Islamitische buurlanden

Europese militairen moeten een verdere militaire escalatie in het Midden-Oosten verhinderen. Heeft de EU een bijzondere opdracht in de regio?
Turkije en Marokko zijn onze naaste buren. Landen als Egypte, Libië, Libanon en Israël liggen maar een boogscheut verder. Europa bevindt zich midden in of toch zeker vlakbij een erg onstabiele regio. Maar over de rol van de EU in die regio zijn de specialisten het niet altijd eens. Joost Lagendijk, Nederlands Europarlementariër van GroenLinks, is ervan overtuigd dat de Europese Unie op dit moment een heel belangrijke rol kan spelen als bemiddelaar.
De Nederlandse politicus legt uit: ‘Het is niet leuk om zeggen, maar er is een positieve noot aan de Libanoncrisis van de voorbije maanden. De afloop van het conflict maakt duidelijk dat nu meer dan ooit het moment is om alle partijen uit de mediterrane regio rond de tafel te brengen. Bovendien is nu het moment om alle mogelijke onderwerpen op die tafel te leggen. De bereidheid om te praten is groter dan ooit. En het is aan Europa om dat initiatief te nemen. De VS hebben zichzelf buitenspel gezet door Israël te blijven steunen en door militair te interveniëren in Irak en Afghanistan. Europa heeft daarentegen nooit openlijk partij gekozen en heeft nu alle troeven in handen om een doorbraak te forceren.’
Leurdijk, van het Nederlands Instituut voor Internationale Betrekkingen “Clingendael”, is het niet eens met zijn landgenoot. ‘We mogen de rol van Europa niet overschatten. Heel wat mensen zien de Verenigde Staten zo’n beetje als de verliezer van het moment. Maar dat beeld klopt niet. De VS blijven nog steeds een dominante politieke factor in de wereld. Zeker in de kwestie Israël-Palestina kan je niet zonder de VS. Het is wel zo dat Europa veel meer zou kunnen doen in het Middellandse Zeegebied’, aldus Leurdijk.
‘De NAVO is de afgelopen jaren veel actiever geworden in die hele regio. Daar moet Europa ook naartoe. De uitbreiding van de EU richting Turkije zou in dat opzicht een goede zaak zijn’, denkt de Nederlandse NAVO-specialist. Nog verdere uitbreiding naar andere landen in het Middellandse Zeegebied is volgens hem wellicht onrealistisch. Toch zegt Leurdijk dat het erg belangrijk is om met die landen nauwer te gaan samenwerken. Om de stabiliteit in de regio te bewaren en ook om economische samenwerking verder uit te bouwen. (wd)

Het Euro-Mediterraan Partnerschap (EuroMed)


EuroMed -ook wel Barcelona Proces genoemd- zag het levenslicht in 1995 en trad in 2000 in werking. Momenteel omvat het de EU-lidstaten en tien mediterrane partners (Algerije, Egypte, Israël, Jordanië, Libanon, Marokko, de Palestijnse Autoriteit, Syrië, Tunesië en Turkije. Libië heeft observatiestatus). Met een multilaterale aanpak tracht de EU een stabiele gordel te creëren rond haar zuidelijke grens. Het programma biedt de landen markttoegang, geldelijke steun en technische hulp, in ruil voor economische en politieke hervormingen. Extra aandacht is er voor mensenrechten en democratiseringsprocessen in de partnerlanden. De akkoorden hebben een ingebouwde afdwingbaarheid. Inbreuken op de mensenrechten kunnen in principe met economische sancties bestraft worden, maar dat gebeurt in de praktijk niet.
Landen als Algerije hebben problemen met het moraliserende karakter van EuroMed. Ze vinden het vernederend dat de EU hervormingen eist, in ruil voor enkele luttele euro’s. Hierdoor is er weinig vooruitgang op het vlak van democratisering of mensenrechten. De economische samenwerking is wel een succes, net als de culturele wisselwerking. Sinds de oprichting van het EuroMed-ngo-Platform floreert de civiele maatschappij in veel Arabische landen. Maar EuroMed is in de eerste plaats belangrijk omdat het de enige structuur is waarin de ministers van Israël, Libanon en Syrië elkaar op regelmatige basis ontmoeten.

Het Europees Nabuurschapsbeleid (ENP)


De EU startte in 2003 met een nieuw initiatief. ‘Het ENP zal de partnerlanden op termijn alles van de EU uitgezonderd zijn instellingen aanbieden’, zei Romano Prodi, toenmalig voorzitter van de Europese Commissie. Het nieuwe beleid geeft omringende landen het vooruitzicht op een vrijhandelsakkoord met de EU. Alle EuroMed-partners, (uitgezonderd aspirant EU-lid Turkije) zijn van de partij, samen met Oost-Europese landen als Oekraïne en Moldavië. Binnen het ENP worden bilaterale akkoorden en actieplannen ontwikkeld, regelmatig gemonitord door comités. De mensenrechtenclausules van het Barcelona Proces blijven een voorwaarde om toe te treden. Het ENP heeft een budget van 14,9 miljard euro voor 2007-2013. Gevreesd wordt dat door de bilaterale aanpak het multilaterale EuroMed aan belang zal inboeten. (gs)

De godsdienstgrens met Turkije


De Europese Unie breidt almaar verder uit. Als alles goed gaat, voegen Bulgarije en Roemenië zich in 2007 bij de Europese club. Intussen snakt Turkije al sinds 1987 naar een Europese lidkaart. Joost Lagendijk, Europarlementariër voor de Nederlandse partij GroenLinks, specialiseerde zich in het Turkse toetredingsdebat. Hij ziet voorlopig geen doorbraak. Integendeel, de sfeer is zowel aan Turkse als aan Europese kant erg verzuurd. ‘Eind deze maand, op 24 oktober, komt er een nieuw voortgangsrapport waarin Turkije op de vingers zal worden getikt’, weet Lagendijk.
‘Het land doet niet voldoende inspanningen om aan de Europese eisen te voldoen.’ Het rapport zal vooral hameren op de kwestie Cyprus. Turkije en Griekenland bekvechten al sinds mensenheugenis om Cyprus. Belangrijkste Europese eis is dat Turkije Cyprus, dat lid is van de Europese Unie, als onafhankelijke staat erkent. Maar er speelt meer mee dan alleen het eilandje in de Middellandse Zee. Lagendijk zegt dat heel wat Europese politici in hun achterhoofd worstelen met zaken als mensenrechten of vrijheid van meningsuiting. Dat heeft te maken met rechtszaken tegen schrijvers en journalisten, maar ook met de Koerdische kwestie en de manier waarop het Turkse leger het autonomiestreven van de Koerden aanpakt. Daarnaast is er het delicate onderwerp van wat het Europees Parlement onomwonden de Armeense genocide van 1915 noemt. Turkije weigert over genocide te spreken. Een derde heikel punt is de islam. Als de EU Turkije in de armen sluit, wordt een godsdienstgrens overschreden. En dat jaagt heel wat Europeanen schrik aan.
‘Een kroegonderwerp’, noemt Lagendijk het debat. Maar ook kroegpraat kan de mening van kiezers en zelfs politici bepalen. Bij het referendum rond de Europese grondwet in Frankrijk speelde het afwijzen van de toetreding van Turkije mee in het verrassende neen. Toch ziet Lagendijk nog steeds mogelijkheden. ‘Na het nieuwe voortgangsrapport zullen de relaties nog verder verzuren. De onderhandelingen zullen zich daarom voorlopig toespitsen op minder zware onderwerpen. Maar 2007 is een verkiezingsjaar in Turkije. In mei kiezen de Turken een nieuw parlement en in november een nieuwe president. Na die verkiezingen zal de situatie opnieuw verbeteren’, verwacht Lagendijk. Want toetreding tot de Europese Unie zou een erg belangrijke verwezenlijking zijn voor die nieuwe president en parlementsleden. (wd)
Reageer via info@mo.be

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift