“Joden verzaken aan historische plicht tegenover Sudanese vluchtelingen”

Sudanese vluchtelingen die asiel zoeken in Israël vormen het onderwerp van een delicaat debat. Kan een land dat voorgoed getekend is door de holocaust zomaar vluchtelingen uit de grootste brandhaard van vandaag het land uit zetten?
Tot nog toe lijken de Israëlische autoriteiten niet te zwichten voor de “morele chantage” van leidinggevende joodse figuren en mensenrechtenactivisten. Gedurende de laatste zes maanden hebben zo’n tweehonderd Sudanese vluchtelingen hun heil gezocht in Israël via de grens met Egypte. De meerderheid van hen is opgepakt en administratief aangehouden. Slechts een paar vluchtelingen konden terecht in kibboets. De toekomst van de vluchtelingen blijft voorlopig onduidelijk.

Veel Sudanezen die Israël trachten binnen te komen, worden teruggestuurd naar Egypte volgens de snelle terugkeer-wet. Die wet maakt het mogelijk een vluchteling die nog geen 24 uur in Israël is en zich nog geen vijftig kilometer van de grens bevindt, prompt terug te sturen naar Egypte. Vluchtelingen die niet worden teruggestuurd, worden gearresteerd wegens het illegaal betreden van Israël. Het feit dat de Sudanezen inwoners zijn van een moslimland dat geen diplomatieke relaties met Jeruzalem onderhoudt en waar cellen van Al-Qaeda opereren, bemoeilijkt de zaak.

Sommige van de Sudanezen zitten nu al maanden opgesloten zonder dat hun zaak in behandeling wordt genomen. Intussen gaan er stemmen op om de snelle terugkeer-wet af te schaffen omdat ze in strijd is met de Conventie van Genève. Die zegt dat elke vluchteling recht heeft op een ernstig onderzoek van zijn situatie.

Roni Bar-on, minister van Binnenlandse Zaken vindt dat het probleem bij Egypte ligt. “Er bestaan geen afspraken met Egypte. De Egyptenaren willen de vluchtelingen niet weer binnenlaten. Het is alsof we bezig zijn met een partijtje armworstelen aan de grens”, zegt Bar-on.

Yehuda Bauer, een leidinggevende Holocaustexpert, vindt dat de vluchtelingen op zijn minst tijdelijk asiel moeten krijgen tot wanneer ze een permanente verblijfplaats vinden in Israël of een ander land. Bauer doet de redenering van de overheid dat Sudan een vijandig land is af als onzin en herinnert hen eraan dat ook joden door de geallieerden vaak als vijandig werden aanzien.

Deze redenering werd eerder al succesvol toegepast. In de late jaren zeventig was Israël een van de eerste landen die Vietnamese bootvluchtelingen asiel verleenden, nadat de vluchtelingen eerder waren afgewezen door Japan, Noorwegen, Panama en Oost-Duitsland. Ook toen verwees eerste minister Menachem Begin naar de historische plicht van de joden. (SV/PD)

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2630   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift