Interview met Felix Cardenas, Boliviaans viceminister van dekolonisatie

"Niet de huidskleur van de ander, wel de kleur van de lucht die je inademt".

Felix Cardenas is een geboren leidersfiguur die zijn sporen verdiend heeft in de sociale strijd in Bolivia. In de regering van Evo Morales is hij viceminister van dekolonisatie.  Onlangs bracht hij een kort bezoek aan België, op de terugweg van Genève. MO* sprak met hem over de Boliviaanse revolutie, de lithiumvoorraden en Bolivia’s koppig verzet in Cancún.

  • MO* Felix Cardenas MO*

In 1991 bezocht Cardenas België voor het eerst, in een campagne van Broederlijk Delen over 500 jaar onafhankelijkheid van Latijns-Amerika. Cardenas: ‘Ik herinner me nog het interview dat je toen afnam. De titel die je bij dat interview plaatste was: “We zijn als een bloem die tot bloei komt na een lange winter”. Dat was de uitdrukking van onze hoop. De hoop dat we ons op een bepaald moment zouden realiseren dat wij, inheemsen, de meerderheid zijn in Bolivia en als groep de verantwoordelijkheid moeten opnemen om een heel nieuw soort politiek vorm te geven. Nu, twintig jaar later, sta ik hier opnieuw en is die droom in ons land werkelijkheid geworden. Terwijl de Berlijnse Muur is gevallen en het socialisme is ingestort, zijn in Bolivia, in Ecuador en op vele andere plaatsen in de wereld de inheemsen zich bewust geworden hun rol in de geschiedenis.

U bent viceminister van dekolonisatie. Waar staat dit voor, anno 2011?

Landen als Bolivia, Peru en Ecuador zijn gesticht zijn in functie van het kolonialisme, met een politiek die er specifiek op gericht is de inheemsen te elimineren en als dat niet lukt, hen op zijn minst te temmen en te incorporeren in het bestaande nationale staatsmodel. Een rechtse president verdrijven en vervangen door een linkse lost totaal niets op. Het is het staatsmodel zelf, de institutionele structuren die koloniaal zijn: de godsdienst, het onderwijs, de wetgeving, de economische structuren, het leger. En die koloniale uitgangspunten reproduceren zich constant langs twee assen: racisme en paternalisme. Het racisme gaat niet over de houding van een persoon ten aanzien van de ander omwille van de huidskleur. Dat is een gevolg. De wortels zitten in de staatsstructuren die racisme uitstralen en verspreiden. Ook het paternalisme: dat gaat niet over de strijd van de vrouwen tegen de mannen maar wel over het gegeven dat de staat in zijn essentie patriarchaal is in zijn samenstelling. Die opstelling is binnengedrongen tot in de structuur van de familie zelf, de man die eigenaar is van de vrouw, de kinderen, de bezittingen. Daarom dat onze nieuwe grondwet stelt dat het onmogelijk is om een plurinationale staat op te bouwen zonder een diepgaand proces van dekolonisatie: het ontmantelen van die koloniale structuren.

Recent werd er in Bolivia een antiracismewet voorgesteld, die heel wat reacties heeft losgeweekt.

Racisme wordt in Bolivia als iets normaals beschouwd: het recht van blanken om zich racistisch te gedragen tegenover inheemsen. Ze handelen alsof ze een speciale macht hebben over de indianen, om hen te slaan, af te snauwen, te verkrachten of in het gezicht te spuwen. Onder Evo Morales als president is dit toegenomen omdat sommigen niet aanvaarden dat een indiaan president is. Ze veranderen die houding niet, zo lang die niet is opgenomen in de grondwet van de staat. We hebben echt een open racisme gezien, vooral op plaatsen waar de oligarchie haar bedrijven heeft: Santa Cruz, Beni, Pando, Tarija. In hun perceptie genereert Evo Morales confrontatie. Volgens hen leefde iedereen heel rustig, tot Morales aan de macht kwam. Natuurlijk, omdat men het racisme aanvaard had. Vandaag zijn we aan de macht gekomen en nemen we die oude orde niet meer. Ook de indiaanse huishoudster aanvaardt niet meer dat de vrouw des huizes haar verwijten naar het hoofd slingert. De indianen laten niet langer toe dat ze in de straat gestampt en getrapt worden. Dat heeft te maken met het behoud van waardigheid. En ja, dat lokt confrontaties uit, zoals in 2008 in El Porvenir en in Sucre. We zijn er ons bewust van geworden dat wij ook rechten hebben en we willen dat in een wet verankeren.

Ook in de internationale pers heeft die wet heel wat aandacht gekregen.

Sommige media reageren heftig en zeggen: “Een antiracisme wet is een aanslag op de vrije meningsuiting”. Maar de mensen hebben daarop geantwoord: “We hebben recht op informatie, en recht op het kennen van de waarheid, maar we willen geen manipulatie van die informatie.” Er is dus een hele discussie. Ik ben precies daarvoor naar Genève geweest. De Hoge Commissaris voor de Mensenrechten Pillay was is Bolivia in november om een onderzoek ter plaatse te doen. We hebben haar alle opportuniteiten gegeven om zich goed te informeren. In Bolivia zei ze heel duidelijk: de communicatiemedia kunnen geen dekmantel zijn om racisme toe te laten in de samenleving. Maar terug hier in Genève, zegt ze dat de wet een aanslag is op de vrije meningsuiting. Haar rapport is geen neerslag van haar bevindingen in Bolivia. Op die manier levert ze een platform aan de rechtse oppositie in naam van de mensenrechten, en dat aanvaarden we niet. Het gerecht vervolgt vandaag wel enkele gouverneurs voor corruptie in het verleden. Maar dat is geen politieke vervolging; dat gaat om mensen die gestolen hebben. En die moeten berecht worden. Ik ben nu ook hier in Brussel om hierover te spreken met mensen in het Europees Parlement. Gisteren ontmoetten we ook de zoon van Patrice Lumumba, die voor ons een symbool is van antikolonialisme.

Sommigen vrezen dat in het streven naar dekolonisatie alle Westerse instellingen, ngo’s of bedrijven het land uitgezet zullen worden.

Daar gaat het ons niet om. Het gaat erom rechtvaardige en evenwichtige relaties op te bouwen. Wij hebben in ons land internationale petroleumbedrijven die daar opereren. Maar de relaties waren totaal onevenwichtig. Van de 100 vaten die ze uit de grond haalden, namen ze er 86 mee en 14 gaven ze aan Bolivia. Vandaag is die verhouding precies omgekeerd: 86 blijft voor Bolivia, 14 is voor hen. En zelfs dan nog strijken ze hoge winsten op. Dat is de stijl van nationalisatie van Evo Morales. Morales is duidelijk daarover: “ wij willen geen patroons, we willen vennoten.” Als iemand in Bolivia wil investeren, heeft hij een hele wetgeving en alle garanties ter beschikking die zijn investeringen beschermen. Geen enkel bedrijf heeft door de nationalisatie zijn bezittingen verloren. Maar het is evenmin rechtvaardig dat de natuurlijke rijkdommen niet vergoed zouden worden en dat het buitenlands bedrijf alle rijkdom zomaar het land uitvoert. Het gaat ook helemaal niet om wraaknemingen. Het gaat om het opbouwen van gelijkwaardige relaties.

Op dit moment trekken vooral Bolivia’s lithiumvoorraden de aandacht. Jullie willen die zelf ontginnen. Is dat realistisch?

Waarom Bolivia zo alleen bleef in Cancún? Iemand moet toch de waardigheid behouden. In die zin zijn we er ook fier op dat we die waardigheid overeind gehouden hebben. Moeder Aarde en het Kapitalisme zijn niet verzoenbaar.

 

Bolivia beschikt over de tweede grootste voorraden in de wereld en we weten dat dit in de toekomst een heel belangrijke bron kan zijn voor onze economie. We kunnen vennoten zoeken om samen het lithium te exploiteren. Maar het beste zou zijn dat die vennoten ons ook toegang geven tot de technologie. Technologieoverdracht is heel belangrijk voor ons. Bolivia is altijd het land geweest van de grondstoffen. We verkopen onze petroleum aan 23 dollar (voor een vat) maar we kopen die terug als benzine en diesel aan 90 dollar of meer, aan de internationale marktprijs van dat ogenblik. En zo’n structuren doen onze economie doodbloeden. Met het lithium willen we dat vermijden. We zouden die voorraden heel graag zien als een buffer om ons economische zekerheid te verschaffen. Welke vorm het dus precies zal worden, is nog niet duidelijk, maar het moet wel anders dan vroeger.

Mijnbouw blijft heel belangrijk voor Bolivia. Tegelijk betekent dit een aanslag op het milieu. Steeds meer bekritiseren inheemse groepen in Bolivia en in Ecuador- waar de grondwet het heeft over de Rechten van Moeder Aarde- die mijnbouweconomie.

President Evo Morales is de eerste die de wereld ervan probeert te overtuigen dat je de Planeet Aarde moet beschermen. Maar men kan ook geen ecologische fundamentalist zijn. Je hebt ecologisten die een heel comfortabel leven leiden en luid roepen “draag zorg voor de natuur”. Maar ze leven niet in de armoede, marginalisering en achterstelling waarin vele indiaanse gemeenschappen leven. Wij hebben ontwikkeling nodig en zoeken naar duurzame vormen van ontwikkeling.

En er is nog iets. De wereld vandaag is veranderd. In de jaren zestig en zeventig streed men voor een vorm van socialisme, met de arbeidersklasse in de hoofdrol. Dat model van die socialistische samenleving bestaat vandaag niet meer als horizon. Ook haar “voorhoede” heeft opgehouden te bestaan. Er zijn nog wel arbeiders, maar niet meer als “klasse”. Die arbeiders zijn ook niet meer geïnspireerd door een specifieke ideologie. Het paradigma vandaag is Planeet Aarde, Moeder Aarde. De hoofdrol hierbij wordt gespeeld door de inheemse volkeren en boerenbewegingen. En dat is de voorhoede van een heel ander proces. De inheemse boerenbeweging van Bolivia heeft die boodschap heel goed begrepen. Zij voelen zich verantwoordelijk voor dit proces en veel van hun eigen eisen moeten ze voorlopig opbergen, in naam van het proces in zijn ruimer geheel. Ze willen daarbij een echt ander ontwikkelingsmodel, maar zonder ecologisch fundamentalisme want onze kinderen willen onderwijs, gezondheidszorg, een toekomst zonder armoede. Het is zoeken naar rationele vormen van exploitatie van de natuurlijke rijkdommen, zowel de petroleum als de mijnbouw. Het gaat er niet om nu alle mijnen te sluiten en alle putten dicht te gooien, en dan geen eten meer te hebben. Dat is ecologisch fundamentalisme. We zien ook dat de rechtse oppositie in Bolivia, die altijd hun zakken gevuld hebben met de ontginning van de natuurlijke rijkdommen, vandaag zegt : “je moet zorg dragen voor Moeder Aarde”.

De sociale noden krijgen voorrang.

In tegenstelling tot vroeger krijgen vandaag de gezinnen een soort van kinderbijslag, is er een pensioen voor de ouderen, voor alleenstaande moeders. Vroeger verdween dat geld naar de privérekeningen van wie de macht in handen had. Herverdeling is mogelijk, als er geen corruptie is. Deze regering bewijst dit. Er werd ook een maximum loon vastgelegd. Het is ook bij wet vastgelegd dat niemand meer mag verdienen dan de president, en dat maakt die sociale maatregelen mogelijk. Onze regering is gebaseerd op de eerlijkheid en de waardigheid van een president, Evo Morales.

Op de klimaatconferentie van december was Bolivia het enige land dat de Akkoorden van Cancún niet goedkeurde. Het land stond daar helemaal alleen mee.

Na de commotie van Kopenhagen dachten we dat de conferentie van Cancún een moment van bezinning zou zijn over de aanslag op Moeder Aarde. Maar er heeft zich een heel ander scenario ontwikkeld. Drie weken geleden was ik in Ecuador, bij medewerkers van president Correa en die stelden zich de vraag waarom niemand Evo Morales ondersteunde. Een gemakkelijk antwoord op die vraag is natuurlijk: “ Omwille van Bolivia’s fundamentalistische opstelling.” Ik replikeerde hen: “De vraag die jullie zich moeten stellen is: waarom hebben we Evo Morales alleen gelaten?” En dat ging dan niet over Evo Morales, maar over een alternatief voorstel dat moest verdedigd worden. Waarom Bolivia zo alleen bleef? Iemand moet toch de waardigheid behouden. In die zin zijn we er ook fier op dat we die waardigheid overeind gehouden hebben.

Venezuela, Ecuador, Nicaragua: al de ALBA landen lieten Bolivia in de steek.

Dat is hun beslissing. Wij kunnen toch niet zomaar nabootsen en knikken. Wat wij willen doen is de waardigheid opnieuw wortels geven en Moeder Aarde veilig stellen. Over tien, vijftien jaar zal men ons gelijk geven, maar dan zal het te laat zijn. Op zijn minst sturen we op die manier een waarschuwing de wereld in dat we aan de grens gekomen zijn van wat mogelijk is. En als die grens wordt overschreden, kunnen het kapitaal, noch de over-ontwikkelde landen de toestand nog onder controle krijgen. Het is een gewetenskwestie en Bolivia heeft een appél gedaan aan dat geweten. Nu, na Cancún zou er een diepe bezinning moeten gebeuren, niet door de presidenten maar door de sociale bewegingen van de wereld, om hun regeringen onder druk te zetten en te dwingen maatregelen te nemen. De overontwikkelde landen beschikken echt wel over mogelijkheden om de opwarming in te dijken.

Hebben die VN- onderhandelingen volgens jullie geen zin meer?

Neen. Met geen geld van de wereld kan de schade betaald worden die we de planeet toebrengen. De paradigma’s vandaag zijn veranderd. Vroeger hadden we het over het socialisme, over een rechtvaardige samenleving. Maar we hadden het over de mensen. Vandaag beseffen we dat het niet enkel gaat om het welzijn van de mensen. De vraag is vandaag: hoe kunnen we het evenwicht met de natuur herstellen. Ons paradigma vandaag is: ofwel sterft Pachamama, ofwel sterft het Kapitalisme. Je kan die twee niet verzoenen. Je kan geen prijs zetten op de planeet of daar eindeloos over onderhandelen. Dat is wat onze positie motiveert. En de inheemsen vandaag zijn goed geplaatst om een oproep te lanceren om deze manier van leven, die de planeet heeft vernietigd, te veranderen. Het is niet houdbaar dat in een gezin vader en moeder en zoon en dochter elk een wagen hebben. Dat kan de planeet niet dragen en dat heeft een kostprijs. De vraag van de inheemsen vandaag is: verander dat alstublieft. Een goed leven is echt mogelijk zonder onze planeet in gevaar te brengen. Er is geen eerste, tweede, derde, vierde wereld. Er is er maar één en daarvoor zijn we samen verantwoordelijk. Wat levensbedreigend is vandaag is niet de huidskleur van de ander, wel de kleur van de lucht die je inademt, en van het water dat je drinkt. Er is maar één ras dat telt vandaag, het menselijk ras, dat alleen een toekomst heeft als we de natuur respecteren.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Latijns-Amerika & ecologie
    Alma De Walsche schrijft over ecologische thema’s, van klimaat- en energiebeleid, over landbouw- en voedsel tot transitie-initiatieven en baanbrekers. Ze volgt al enkele decennia Latijns-Amerika, met een speciale focus op de Andeslanden.