Italiaanse bejaardenzorg totaal afhankelijk van migranten

Meer dan acht op tien mensen in de Italiaanse thuiszorg zijn migrant, zo blijkt uit overheidscijfers. Nu Italianen hun oudere of zieke familieleden niet langer in huis halen, nemen migrantenvrouwen de verzorging over. Dankzij hen kunnen de bejaarden in hun eigen huis blijven wonen.

Ik woon sinds 1988 in Italië en ik zorg al 16 jaar voor bejaarden, eerst in Napels en nu in Rome, zegt Angela Jiménez. De 57-jarige Chileense migrantenvrouw kookt, maakt schoon, strijkt, en ziet erop toe dat haar werkgeefster haar medicijnen neemt en haar dieet volgt. De zwakke gezondheid van de bejaarde vrouw maakt het een job van 24 uur per dag, zeven dagen op zeven. Jiménez verdient 620 euro per maand. Volgens de nationale arbeidsovereenkomst zou ze eigenlijk zo’n 1000 euro moeten krijgen.

Volgens de cijfers van het Nationale Instituut voor de Sociale Zekerheid uit 2003 werkten 490.678 migranten in de thuiszorg. Daarmee was 83 procent van alle mensen in de sector van allochtone afkomst. Het gaat om een enorme stijging op korte tijd: volgens dezelfde bron was in 1994 nog maar amper 27 procent migrant. De nationale organisatie van mensen uit de thuiszorg schat dat de trend zich verder zet en de kaap van de 600.000 momenteel overschreden is. Italianen werken niet meer in de bejaardenzorg; het zijn nu allemaal allochtonen, zegt hoofd van de organisatie Rita De Blasis.

In de traditionele Italiaanse maatschappij trokken oudere Italianen in bij hun kinderen. Maar vandaag kunnen of willen families dat vaak niet meer. Een van de factoren is dat steeds meer Italiaanse vrouwen buitenshuis werken. Hun taak wordt overgenomen door mensen uit vooral Oekraïne (21 percent), Roemenië (16,4 procent), de Filipijnen (9,5 percent), Polen (7,0 percent) en Ecuador (6,4 percent).

En dat is maar goed ook, volgens Le Quyen Ngo Dinh, het hoofd van de afdeling migratie bij de katholieke humanitaire organisatie Caritas in Rome. Volgens hem komen de sociale diensten van de overheid niet tegemoet aan de eisen van de Italiaanse ouderen. De Italiaanse autoriteiten weten maar al te goed dat de institutionalisering van bejaardenzorg handenvol geld zou kosten, en dat een privé-systeem veel goedkoper is, vooral als het steunt op migrantenarbeid, die goedkoper is dan Italiaanse, zegt hij. Een aantal regionale overheden in Italië geeft subsidies en terugbetalingen voor dit soort thuiszorg. Een win-winsituatie, zegt Ngo Dinh. De ouderen wonen thuis in plaats van in een bejaardentehuis, de migranten hebben een inkomen en de staat houdt de kosten binnen de perken. Hij hoopt ook dat de nauwe banden die het thuiszorgwerk met zich meebrengt de integratie tussen mensen van diverse culturen zal bevorderen.

De migranten in de thuiszorg nemen niemands werk af, want behalve in een aantal streken zijn ze vaak de enigen beschikbaar, zegt Ngo Dinh. Volgens hem verdienen migranten minder dan Italianen, behalve als ze in de industrie werken. Of dat ook opgaat voor migranten in de thuiszorg kan de nationale vereniging van mensen uit de thuiszorg niet bevestigen of ontkennen, omdat er simpelweg geen vergelijkingspunt meer is.

Ferruccio Marzano, professor economische sociologie aan de La Sapienza Universiteit in Rome, noemt de thuiszorg complementair aan het openbare gezondheidssysteem. Hij verwacht dat de zorg beter en meer afgestemd op de persoon is. (ADR)

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3195   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift