Militaire campagne alleen is niet genoeg in Afghanistan

De coalitietroepen in Afghanistan voeren samen met het Afghaanse leger en de politie een offensief uit om de regio Kandahar, Helmand, Uruzgan en Zabol te zuiveren van de Taliban. Maar dergelijke acties lijken alleen te kunnen slagen als de plattelandsbevolking alternatieven krijgt voor de papaverteelt.
De hergroepering van honderden Talibanstrijders in dorpen in het zuiden van Afghanistan heeft direct te maken met de oogstkalender voor papaver, de grondstof voor heroïne. Volgens analisten hebben de Taliban directe contacten met de drugsmaffia, die beloofd heeft dit jaar de papavervelden te beschermen.

Bij de start van het zaaiseizoen in december, zorgde de drugsmaffia dat de boeren geld, machines, zaad en mest kregen om papaver te verbouwen. De Afghaanse boeren waren blij met die steun. Als wederdienst dwarsbomen ze de pogingen van de overheid om de papaverteelt uit te roeien. Drugssmokkelaars verwerken opium uit de papaverplant in illegale fabrieken tot heroïne. In 2005 werd zo voor 173 miljard dollar aan heroïne geproduceerd.

De Afghaanse boeren, die afhankelijk zijn van de papaverteelt, beschuldigen de regering van gebrek aan begrip. De drugsbestrijding, de gesteund wordt door de internationale gemeenschap, bedreigt de inkomens van arme boeren, mist een duidelijke richting en zal hoogstwaarschijnlijk weinig resultaat opleveren.

Als Kaboel papavervelden blijft vernietigen zonder volledige compensatie, dreigen de boeren weinig goodwill tonen om mee te werken aan de overheidsinitiatieven. Ze zullen eerder allianties vormen met de drugsmaffia en de Taliban om zo hun inkomstenbron te beschermen.

In april van dit jaar lanceerden de door de VS geleide coalitietroepen en de Afghaanse veiligheidstroepen ‘Operatie Mountain Lion’ in het oosten van Afghanistan. Die operatie was bedoeld om tegenstanders van de regering uit te schakelen.

In juni werd nog een militaire campagne gelanceerd, ‘Operatie Mountain Thrust’. Die operatie is nu nog volop bezig. Het is het grootste militaire offensief in Afghanistan sinds de val van de Taliban in 2001. Er zijn meer dan 11.000 militairen van de coalitietroepen bij betrokken, gesteund door het Afghaanse Nationale Leger en de Afghaanse Nationale politie.

Doel van de operatie is om de regio Kandahar, Helmand, Uruzgan en Zabol te zuiveren van de Taliban en andere opstandelingen. Berichten uit de regio wijzen erop dat er al veel slachtoffer zijn gevallen onder de Taliban. Betrouwbare informatie over doden aan de kant van de coalitietroepen en de Afghaanse veiligheidstroepen is moeilijk te achterhalen.

Dat er veel slachtoffers zijn gevallen onder Talibanstrijders, is echter aannemelijk. Zij concentreren zich sinds kort in de bergen van Helmand, Uruzgan en Kandahar, waar ze bestookt worden met geavanceerde wapens van de coalitietroepen.

Het is aannemelijk dat Operatie Mountain Thrust de activiteiten van de Taliban in de regio zal verminderen. De vraag is echter of de opstandelingen in de regio kunnen worden uitgeschakeld. Vorige operaties hebben geleerd dat de impact van dit soort offensieven beperkt en tijdelijk is. Als militaire successen een blijvende impact willen hebben, dan zal Afghanistan met een goed doordachte stabiliseringsstrategie moeten komen.

De offensieven zullen gevolgd moeten worden door een wederopbouwprogramma dat tegemoet komt aan de basisbehoeften van de bevolking, en ‘veiligheid’ staat daarbij bovenaan het lijstje. Zonder adequate bescherming en sociale steun zijn de Afghanen een gemakkelijke prooi voor de Taliban. Opstandelingen zullen dan terugkeren naar eerder gezuiverde gebieden en de regering en de internationale gemeenschap dwingen opnieuw in het offensief te gaan. Dat zou uitmonden in een eindeloze reeks geldverslindende militaire operaties.

De Taliban krijgt, zo vermoeden analisten, steun uit Pakistan. Die steun zou vooral komen uit religieuze seminaries en koranscholen. Als de 20.000 Pakistaanse koranscholen elk één Talibanstrijder per maand afleveren, dan hebben de Taliban maandelijks 20.000 nieuwe rekruten tot hun beschikking.

Het is dan ook onwaarschijnlijk dat de Taliban alleen met militaire middelen verslagen kunnen worden. Aan de opstand in Afghanistan kan alleen een einde komen als de plattelandsbevolking de Taliban niet meer nodig heeft om te overleven. (JS/PD)
AFGHANISTAN: Militaire campagne alleen is niet genoeg in Afghanistan -achtergrond

KABOEL, 26 juli (IPS) - De coalitietroepen in Afghanistan voeren samen met het Afghaanse leger en de politie een offensief uit om de regio Kandahar, Helmand, Uruzgan en Zabol te zuiveren van de Taliban. Maar dergelijke acties lijken alleen te kunnen slagen als de plattelandsbevolking alternatieven krijgt voor de papaverteelt.

De hergroepering van honderden Talibanstrijders in dorpen in het zuiden van Afghanistan heeft direct te maken met de oogstkalender voor papaver, de grondstof voor heroïne. Volgens analisten hebben de Taliban directe contacten met de drugsmaffia, die beloofd heeft dit jaar de papavervelden te beschermen.

Bij de start van het zaaiseizoen in december, zorgde de drugsmaffia dat de boeren geld, machines, zaad en mest kregen om papaver te verbouwen. De Afghaanse boeren waren blij met die steun. Als wederdienst dwarsbomen ze de pogingen van de overheid om de papaverteelt uit te roeien. Drugssmokkelaars verwerken opium uit de papaverplant in illegale fabrieken tot heroïne. In 2005 werd zo voor 173 miljard dollar aan heroïne geproduceerd.

De Afghaanse boeren, die afhankelijk zijn van de papaverteelt, beschuldigen de regering van gebrek aan begrip. De drugsbestrijding, de gesteund wordt door de internationale gemeenschap, bedreigt de inkomens van arme boeren, mist een duidelijke richting en zal hoogstwaarschijnlijk weinig resultaat opleveren.

Als Kaboel papavervelden blijft vernietigen zonder volledige compensatie, dreigen de boeren weinig goodwill tonen om mee te werken aan de overheidsinitiatieven. Ze zullen eerder allianties vormen met de drugsmaffia en de Taliban om zo hun inkomstenbron te beschermen.

In april van dit jaar lanceerden de door de VS geleide coalitietroepen en de Afghaanse veiligheidstroepen ‘Operatie Mountain Lion’ in het oosten van Afghanistan. Die operatie was bedoeld om tegenstanders van de regering uit te schakelen.

In juni werd nog een militaire campagne gelanceerd, ‘Operatie Mountain Thrust’. Die operatie is nu nog volop bezig. Het is het grootste militaire offensief in Afghanistan sinds de val van de Taliban in 2001. Er zijn meer dan 11.000 militairen van de coalitietroepen bij betrokken, gesteund door het Afghaanse Nationale Leger en de Afghaanse Nationale politie.

Doel van de operatie is om de regio Kandahar, Helmand, Uruzgan en Zabol te zuiveren van de Taliban en andere opstandelingen. Berichten uit de regio wijzen erop dat er al veel slachtoffer zijn gevallen onder de Taliban. Betrouwbare informatie over doden aan de kant van de coalitietroepen en de Afghaanse veiligheidstroepen is moeilijk te achterhalen.

Dat er veel slachtoffers zijn gevallen onder Talibanstrijders, is echter aannemelijk. Zij concentreren zich sinds kort in de bergen van Helmand, Uruzgan en Kandahar, waar ze bestookt worden met geavanceerde wapens van de coalitietroepen.

Het is aannemelijk dat Operatie Mountain Thrust de activiteiten van de Taliban in de regio zal verminderen. De vraag is echter of de opstandelingen in de regio kunnen worden uitgeschakeld. Vorige operaties hebben geleerd dat de impact van dit soort offensieven beperkt en tijdelijk is. Als militaire successen een blijvende impact willen hebben, dan zal Afghanistan met een goed doordachte stabiliseringsstrategie moeten komen.

De offensieven zullen gevolgd moeten worden door een wederopbouwprogramma dat tegemoet komt aan de basisbehoeften van de bevolking, en ‘veiligheid’ staat daarbij bovenaan het lijstje. Zonder adequate bescherming en sociale steun zijn de Afghanen een gemakkelijke prooi voor de Taliban. Opstandelingen zullen dan terugkeren naar eerder gezuiverde gebieden en de regering en de internationale gemeenschap dwingen opnieuw in het offensief te gaan. Dat zou uitmonden in een eindeloze reeks geldverslindende militaire operaties.

De Taliban krijgt, zo vermoeden analisten, steun uit Pakistan. Die steun zou vooral komen uit religieuze seminaries en koranscholen. Als de 20.000 Pakistaanse koranscholen elk één Talibanstrijder per maand afleveren, dan hebben de Taliban maandelijks 20.000 nieuwe rekruten tot hun beschikking.

Het is dan ook onwaarschijnlijk dat de Taliban alleen met militaire middelen verslagen kunnen worden. Aan de opstand in Afghanistan kan alleen een einde komen als de plattelandsbevolking de Taliban niet meer nodig heeft om te overleven. (JS/PD)

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift