Mechanisering van landbouw in Oost-Kasaï mislukt

Mechanisering moest de landbouw in de Congolese provincie Oost-Kasaï weer op de rails zetten. Maar de beloofde tractoren komen niet. 

Veel gezinnen uit Oost-Kasaï, in het centrum van de Democratische Republiek Congo, hebben niet genoeg te eten omdat de landbouwproductie te laag is.

Ghislain Mudila bewerkt een halve hectare in de buurt van Lupatapata, ten noorden van provinciehoofdstad Mbuji Mayi. Hij wijst de politici en het provinciebestuur met de vinger. Er waren tractoren beloofd voor iedereen, maar uiteindelijk gingen die alleen naar de grote landbouwers die al ruime financiële middelen hebben, zegt hij.

“Ze beloofden ons tractoren, maar ze bedienen alleen zichzelf. Waarom al die moeite?”

Hij moet zijn gezin blijven onderhouden met de hak die hij nog van zijn vader geërfd heeft.

Diamantwinning

In 2007 had de provinciegouverneur landbouw “prioriteit nummer één” genoemd. De aankondiging werd op gejuich onthaald door de boeren. Ze zagen het als een nieuw begin voor de plaatselijke landbouw, die al dertig jaar gestaag achteruit was gegaan na de liberalisering van de ambachtelijke diamantwinning in 1982.

Veel boeren waren gestopt, gelokt door de gemakkelijke winsten die ze met de edelstenen konden opstrijken.

De nationale regering wilde de landbouw in Oost-Kasaï moderniseren en kocht in 2009 honderd tractoren. Maar drie jaar later is de productie van de belangrijkste voedingsgewassen (maïs, maniok, rijst en bonen) nog altijd te laag om de zes miljoen inwoners van de provincie te voeden.

Volgens het provinciale landbouwministerie had de provincie vorig jaar 6,9 miljoen ton voedsel nodig en bedroeg de totale oogst slechts 6,3 miljoen ton.

Verkiezingen

Ondanks het tekort werd bovendien een deel van de oogst clandestien naar andere provincies geëxporteerd. Daardoor ontstonden tekorten en gingen de prijzen op de lokale markten hoog.

“Het verstrekken van tractoren is op een slechte manier gebeurd”, zegt Felly Muambayi van het Project voor het Herstel van Landbouw- en Plattelandssectoren. “Ze arriveerden toen de voorbereidingen voor de verkiezingen van 2011 bezig waren en de politici hebben het programma gebruikt om campagne mee te voeren.”

Slechts zestig van de honderd tractoren werken nog, zegt hij. Voor de rest ontbreken reserveonderdelen. “Men had ze rechtstreeks moet geven aan wie ze echt kon gebruiken in plaats van via parlementsleden en traditionele en religieuze leiders te werken.”

Niet gratis

Volgens de raad die de tractoren beheert, liep het fout doordat politici zich met de verdeling gingen bemoeien. “De juiste procedures zijn niet gevolgd”, zegt coördinator Isidore Tshibanza.

Ghislain Mudila klaagt ook dat te hoge prijzen worden aangerekend voor de huur van een tractor: 28 euro per hectare, en ook nog eens een bedrag voor de operator en zijn assistenten, en de kostprijs van de diesel. “Dat is te duur voor mij.”

“We zitten in een provincie die rijk is aan diamanten en waar de mensen uit het oog zijn verloren hoe landbouw werkt”, zegt Tshibanza. “Dat je gratis toegang wil tot een tractordienst, slaat nergens op. De tractoren moeten onderhouden worden en kapotte onderdelen moet vervangen worden.”

Hij stelt voor om de kleine boeren te stimuleren zich in coöperaties te groeperen. “Dat zou de kosten helpen drukken. Men moet de mensen opnieuw opvoeden over landbouw voor men probeert te mechaniseren.”

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift