Koerden gekant tegen Amerikaanse aanval

De leiders van de Koerdische gemeenschap in Irak
zijn gekant tegen een mogelijke Amerikaanse aanval op Irak. Een
machtswissel in Irak in een binnenlandse zaak, zegt Jalal Talabani, leider
van de Patriottische Unie van Koerdistan (PUK), bij een recent bezoek aan
Damascus. Niemand moet zich mengen in deze zaak, ook de Amerikanen niet.
De PUK controleert samen met de Democratische Partij van Koerdistan het
gebied ten noorden van de 36ste breedtegraad, dat achttien procent van Irak
beslaat.


Talabani kwam zijn standpunt vorig weekend verduidelijken voor de Syrische
president Bashar Al-Assad. De Amerikaanse ambassadeur Theodore Kattouf en
zijn Britse collega Henry Harger waren één en al oor voor de Koerdische
leider. Het standpunt van de Koerdische oppositie is van belang want de
Koerden zijn de enige oppositiespeler in Irak met gewapende strijdkrachten.

De Londense krant Al-Hayat onthulde vorige week dat ongeveer 40 Amerikaanse
militairen en experts tien dagen doorbrachten in het door Koerden
gecontroleerde gebied in het noorden van Irak. Ze zouden er militaire
installaties en twee luchthavens geïnspecteerd hebben in het kader van de
voorbereiding van een militaire operatie. Talabani deed het artikel af als
een pure leugen.

Mas’ud Barzani, leider van de Democratische Partij van Koerdistan (KDP),
deelt het standpunt van Talabani: Wij gaan niet deelnemen aan buitenlandse
militaire plannen om het regime omver te werpen. Dat is een doel dat door de
Irakezen zelf bereikt moet worden.

Ook de leiders van andere oppositiegroepen zijn gekant tegen een militaire
actie tegen Saddam Hoessein. Abdullah Ismail, lid van de Shura (raad) van de
Beweging voor Islamitische Eenheid in Kurdistan: We geloven dat een
Amerikaanse aanval niet het regime zou treffen maar de economie en het
Irakese volk.

De Koerden nemen een duidelijk standpunt in, ondanks een moeilijke situatie.
Als ze beslissen om met de Amerikanen mee te werken riskeren ze een aanval
door het Irakese leger - ze zijn Saddams chemische aanval op Halabja in
maart 1988 met 5.000 doden en 7.000 gewonden niet vergeten . Als ze aan de
zijlijn blijven staan, riskeren ze de bescherming van de VS te verliezen.

De verklaringen van de Koerdische leiders zijn mogelijk ingegeven door een
tactische voorzichtigheid. Maar analisten wijzen erop het vertrouwen van de
Koerden in de Verenigde Staten is geschonden door de halfslachtige houding
van de VS in de Golfoorlog van 1991 en de afzijdigheid van het Westen bij
het drama in Halabja in 1988. Ook de VS zitten tussen twee vuren: ze hebben
de steun van de Irakese Koerden nodig maar voor bondgenoot Turkije zou een
erkenning van de Koerdische vrijstaat in het noorden van Irak te ver gaan.
Ankara vreest dat de Turkse Koerden dan alles op alles gaan zetten om zich
aan te sluiten bij een onafhankelijk Koerdistan.
Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift