Mars voor vermiste Beloetsjen komt aan in Islamabad

Na vier maanden en 2150 kilometer lopen eindigt vandaag in de Pakistaanse hoofdstad Islamabad de mars van een groep Beloetsjen. Ze vragen aandacht voor vele verdwijningen en executies in hun provincie.

Qadeer Rekhi, een 72-jarige man in traditionele klederdracht, begon op 27 oktober te stappen vanuit Quetta, de hoofstad van de zuidwestelijke provincie Beloetsjistan. Precies vijf jaar geleden werd zijn zoon Jalil ontvoerd, uit zijn huis. Jalil was bestuurder van de Beljoetsjische Republikeinse Partij, een separatistische partij die banden heeft met de gewapende tak van de onafhankelijkheidsbeweging die tegen het Pakistaanse leger vecht.

In november 2011 kreeg Rekhi een telefoontje van de politie dat het lichaam gevonden was, 750 kilometer verderop.
“Zijn lichaam was zwaar toegetakeld”, zegt Rekhi. “Hij had drie schotwonden en sporen van marteling zoals brandplekken van sigaretten. Hij is helaas niet de enige. Volgens de mensenrechtenorganisatie Stem van Vermiste Beloetsjen zijn er meer dan duizend gevallen bekend sinds 2009, en bijna drieduizend sinds 2005. Een maand geleden nog werd een massagraf ontdekt met meer dan honderd lichamen, waarvan sommige bekendstonden als onafhankelijkheidsactivisten.

Commissie

De Pakistaanse regering ontkent de verantwoordelijkheid voor de doden en vermisten, en heeft een juridische commissie opgezet om de berichten te onderzoeken. De commissie buigt zich over 1475 zaken in het hele land.

Volgens Zohra Yusuf, voorzitter van de Mensenrechtencommissie van Pakistan, is de situatie “zeer ernstig”. Het Hooggerechtshof heeft nog weinig vooruitgang geboekt om mensen weer terug te vinden, zegt ze, en daarom heeft ze waardering voor Rekhi en zijn medewandelaars. “Ik denk dat het een historische mars is, omdat ik niemand ken die deze vorm van vreedzaam protest ooit heeft gebruikt.”

De groep telt slechts zestien mensen – acht vrouwen, vijf mannen en drie kinderen, inclusief Beauragh Baloch, de acht jaar oude zoon van Jalil Rekhi. De demonstranten roepen soms leuzen tegen de regering, maar lopen vaak gewoon in stilte. Soms krijgen ze gezelschap van mensen die een paar minuten meelopen, of een paar dagen.

Versperringen

Ze worden ook bedreigd, zeggen de demonstranten. Door mensen die dreigtelefoontjes plegen, door scheldende omstanders of door politie die de weg verspert. Dat gebeurde vooral in centraal en noordelijk Punjab, het hartland van de autoriteiten. Op andere momenten is de groep juist hartelijk ontvangen, zoals in Sindh, waar de afscheidingsbeweging erg populair is geworden. Ook in het zuiden van Punjab kregen de demonstranten een warm welkom van de menigte mensen.

Mir Muhammad Ali Talpur, afkomstig uit Hyderabad, in Sindh, heeft in totaal twintig dagen met de groep meegelopen. Hij is een oude rot in de gewapende afscheidingsbeweging. “De Beloetsjen willen vrijheid”, zegt de 68-jarige strijder. “Het gaat niet over eis zus of zo. Het gaat over vrijheid.” Talpur heeft geen handen meer sinds 1973, sinds die zijn ontploft bij het prepareren van explosieven. “Een beroepsongeval”, zegt hij. In de jaren zeventig vond er een brede opstand plaats tegen de regering.

Sinds 2005 is het geweld opnieuw opgelaaid. Beloetsjische groepen hebben de verantwoordelijkheid opgeëist voor de dood van 274 burgers die zijn omgekomen bij aanvallen op regeringsdoelen.

Talpur denkt niet dat de mars meteen tot tastbaar resultaat gaat leiden. “Het is vooral een boodschap van ongehoorzaamheid. We luisteren niet naar het establishment. En die houding, die is besmettelijk. Dat is waar ze bang voor zijn.”

Vandaag hopen de demonstranten in Islamabad aan te komen. “We gaan niet naar de machthebbers”, zegt Muhammad Zahid, een student van achttien. “We gaan alleen naar de Verenigde Naties en houden daar een sit-in. Als we hoop hadden dat de regering naar ons zou luisteren, hadden we dit niet hoeven doen.”

 

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3094   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift