ISAF krijgt versterking uit negen landen

De International Security Assistance Force
(ISAF), de internationale vredesmacht die de orde handhaaft in de Afghaanse
hoofdstad Kabul, krijgt nieuwe troepen uit minstens negen landen. De ISAF
telt nu 4.840 manschappen uit 17 landen. De VN hadden sterk aangedrongen op
een versterking van de vredesmacht.


Argentinië, Australia, Tsjechië, Ierland, Jordanië, Kazachstan, Maleisië,
Polen en Thailand gaan ook soldaten leveren voor de internationale
troepenmacht in Kabul. Het is nog niet duidelijk voor hoeveel manschappen
elk land zal tekenen, maar waarschijnlijk zullen de versterkingen niet
voldoende zijn om de vredesmacht in staat te stellen in heel Afghanistan een
rol van betekenis te spelen. Daartoe zijn volgens schattingen van de VN
ongeveer 30.000 soldaten nodig.

Zowel de speciale VN-gezant in Afghanistan, Lakhdhar Brahimi, als
VN-Mensenrechtencommissaris Mary Robinson die vorige week in Kabul was, zijn
er voorstander van de vredesmacht in Afghanistan snel verder uit te bouwen.
Maar daartoe moet de VN-Veiligheidsraad in de eerste plaats het mandaat van
de ISAF vernieuwen - dat loopt al in juni af.

Volgende maand verliest de ISAF ook manschappen. Groot-Brittannië, dat
momenteel het bevel voert over de vredesmacht, wil zijn 1.863 manschappen
eind april uit de ISAF terugtrekken. De Britse regering stuurt wel 1.700
elitetroepen naar Afghanistan om de 5.300 Amerikaanse grondtroepen ter
plaatse te helpen bij de strijd tegen overblijvende groepen van Taliban- en
Al Qaeda-strijders.

Turkije, dat nu 275 manschappen in de ISAF heeft, zal in mei waarschijnlijk
het bevel van de Britten overnemen. Tegen eind april zou Turkije zijn
troepensterkte in Afghanistan opvoeren tot 1.260 man. De Turkse regering
heeft aangeklopt bij de VS, Groot-Brittannië en andere westerse landen om
die operatie te financieren.

De ISAF is ook begonnen met de opleiding van een eerste bataljon van het
nieuwe Afghaanse leger; de rekruten zouden tegen april klaargestoomd moeten
zijn. De zowat 600 soldaten komen uit verschillende regio’s en etnische
groepen; er wordt nauwkeurig gewaakt over de evenwichten tussen die groepen.
Nederland, Noorwegen, Turkije, Frankrijk, Italië, Duitsland en
Groot-Brittannië ondersteunen het opleidingsprogramma.

Intussen gaan er binnen de VN kritische stemmen op over de militaire
operaties die de VS in Afghanistan blijven voeren. Volgens Roger Normand, de
directeur van het Amerikaanse Centre for Economic and Social Rights die voor
de VN een rapport schrijft over de mensenrechten in Afghanistan, zijn de VS
volop bezig geselecteerde krijgsheren te bewapenen. Die worden geacht de
strijd aan te binden met overblijvende eenheden van de Taliban en van Al
Qaeda, maar in werkelijkheid vallen ze vaak troepen van rivaliserende
krijgsheren aan. Normand gelooft dat de Amerikanen gewoon de destructieve
internationale interventiepolitiek voortzetten die de Afghaanse samenleving
de voorbije 20 jaar al hopeloos heeft verscheurd. De VS ondermijnen op die
manier de heropbouw van het land. Volgens Normand komt de blijvende
instabiliteit de VS goed uit - zo kunnen ze hun blijvende militaire
aanwezigheid in de strategische regio legitimeren. (363).

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift