Liberia verkwanselt helft woudoppervlak

Het Liberiaanse ministerie voor Bosbouw heeft de voorbije jaren in alle stilte houtkapvergunningen uitgereikt aan grote bedrijven. Maar liefst 40 procent van het bosoppervlak in het land is daardoor bedreigd, zeggen milieuverenigingen.

In de voorbije twee jaar alleen al is een kwart van het Liberiaanse grondgebied overgedragen aan privébedrijven, stellen de organisaties in een rapport, dat het resultaat is van drie maand onderzoek. Het rapport spreekt van een “explosie van het aantal geheime en vaak illegale houtkapvergunningen.”

Privaat

Het ministerie voor Bosbouw vaardigt “vergunningen voor privégebruik” uit die bedrijven een vrijgeleide geven om grote delen van de Liberiaanse regenwouden, bij de rijkste op het Afrikaanse continent, weg te vagen, zegt Jonathan Gant van de organisatie Global Witness. Lokale gemeenschappen, die bij de akkoorden betrokken zijn, spreken van dwang en oplichting om hun handtekening op het document te verkrijgen.

Minister van Informatie Lewis Brown beschrijft de situatie als “ontluisterend”, en zegt dat president Ellen Johnson-Sirleaf een onderzoekscommissie in het leven geroepen heeft. Als de akkoorden ongeldig blijken, zullen ze beëindigd worden, klinkt het.

“Het nieuws heeft ons geschokt”, zegt Brown. “De lokale gemeenschappen hebben er geen baat bij, de overheid int geen belastingen en bovendien zwermen die bedrijven uit over ons land om massaal bossen te kappen.”

Verbod

De Verenigde Naties stelden in 2003 een verbod in op houtimport uit Liberia nadat was gebleken dat de winsten gebruikt werden om rebellengroepen en de overheid te financieren in een burgeroorlog die veertien jaar aansleepte. De sancties werden opgeheven in 2006 en de export werd hervat in 2010.

In februari van dit jaar al kwam het gebruik van de vergunningen aan het licht. Het Agentschap voor Bosontwikkeling (FDA) stelde toen een moratorium in, maar uit het nieuwe rapport blijkt dat de praktijken onverminderd doorgaan.

Volgens Gant zijn aan de vergunningen nauwelijks voorwaarden verbonden. “De standaarden voor de houtkapbedrijven zijn erg, erg laag”, zegt hij. “Ook de lonen zijn bijzonder laag.”

Geen belastingen

In tegenstelling tot vergunningen op openbaar land, die tussen 2008 en 2011 85 miljoen euro in belastingen opbrachten, brengen deze vergunningen voor de staat geen geld in het laatje. Ook de eigenaren van het land verdienen nauwelijks. “Ze krijgen misschien 9 dollar voor een boomstam die 600 dollar waard is”, zegt Gant. “De echte winnaars zijn de bedrijven.”

Uit het rapport blijkt dat de FDA in amper twee jaar tijd minstens 66 vergunningen heeft uitgereikt. In de meeste gevallen is de eigenaar van de gronden een gemeenschap en geen privépersoon.

Leugens en dwang

Het voorbeeld van Tawalata, een afgelegen dorpje op het Liberiaanse platteland, is tekenend. Een overeenkomst uit september 2009 belooft het dorp een school, een ziekenhuis, studiebeurzen en tewerkstelling, naast een bijdrage van 800 euro per maand voor “ouderen”, wegen en bruggen.

Maar om al dat moois te krijgen moesten de stamouderen de documenten onmiddellijk ondertekenen. Ze kregen geen tijd om advocaten te raadplegen of zelfs om de teksten uit het Engels te laten vertalen. “We kregen 20 minuten”, zegt Obester Younga, directeur van de openbare school in Tawalata. “Nog voor we het document helemaal gelezen hadden, kwamen de ambtenaren zeggen dat de tijd om was.”

Kaifa Manjo, de lokale chef, gaat nog verder en zegt dat zijn handtekening op het document vervalst is. Zijn naam staat in drukletters op het document, maar Manjo is ongeletterd en op zijn identiteitskaart staat enkel een vingerafdruk als handtekening.

Van de beloftes van de houtbedrijven kwam niets terecht, zegt Silas Siakor van het Sustainable Development Institute. “Gemeenschappen worden belogen, misleid of gedwongen om deze akkoorden te tekenen”, zegt hij. Bovendien staat land van de overheid op de akkoorden ingekleurd als privaat domein.

Banen creëren

Onder meer dan twintig documenten staan de handtekeningen van twee ambtenaren: Moses Wogbeh, directeur van het Agentschap voor Bosontwikkeling, en Florence Chenoweth, de Liberiaanse minister van Landbouw.

Wogbeh voert aan dat zijn ministerie onder druk stond om banen te creëren, en dat er misschien vergunningen uitgereikt zijn “zonder omlijnd verificatieproces”. Maar hij ontkent dat er wetten overtreden zijn. “Sinds het moratorium is er geen vergunning uitgereikt”, zegt hij. “We ontkennen dat categorisch”.

Wogbeh is inmiddels geschorst.

 

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2925   proMO*’s steunen ons vandaag al. We hopen 2021 te kunnen starten met 3000 proMO*‘s, word jij er één van?

Word proMO* of Doe een gift