Kinderprostitutie is een groeiend probleem

Op internationale fora worden ronkende intentieverklaringen afgelegd. Overal ter wereld zijn actiegroepen in de weer. De reiswereld neemt engagementen, de internationale aandacht groeit en de wetgeving in de meest getroffen landen wordt steeds strenger. Toch breiden kinderprostitutie en kinderhandel zich uit.
Eind oktober brachten de kranten in België het verhaal over een netwerk van Albanese prostituees in België. Veertien minderjarigen werden opgepakt. Het ging vooral om meisjes die ontvoerd waren of verkocht aan pooiers. ‘Het valt op dat de meisjes steeds jonger worden. Er is vraag naar en er valt grof geld mee te verdienen’, zegt Véronique Grossi van Payoke, een belangenvereniging van prostituees in Antwerpen. ‘Een verblijfje met ‘alles inbegrepen’ op de Dominicaanse Republiek is amper duurder dan een nachtje stappen in het schipperskwartier’, lacht een jonge Belg in Santo Domingo. Kinderprostitutie is, met andere woorden, niet meer beperkt tot de beruchte sekswijken in Thailand en de Filipijnen. De Dominicaanse Republiek en het noorden van Brazilië worden overspoeld door toeristen op zoek naar ‘sun, sea and sex’. Bestemmingen als Kenia en Oost-Europa liggen binnen handbereik van elke doorsnee toerist en dus ook van de sekstoerist.

De zaken floreren

De vrees voor aids zit er diep in bij de meeste sekstoeristen. Dat leidt echter niet tot meer kuisheid, maar tot een steeds grotere vraag naar almaar jongere prostituees. De economische crises in de meeste derdewereldlanden en in Oost-Europa drijven een toenemend aantal kinderen de straat op. ‘Het kinderprostitutieprobleem is hier ernstiger dan ooit’, vertelt Michael Picharn, een redemptorist die werkt met straatkinderen in Pattaya, Thailand. ‘Elk jaar zien wij rond oktober -het begin van het toeristisch seizoen- een trek van jonge straatkinderen van de hoofdstad Bangkok naar Pattaya. Pattaya ontvangt per jaar ongeveer 2,5 miljoen toeristen waarvan 2 miljoen buitenlanders. De meerderheid daarvan komt uit Duitsland, België en Zweden. Een deel van deze kinderen trekt rond van de ene toeristische trekpleister naar de andere. Dit jaar verwachten we dat de situatie nog verergert. De oorzaak ligt voor de hand: de slechte economische situatie in het land en de regio. De devaluatie van de nationale munt lokt een groter aantal toeristen naar Thailand. Bovendien is het aantal straatkinderen de jongste jaren aanzienlijk gestegen. Ook de handel in kinderen uit de buurlanden Laos, Birma en Cambodja neemt overhand toe. Thailand heeft sinds 1996 een strengere wetgeving tegen kinderprostitutie, maar de corruptie bij de politie en het gebrek aan vervolging zorgen ervoor dat de zaken blijven floreren.’ In het toeristisch seizoen stijgen de inkomsten van deze straatkinderen. De toerist koopt het kind en de seks voor een bepaalde periode. Voor een dagelijkse portie eten, nieuwe kleren en wat zakgeld zijn ze onder dak en beschermd tegen de raids van de politie. De maffia koopt de politie om. En zo is de cirkel rond. Tachtig percent van de straatkinderen komt uit de lagere klassen, maar het aandeel van middenklassekinderen die op straat terechtkomen stijgt.

Duizend dollar per nacht

De kinderprostitutie breidt zich uit naar andere continenten. Toerisme brengt geld in het laatje en dus knijpt menige regering een oogje dicht voor deze extreme uitwassen. ‘Het lijkt wel of Centraal-Amerika zich de laatste jaren ontpopt als dé plek waar Noord-Amerikanen hun seksuele perversies kunnen botvieren’, zegt Bruce Harris van Casa Alianza, een netwerk van opvanghuizen voor kinderen in Centraal-Amerika. Meer dan 500 klachten en onderzoeken lopen tegen Noord-Amerikaanse burgers in verschillende landen. Indien deze mensen veroordeeld worden voor seksueel misbruik van kinderen, riskeren ze in de Verenigde Staten 10 jaar cel en 250.000 dollar boete. Maar dat maakt blijkbaar geen indruk. In Honduras is de situatie ronduit alarmerend. Het corrupte en slecht functionerende politieapparaat laat de meerderheid van de daders na het betalen van een fikse omkoopsom vrijuit gaan. ‘Hondurese kinderen duiken op in bordelen in Guatemala en Mexico. Ook in de hoofdstad Tegucigalpa worden jonge kinderen door een netwerk van pooiers aangeboden in een aantal grote hotels. Deze feiten zijn bekend maar blijven zonder gevolg’, zegt een verontwaardigde Rosario Godoy, voorzitster van het Hondurese Comité voor Verdwenen Kinderen. ‘Dit netwerk kan rekenen op de medewerking van plaatselijke politici.’

In een rapport van de Mexicaanse overheid wordt de ernstige toename van kinderprostitutie en kindersekstoerisme toegegeven. In Mexico, aldus het rapport, bestaan georganiseerde netwerken van kinderporno en kinderprostitutie. De meerderheid van de slachtoffers zijn straatkinderen. De vraag naar kinderen op de prostitutiemarkt is een steeds groeiende vraag maar ook de kinderhandel naar het buitenland neemt toe. Jonge meisjes worden gelokt met de belofte van werk in de Verenigde Staten. In april van dit jaar viel het FBI binnen in twaalf bordelen in Florida en South Carolina. Twintig minderjarige Mexicaanse meisjes werden voorgeleid. Het jongste meisje was net dertien geworden. De meisjes vertelden de rechter dat zij niet durfden te vluchten omdat hun pooiers dan wraak zouden nemen op hun familie in Mexico.

‘Kinderen vormen de enige groeisector in de markt van de prostitutie’, zegt Rick Curtis, een Amerikaans antropoloog die het fenomeen van kinderprostitutie in de VS bestudeerde. ‘In de straten van New York opereren jonge zwarte hoertjes van amper dertien jaar. Zij werken op straat, maar je vindt ze ook terug in escortservices en bordelen. Een netwerk van pooiers rekruteert in de armste wijken, aan de poorten van jeugdtehuizen, onder weglopers en straatkinderen. De winsten per kind zijn enorm. Eén nacht werk levert de pooier per kind meer dan duizend dollar op. De kinderen zelf leven in overbevolkte en armoedige appartementen. Hun pooier zorgt voor hen en houdt hen uit de handen van het gerecht. Gebrek aan opvang en reële alternatieven sluiten voor deze kinderen de weg af voor een eventuele terugkeer naar de samenleving.’

De afbraak van de sociale voorzieningen, de uitsluiting van hele bevolkingsgroepen en de onverschilligheid van de samenleving voor de minstbedeelden zijn zowel in Noord als in Zuid de ideale voedingsbodem voor de winstgevende handel. Straatkinderen, kinderen op den dool, vluchtelingenkinderen, kinderen uit etnische minderheidsgroepen en kinderen uit kansarme gezinnen vormen immers allemaal een potentiële prooi.

Katlijn Declercq coördineert in Vlaanderen de acties van ECPAT (End child prostitution, child pornography and trafficking of children)

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2623   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift