Latijns-Amerikaanse vleugel G 22 brokkelt af

De G 22, het blok van ontwikkelingslanden dat vorige week op de wereldhandelstop in Cancún een vuist maakte tegen de VS en de Europese Unie, begint al af te kalven. Van de 13 Latijns-Amerikaanse landen die deel uitmaken van het informele samenwerkingsverband, zouden er zes overwegen af te haken. Kort na de top hadden verscheidene leden van de groep nog gezegd dat ze ook bij toekomstige handelsonderhandelingen één front wilden blijven vormen.


De ontwikkelingslanden legden in Cancún een nooit eerder geziene eensgezindheid aan de dag. De Afrikaanse Unie, de groep van de Minst-Ontwikkelde Landen en de ACP-landen sloegen de handen in elkaar, maar nog veel meer effect had de hardnekkigheid waarmee de G 22, een groep van een twintigtal landen waaronder zwaargewichten als China, India, Brazilië en Zuid-Afrika, zich samen bleven verzetten tegen pogingen van de industrielanden om de onderhandelingen naar hun hand te zetten. De conferentie, waar belangrijke beslissingen over de verdere vrijmaking van de wereldhandel werden verwacht, eindigde daardoor op een mislukking. Waarnemers oordeelden achteraf dat de ontwikkelingslanden op politiek vlak sterker uit die confrontatie zijn gekomen. Wereldbankbaas James Wolfensohn had het in dat verband al over een een nieuw paradigma in de verhoudingen tussen Noord en Zuid. Maar de hoogspanning die tijdens de vierdaagse top heerste, heeft barstjes doen ontstaan in de verstandhouding t!
ussen de leden van de G 22.

El Salvador stapte al kort voor het einde van de handelstop in Cancún uit het samenwerkingsverband - volgens de Salvadoraanse delegatie kwam de koers van het samenwerkingsverband niet meer overeen met de belangen van hun land. Waarnemers en leden van andere Latijns-Amerikaanse delegaties denken dat ook Colombia, Costa Rica, Chili, Guatemala, Mexico en Peru de groep kunnen verlaten. De Verenigde Staten lijken niet meer te geloven in de Wereldhandelsorganisatie en sturen aan op bilaterale en regionale handelsovereenkomsten met landen die hun welgezind zijn. Die kans dreigen G 22-leden te verkijken - de VS hebben al laten verstaan dat ze bij voorkeur onderhandelingen zullen voeren met landen die een constructieve rol hebben gespeeld in Cancún. Sommige Latijns-Amerikaanse hebben ook nu al veel te verliezen. Mexico en Chili hebben al een vrijhandelsakkoord met de VS, de Centraal-Amerikaanse landen onderhandelen erover en Colombia is de grootste ontvanger van Amerikaanse hulp in!
de regio. De Colombiaanse minister van Buitenlandse Handel, Jorge Botero, verklaarde dat zijn land enkel deel blijft uitmaken van de G 22 zolang de groep zich niet ontpopt tot een factor van politieke confrontatie met de Verenigde Staten.

Volgens Germán de la Reza, een expert inzake economische integratie die aan verscheidene Mexicaanse universiteiten doceert, zullen alleen Argentinië, Brazilië, Venezuela en Cuba met zekerheid samen standpunten blijven bepalen in een poging een tegengewicht te vormen tegen de Amerikaanse dominantie. Die landen hebben gelijkaardige commerciële belangen en worden bestuurd door linkse regeringen. Twijfels bestaan er over de positie van Bolivia, Ecuador en Paraguay. Ecuador heeft ook een progressieve regering, terwijl Paraguay en Ururguay samen met Argentinië en Brazilië deel uitmaken van de Mercosur, het Zuid-Amerikaanse handelsblok. Maar de drie landen zijn ook uit op handelsakkoorden met de VS.

Zelfs de harde kern van de G 22 blijft voorzichtig als het over de toekomstige onderhandelingsmacht van de ontwikkelingslanden gaat. De Venezolaanse president Hugo Chávez verklaarde vorige week dat de G 22 nog niet meer is dan een prille mogelijkheid die bovendien niet vrij is van contradicties. Volgens Chávez moet er werk gemaakt worden van de consolidatie van de groep, zodat de leden ook harder op tafel kunnen kloppen bij andere onderwerpen dan alleen in het landbouwdossier. Maar andere Latijns-Amerikaanse laten verstaan dat ze alleen tot de groep zijn toegetreden om in Cancún het onderste uit de kan te halen inzake landbouw, en zeker niet om permanent als één blok te blijven optreden. De centrale eis van alle ontwikkelingslanden in Cancún was de afbouw van de hoge landbouwsubsidies waarmee de industrielanden hun boeren bedenken.

De polarisatie tussen Noord en Zuid in Cancún lijkt intussen ook een grote invloed te gaan hebben op de onderhandelingen over de Pan-Amerikaanse Vrijhandelszone (FTAA), die in januari 2005 zouden moeten rond zijn. Volgens de Venezolaanse minister van Productie en Handel, Ramón Rosales, is de kans groot dat het strakke tijdsschema niet kan worden aangehouden. Net als in de Wereldhandelsorganisatie zorgt de vraag van de ontwikkelingslanden aan de rijke landen om hun excessieve landbouwsubsidies af te schaffen en hun markten te openen voor landbouwproducten uit het Zuiden voor grote onenigheid in de FTAA-onderhandelingen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3068   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift