Menswaardig bestaan voor internationaal huispersoneel

Huishoudelijk werkers zijn vaak het slachtoffer van uitbuiting. Niet enkel in het buitenland, maar ook achter chique Brusselse gevels vinden wantoestanden plaats. De christelijke vakbond ACV probeert die mensen te bereiken en bewust te maken van hun rechten.

  • Wereldsolidariteit Ana Rodriguez Marin Wereldsolidariteit

Over het algemeen komt een leger huispersoneel mee naar België in het zog van buitenlandse diplomaten wanneer die naar Brussel verhuizen. Vaak dienden die mensen reeds in het land van herkomst de diplomaat en zijn gezin. Om in België aan het werk te gaan krijgen de werkers een speciale werkvergunning. Die reikt het ministerie van Buitenlandse Zaken uit. ‘Het nadeel van deze vergunningen is dat de werknemer te afhankelijk is van zijn of haar baas,’ legt Ana Rodriguez Marin uit. Zij leidt de werkgroep ‘huispersoneel’ van het ACV. ‘De tijdelijke vergunning van huishoudelijk werkers loopt op hetzelfde moment af als dat van de diplomaat. Maar ook wanneer de diplomaat zegt dat hij de diensten van een werknemer niet meer nodig heeft, vervalt het contract.’

Ambassadepersoneel

De situatie waarin veel ambassadepersoneel verkeert, is alles behalve rooskleurig te noemen. Velen werken zes dagen op zeven voor een karig loon. Ook het aantal vrije dagen beperkt zich tot een minimum. Vaak verwacht de ambassadeur dat zijn werkvolk permantent beschikbaar is. Hierdoor kampen veel werkers met fysieke en mentale problemen. Dit soort misstanden komt vooral voor bij niet-Europese ambassades, volgens Rodriguez. ‘Soms ontnemen de diplomaten het paspoort van de werknemer bij aankomst in Brussel. Slachtoffers durven vaak niet aan te kloppen bij politie of andere instanties uit vrees opgepakt te worden. Daar komt nog eens bij dat hun werkgever diplomatieke onschendbaarheid geniet. Daarom is het belangrijk dat sociale organisaties een luisterend oor bieden.’

In oktober 2010 verspreidde het ACV een vragenlijst onder de buitenlandse huishoudelijk werkers. Hierop konden de respondenten de problemen aangeven waarmee ze in het dagelijkse leven kampen. Die gegevens werden verzameld en in kaart gebracht. Om met de onzichtbare werkkrachten in contact te komen heeft het ACV een onthaalbureau in het centrum van Brussel. Huishoudelijk werkers kunnen hier terecht met allerhande vragen omtrent hun verblijf of arbeid. Rodriguez trekt ook naar de Brusselse kerken tijdens de zondagsmis aangezien een groot deel van de buitenlandse werkkrachten praktiserende christenen uit Azië of Latijns-Amerika zijn. ‘Hier geef ik uitleg wat arbeidsrecht is, en praat ik met de mensen over het werk dat ze uitvoeren, de conditie waarin dat gebeurt of het totale aantal werkuren.

Verschillende categorieën

Huishoudelijk werk in België kan onderverdeeld worden in drie categorieën. Er zijn de werknemers van buitenlandse diplomaten die met een speciale kaart aan de slag gaan. Maar de grootste groep werkt via de dienstencheques. In dit concept, dat sinds 2004 bestaat, ontvangt de werknemer evenveel alsof hij in het zwart zou werken. De overheid betaalt het bedrag dat naar de sociale zekerheid gaat. Het derde systeem is de kleinste groep, namelijk het huisbediendenstatuut. Particulieren betalen deze werkkrachten vol -of halftijdse contracten Hun aantal is verwaarloosbaar. In 2010 hadden amper 972 mensen dit statuut. Om dit statuut te verkrijgen moet aan bepaalde voorwaarden voldaan worden. Een vereiste is dat de werknemer in de woning van de werkgever woont en minimum 24 uur per week werkt. Het spreekt voor zich dat een groot aantal mensen niet in deze statistiek verwerkt zijn omdat ze geen papieren hebben of niet aan de criteria voldoen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3093   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift