Kan Brahimi wat Annan niet kon?

Afgelopen vrijdag, 17 augustus, duidden de Verenigde Naties de Algerijn Lakhdar Brahimi aan als nieuwe speciale gezant om een einde te maken aan het bloedvergieten in Syrië. Nog voor zijn aanstelling riep hij op tot meer eenheid en daadkracht van de internationale gemeenschap om de burgeroorlog in Syrië te stoppen. Nu is hij zelf aan zet, maar wat zijn zijn kansen?

  • VN/Mark Garten Lakhdar Brahimi. VN/Mark Garten

Lakhdar wie?

Hoewel minder bekend dan zijn voorganger Kofi Annan, is Lakhdar Brahimi een bijzonder gerenommeerd politicus en diplomaat in de internationale scene. In de jaren 1950 was hij actief in de onafhankelijkheidsbeweging in Algerije, om later diplomaat bij de Arabische Liga te worden en Algerijns minister van Buitenlandse Zaken. Vanaf 1994 was hij speciaal gezant voor de VN in verschillende conflictgebieden, waaronder Afghanistan en Irak.

Sinds 2005 is hij officieel met pensioen, maar sindsdien is hij al meermaals ingegaan op noodoproepen van de Secretaris-Generaal van de VN. Brahimi kan enkele opmerkelijke successen voorleggen van zijn diplomatieke carrière: onder meer het einde van de burgeroorlog in Libanon in 1991, de vorming van een overgangsregering in Afghanistan in 2001 en het voorbereiden van de machtsoverdracht in Irak in 2004. Misschien wel het bekendst is hij om het zogenaamde ‘Brahimi’-rapport, een rapport dat een evaluatie maakte van de VN-vredesoperaties en dat niet bepaald mals was voor de rol van de VN.

Prinses

Door zijn achtergrond en staat van dienst kan Brahimi terugvallen op een imposant netwerk voor zijn opdracht in Syrië. Hij is samen met onder andere Nelson Mandela, Jimmy Carter en Desmond Tutu lid van de Elders, een groep gewezen beleidsmakers die hun ervaring willen bundelen om wereldproblemen het hoofd te bieden. Op zijn 78ste is Brahimi een man voor wie overal ter wereld de telefoon wordt opgenomen. Zelfs de immer kritische Midden-Oosten correspondent Robert Fisk noemt hem ‘an honourable man’.

Belangrijk voor zijn missie in Syrië is ook dat Brahimi’s dochter getrouwd is met Prins Ali van Jordanië, broer van de huidige koning Abdallah II. Jordanië is als buurland van Syrië een van de vele pionnen op het schaakbord, te meer omdat het vorige week nog tot een zwaar vuurgevecht kwam aan de Jordaans-Syrische grens.

Totale impasse

Eind vorig jaar was Lakhdar Brahimi onze gast naar aanleiding van de Elfnovemberlezing aan de vooravond van Wapenstilstand. In zijn lezing reflecteerde Brahimi over de weg die de wereld sinds de Eerste Wereldoorlog heeft afgelegd, en ging hij ook in op de Arabische Lente. Over Syrië zei hij: “Syrië verkeert in een totale impasse; President Bashar Al-Assad lijkt in te gaan op elk aanbod dat hij krijgt … Het probleem is dat hij nog geen enkele belofte is nagekomen.” Een vredes- of stappenplan zal dus niet volstaan, en het afdwingen van concrete actie en hervormingen wordt cruciaal.

Brahimi is ook scherp voor de rol van het Westen: het optreden van de ‘internationale gemeenschap’ wordt vooral bepaald door eigen economische en strategische belangen en niet door de belangen van de bevolking van de betrokken regio. Voor Brahimi is het beste scenario om met de volksopstanden om te gaan, de weg van geleidelijke, ordentelijke hervormingen, inclusief vrije verkiezingen. Tunesië stelt hij daarbij voorop als voorbeeld, maar de vraag is of de betrokken partijen in Syrië nog niet voorbij dat punt zijn.

Een kwestie van geluk

In veel opzichten is Lakhdar Brahimi een geschikt figuur om alsnog een uitweg te vinden voor het Syrische conflict. Zijn vertrouwdheid met taal, religie en regio kan mogelijk een opening creëren.

Brahimi zegt enkel het belang van de bevolking als leidraad te nemen: “Hulp van buitenaf … moet afgestemd worden op de behoeften van elk land zoals die worden bepaald door de mensen van dat land zelf.” Bovendien gaat hij er van uit dat een ‘oplossing op maat’ nodig is: “Elk land heeft immers zijn eigen specifieke omstandigheden en moet zijn eigen manier ontwikkelen om tot hervormingen over te gaan.” Zowel vanuit het perspectief van de internationale politiek, als vanuit conflicthanteringsoogpunt lijkt Brahimi een kans te hebben.

Zijn succes hangt echter ook af van toevalligheden en geluk. Brahimi vertelt vaak volgende anekdote. In 1998 had de Taliban bij zijn opmars in Afghanistan negen Iraniërs gedood en er 100 gevangen genomen in Mazar-e-Sharif. De spanning met buurland Iran liep op en Brahimi moest de lont uit het kruitvat halen. Hij onderhandelde met de leider van de Taliban met behulp van een jonge tolk. De onderhandelingen slaagden en het kwam niet tot een open oorlog: een succes op het palmares van de VN en Brahimi dus. Later verontschuldigde de jonge tolk zich omdat hij niet alles letterlijk had vertaald en uitspraken van beide kanten had afgezwakt om het mislukken van de gesprekken te voorkomen. “Diplomaten en bemiddelaars stellen zich dus maar best nederig op”, besluit Brahimi, “Verder was het ook een kwestie van geluk.”

Laat ons hopen voor alle Syriërs dat de dosis geluk van Lakhdar Brahimi nog niet op is. 

Wies De Graeve werkt voor het Vlaams Vredesinstituut, een onafhankelijk instituut voor vredesonderzoek bij het Vlaams Parlement.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift