken. “De UAPA Act maakt van India een politiestaat”, zegt Colin Gonsalves, de directeur van het Human Rights Law Network in New Delhi. “De tekst herneemt in grote lijnen de Prevention of Terrorism Act (POTA) uit 2002”.
De POTA werd na een vroegere episode van terroristische aanslagen selectief misbruikt tegen de moslimminderheid in India. De wet werd ook ingeroepen tegen daders van misdrijven die niets met terrorisme te maken hebben.
De huidige regering schafte de POTA af toen ze in 2004 aan de macht kwam. Ze voerde wel strengere straffen in voor terroristen en hun handlangers, gaf de politie meer speelruimte en maakte het mogelijk verdachten 90 dagen lang vast te houden zonder aanklacht.
Maar dat was niet voldoende voor de voorstanders van de harde aanpak. De Bharatiya Janata Party, de grootste en conservatieve oppositiepartij, wilde altijd terugkeren naar de POTA. De regerende United Progressive Alliance en de overige linkse en centrumpartijen in het parlement hielden het been altijd stijf, maar de aanslagen in Mumbai hebben dat verzet blijkbaar gebroken. Commentatoren denken dat de regeringspartijen willen vermijden dat de BJP bij de verkiezingen van mei volgend jaar makkelijk kan scoren.
Tegenstanders zijn ook boos over de snelheid waarmee het parlement de wetsontwerpen heeft goedgekeurd. Een echt debat was daardoor niet mogelijk. De snelheid staat in contrast met het tijdverlies in andere belangrijke zaken. De regering beloofde bijvoorbeeld al vijf jaar geleden een wet op te stellen die geweld en haatmisdaden tegen specifieke religieuze groepen bestraft. Critici vrezen dat de gang van zaken de grote moslimminderheid in het land nog verder zal vervreemden.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3196   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift