“Landconflict tussen Koeren en Arabieren dreigt te escaleren” (HRW)

De aanslepende onzekerheid over territoriale claims in het noorden van Irak dreigt te escaleren tot een conflict tussen Koerden, Arabieren en Turkmenen. De Iraakse regering moet dringend iets ondernemen om verdreven Koerden te laten terugkeren naar hun dorpen en de onder het Baath-regime “geïmporteerde” Arabieren een toekomstperspectief te bieden. Dat stelt de mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch in haar rapport “Claims in Conflict – Reversing Ethnic Cleansing in Northern Iraq”.

Met de overheid zijn in de eerste plaats de Iraakse interimregering van president Iyad Allawi en de VS-bezettingsmacht bedoeld. “Gerechtigheid moet geschieden voor de slachtoffers van een campagne van etnische zuivering in het noorden van Irak”, zo stelt Sarah Leah Whitson, directeur van de afdeling Midden-Oosten bij HRW. Wanneer er niet snel een oplossing komt voor de landconflicten vreest de mensenrechtenorganisatie dat de regio wordt meegesleept in een spiraal van geweld.

Het geduld raakt stilaan op, zo stelt het rapport. Tienduizenden niet-Arabieren – Koerden, Turkmenen en Assyriërs – wachten in tentenkampen rond Kirkuk en Mosul op een kans om terug te keren naar de huizen die ze kwijtraakten onder de “Arabiriseringscampagne” van het ten val gebrachte Baath-regime van Saddam Hoessein. Duizenden Arabieren die door Koerdisch Peshmerga-milities al uit hun huizen zijn verjaagd wachten eveneens in tentenkampen op een oplossing voor hun probleem.

Het regime van Saddam Hoessein begon halfweg de jaren zeventig met een massale “arabiseringscampagne” in Noord-Irak. In een gebied tussen de Iraanse grens en de grenzen met Syrië en Turkije werden 250.000 niet-Arabieren met geweld onteigend om plaats te maken voor Arabieren uit de aangrenzende woestijn van Al-Jazeera. In 1988 volgde de beruchte campagne met gifgas waarbij 100.000 Koerden omkwamen en honderduizenden dakloos werden. In de jaren negentig werden nog eens 120.000 mensen verdreven uit Kirkuk en omgeving. Kirkuk geldt voor de Koerden als een religieus centrum.

De invasie van Amerikaanse en Iraakse troepen deed de situatie omslaan. Heel wat Arabieren verlieten op voorhand hun huizen in de gearabiseerde dorpen. Hun plaats is nog niet volledig ingenomen door Koerden, omdat de mensen niet genoeg geld hebben om hun huis weer op te bouwen en omdat er nog geen juridisch kader is om eigendomsconflicten op te lossen.

In Mosul en Kirkuk willen de Arabieren niet zomaar vertrekken, wat leidt tot spanningen, intimidatie en occasionele straatgevechten. “De Koerden keren terug naar Kirkuk, maar de stad heeft geen plaats om hen op te nemen. Ze leven in verlaten gebouwen en tentenkampen zonder water of elektriciteit”, zegt Whitson. De verdreven Arabieren zijn er niet veel beter aan toe. Ze wonen al dertig jaar in de regio en hebben geen idee waar ze naartoe kunnen.

Beide groepen wachten op een verhuisprogramma en een manier om eigendomclaims juridisch op te lossen. De Voorlopige Regering van de VS-bezettingsmacht riep een Iraq Property Claims Commission (IPCC) in het leven, die echter nog niet functioneert. Voor de verdreven Arabieren zijn er geen hulpmechanismen voorzien. “Het herstel van het onrecht tegen de Koerden mag niet leiden tot meer onrecht tegen de Arabieren”, zo waarschuwt Human Rights Watch.

Uit interviews met Arabieren in het noorden van Irak besluit HRW dat deze de Koerdische claims over het gebied in principe erkennen. Ze willen hun huis echter alleen maar opgeven in ruil voor geld en ondersteuning bij de zoektocht naar een nieuwe woon- en werkplaats.

Jim Lobe

Xml=7

Ref: mm na hd




Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift