Internationale richtlijnen over landrechten: 'De eerste stap is gezet'

Afgelopen vrijdag 11 mei werden de Voluntary Guidelines on the Governance of Tenure of Land, Fisheries and Forests in the context of National Food Security definitief goedgekeurd. Deze mondiale richtlijnen gaan de geschiedenis in als de eerste internationale overeenkomst rond het beheer van rechten omtrent land, visserij en bosbouw. Vice Versa sprak met Thea Hilhorst over het belang en effect van de richtlijnen.

  • CC IRRI Images Een boer in Madagaskar. De discussie over landgrabbing startte in 2008, toen het Koreaanse bedrijf Daewoo grote stukken land in Madagaskar had gekocht. Vorige vrijdag werden internationale afspraken rond grondeigendom ondertekend. CC IRRI Images

Landrechten en rechten ten aanzien van visserij en bosbouw zijn van groeiend belang in de huidige globaliserende wereld. Verandering in eigendoms- en gebruiksrechten van land en natuurlijke hulpbronnen leiden in toenemende mate tot conflicten en mondiale ongelijkheid. Zorgwekkende ontwikkelingen, die een rechtvaardige en duurzame ontwikkeling in de weg staan en de mondiale voedselzekerheid bedreigen.

Het publieke debat omtrent eigendomsrecht laaide in 2008 op toen The Economist berichtte dat Daewoo een groot stuk grond in Madagaskar had gekocht. Sindsdien is de zogenaamde Large Scale Land Acquisitions (LSLA) door bedrijven uit welvarende landen op zoek naar nieuw grondgebied in het zuidelijk halfrond, een belangrijk punt van discussie. Omdat lokale overheden in ontwikkelingslanden vaak niet over de juiste capaciteiten beschikken om de tegenstrijdige belangen over eigendom te behartigen, gaat dit vaak ten koste van lokaal belang.

Met het oog op deze groeiende problematiek initieerde de VN Food and Agricultural Organization (FAO) en haar partners de ontwikkeling van de zogenaamde Voluntary Guidelines (VG) over verantwoordelijk beheer van eigendomsrechten. De richtlijnen zijn bedoeld als leidraad voor het verbeteren van rechten ten aanzien van land, visserij en bosbouw met het overkoepelende streven voedselzekerheid voor iedereen te garanderen.

De mondiale richtlijnen zijn over een beloop van drie jaar ontwikkeld onder leiding van het Comité voor World Food Security (CFS). Dit comité deed dat in overleg en onderhandeling met 96 lidstaten, met het maatschappelijk middenveld, VN agentschappen, en diverse internationale organisaties, landbouwverenigingen en vertegenwoordigers van de private sector.

Tijdens de 38ste speciale bijeenkomst van het CFS, die afgelopen vrijdag plaatsvond in Rome, besloot het CFS over de goedkeuring van de richtlijnen. Vice Versa vroeg Thea Hilhorst, hoogleraar humanitaire hulp en wederopbouw aan de Universiteit van Wageningen, naar haar opinie omtrent het belang en effect van de goedkeuring van deze mondiale richtlijnen. 

Waarom zijn de Voluntary Guidelines juist nu belangrijk?

Thea Hilhorst: ‘De Voluntary Guidelines zijn juist nu van belang in verband met de discussie rondom Large Scale Land Acquisitions omdat de richtlijnen een minimum standaard vormen waarop bijvoorbeeld bedrijven verder kunnen bouwen.

De richtlijnen zijn echter veel breder en bouwen voort op het right-to-food proces. Deze brede blik is van belang, omdat onzekerheid over rechten op land, op natuurlijke hulpbronnen en op eigendom van grond in stedelijke gebieden wijdverspreid is. Bovendien neemt deze onzekerheid toe onder druk van bijvoorbeeld de stijging van de waarde van en speculatie over land, de bevolkingsgroei, het onvermogen van bestaande instituties om de veranderingen bij te benen en de groeiende corruptie.

Eigendom over land en natuurlijke hulpbronnen gaat deels over rechten en middelen van bestaan, maar ook over culturele identiteit. Een ongunstig gevolg van de onzekerheid over eigendomsrecht is dat de wil om te investeren in productie kan verminderen, wat weer gevolgen heeft voor voedselzekerheid.

Daarnaast is de positie van vrouwen, herders en migranten vaak precair en belemmert de onzekerheid over landrechten ook de mogelijkheden tot bijvoorbeeld pacht, wat nadelig is voor landlozen. Bovendien is landadministratie één van de meest corrupte sectoren: men betaalt immers graag voor een ‘illegale titel’. Het gevolg is onzekerheid, wat consequenties heeft voor de economische ontwikkelingen, het investeringsklimaat en kan leiden tot conflict.’

Wat vindt u van het proces waarop de richtlijnen tot stand zijn gekomen? 

Thea Hilhorst: ‘Ik vind dit VG-proces heel bemoedigend, en meer in het algemeen de discussie over LSLA. De snelheid waarmee, in een periode van nauwelijks drie jaar, op mondiaal niveau afspraken zijn gemaakt over minimale richtlijnen is bijzonder. Ook het inzicht in de processen, de kansen en de risico’s is sterk toegenomen.

In de ontwikkeling van dit dossier hebben multilaterale organisaties – zoals FAO, International Fund for Agricultural Development, Wereld Bank, UN habitat, Afrikaanse Unie, United Nations Conference on Trade and Development – een belangrijke rol gespeeld en is er ook goed samengewerkt met het internationale middenveld en bedrijven. Ook Nederland is, samen met andere Europese landen, heel actief geweest vanuit het Ministere van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie.

Er zijn belangrijke kwaliteitsslagen gemaakt mede dankzij middenveldorganisaties. Het proces was niet eenvoudig. Drie rondes van onderhandelingen zijn nodig geweest om over de tekst tot een overeenstemming te komen. Het was ook niet zeker dat het zou lukken, want de tegenstellingen waren groot.’ 

Wat verwacht u van het effect van de richtlijnen? 

Thea Hilhorst: ‘De eerste stap is gezet en dit is een goed begin. Deze richtlijnen zijn vrijwillig, maar wel in lijn met internationale kaders en daarmee coherent. In landen waar politieke wil ontbreekt, zullen de Voluntary Guidelines geen verschil maken en zal er een beroep moeten worden gedaan op andere internationale afspraken.

In landen waar politieke wil wel aanwezig is bieden de richtlijnen een kader waaruit men kan werken om landrechten zekerder te maken voor iedereen, op een rechtvaardige manier. Het is aan private partijen – bedrijven en maatschappelijke organisaties – om dit te blijven benadrukken in dialoog met overheden die hebben ondertekend en te streven naar implementatie.’

Dit artikel verscheen eerder op viceversaonline.nl

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2745   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift