Mariela Castro wil rechten voor homoseksuelen

Seksualiteit en sociale verandering in Cuba

Genderrechtenactiviste Mariela Castro Espín kwam dit weekend naar het solidariteitsfeest Manifiesta om er te praten over seksualiteit en sociale revolutie in haar land. Ze vindt het hoog tijd dat de rechten van homoseksuelen in Cuba worden geëxpliciteerd.

Hoewel de leefomstandigheden van homoseksuelen in Cuba de laatste decennia sterk verbeterd zijn, is het machismo nog steeds sterk verweven met de Cubaanse cultuur. Homoseksuelen worden er nog steeds informeel gediscrimineerd, vooral op de werkvloer en op de vastgoedmarkt. Klacht neerleggen gaat niet, want discriminatie van homo’s is geen strafbaar feit. Het Cubaanse parlement heeft beloofd dat er dit jaar nog een code zou komen die de rechten van mensen met een andere seksuele geaardheid expliciteert, maar tot nu toe is dat nog niet gebeurd. Mariela Castro roept de overheid dan ook op om hier zo snel mogelijk werk van te maken.

Mariela Castro Espín, dochter van president Raúl Castro en feministe Vilma Espín, is licentiaat in de psycho-pedagogie en heeft een master in seksuologie. Ze staat aan het hoofd van het Cubaans Nationaal Centrum voor Seksuele Opvoeding (CENESEX), dat via onderzoek en educatie  tracht seksuele vooroordelen en homofobie uit de Cubaanse machocultuur te halen. Ze verwierf internationale bekendheid met haar engagement voor de rechten van holebi’s, transseksuelen en interseksuelen. Vandaag, woensdag 26 september, opende ze ook de nieuwe opleiding Seksuologie aan de UGent, een tweejarige vorming voor psychologen, artsen en pedagogen.

Als presidentsdochter en kind van de revolutie verdedigt ze natuurlijk het socialistische regime, maar toch klinkt er hier en daar een meer gematigde, soms zelfs kritische noot door. Zo is ze opgetogen over de steun die president Obama onlangs betuigde aan het homohuwelijk, en veroordeelt ze de homofobe houding van Fidel Castro. Ze voegt er wel aan toe dat haar oom zijn fouten erkent, en zich ervoor verontschuldigt. ‘Dat was heel dapper’, klinkt het. ‘De socialistische revolutie wordt gevoerd door mensen, en mensen maken nu eenmaal fouten.’

De revolutie en de vrouw

Volgens Mariela Castro veranderde de socialistische revolutie niet alleen het dagelijkse, maar ook het seksuele leven in Cuba. In de beginperiode van de revolutie werd de conservatieve patriarchale generatie namelijk geconfronteerd met de moderne ideeën van progressieve jongeren die zich niet alleen verzetten tegen de rigide dictatoriale regimes van voor het socialisme, maar ook nadachten over andere aspecten van de samenleving.

De Cubaanse opstand versterkte ook de positie van de vrouw. ‘Al in de jaren zestig werden een aantal vrouwenrechten vastgelegd, waar sommige westerse landen vijftig jaar later nog steeds van dromen’, zegt Castro. Vanuit de gedachte dat vrouwen het recht hebben om zelf over hun eigen lichaam te beslissen, stelde de Cubaanse regering in 1965 al een abortuswet op, die abortus niet alleen legaal maar ook gratis maakte. Enkele jaren later legde de Cubaanse overheid vast dat vrouwen evenveel moeten verdienen als mannen, een recht dat in België anno 2012 nog steeds niet wordt toegepast. Cuba was ook een van de eerste landen die midden jaren zeventig de Familiecode ondertekende die bepaalt dat vrouwen fundamenteel vrij zijn.

De revolutie en homoseksualiteit

Ook voor holebi’s en transseksuelen is er de laatste vijftig jaar heel wat veranderd. Voor de revolutie werd homoseksualiteit nog als een mentale afwijking gezien. Het werd gedoogd, maar enkel in marginale kringen van prostitutie en criminaliteit. Ook het socialistische regime van na de revolutie had een sterk homofobe inslag. Cuba kent een lange traditie van machismo, en homofobie was daar onlosmakelijk mee verbonden. Na het uitroepen van het socialistische karakter van de revolutie, zag men homoseksualiteit eerder als een burgerlijke afwijking die onder de positieve invloed van het socialisme zou verdwijnen.

Het is in deze context dat in de jaren zestig Militaire Eenheden voor Productiehulp (UMAP) werden opgericht. Dat zijn militaire werkkampen op het Cubaanse platteland waar opstandige jongeren werden gerehabiliteerd. De kampen waren in eerste instantie bedoeld voor dienstweigeraars, jongeren die ongeschikt waren voor de militaire dienstplicht en andere ‘antisocialen’, maar in de praktijk werden vooral homoseksuelen geviseerd. Ook dansers, schrijvers, artiesten en kustenaars werden als een bedreiging voor de revolutie gezien. De overheid schafte de kampen na drie jaar terug af, nadat details over zware dwangarbeid en machtsmisbruik aan het licht waren gekomen.

Vanaf de jaren zeventig en tachtig verbeterden de omstandigheden voor homoseksuelen in Cuba. Door de invloed van wetenschappelijk onderzoek werd homoseksualiteit niet langer als een ziekte gezien. De overheid vernietigde in die periode ook een aantal discriminerende wetten, zoals een wet die stelde dat homoseksuelen geen educatieve functie mochten vervullen, en voorzag financiële compensaties voor mensen die omwille van hun geaardheid waren ontslagen. In die periode werd ook de voorloper van CENESEX opgericht, de organisatie die via wetsvoorstellen, wetenschappelijk onderzoek en seksuele opvoeding ijvert voor de emancipatie van homoseksuelen. Via CENESEX slaagde Mariela Castro er in een wet te laten goedkeuren die gratis geslachtsoperaties voorziet voor transseksuelen.

 

 

 

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2745   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift