Justitieminister De Clerck over de nieuwe afluisterwet

Voor de Belgische spionnen was 21 januari D Day: de Senaat keurde de zogenaamde BIM-wet goed. Na bijna 180 jaar mag de Staatsveiligheid voor het eerst bijzondere inlichtingenmethodes aanwenden: telefoons aftappen, afluisterapparatuur plaatsen, valse bedrijven oprichten, e-mails onderscheppen, post openen… Minister van Justitie Stefaan De Clerck geeft aan MO* tekst en uitleg bij de nieuwe wet.

Moet de Belgische burger zich zorgen maken nu onze geheime diensten verregaand mogen ingrijpen in hun privéleven?
Stefaan De Clerck: Neen. De BIM-wet zal net meer veiligheid brengen voor de bevolking. We kunnen geen 100 procent zaken uitsluiten, maar het zal toch een serieuze verbetering zijn op het gebied van veiligheid. En wat democratische controle betreft, hebben we de strengste wetgeving van Europa. In sommige andere landen bedraagt de wettekst over bijzondere inlichtingenmethodes maar twee A4’tjes. Dan denk ik dat wij in België toch wel serieus werk geleverd hebben. Er is twee jaar over gediscussieerd in Kamer én Senaat, de commissies hebben er veel tijd in gestoken, we hebben de journalistenvereniging en de advocaten uitgenodigd… Het is een evenwichtige wet met veel waarborgen voor de burger.

Zijn in de North Gate, waar de Staatsveiligheid huist, de champagneflessen ontkurkt?
Stefaan De Clerck: Neen, want de wet is nog altijd niet gepubliceerd.

Bent u zelf tevreden dat de BIM-wet –na jaren wetgevend werk– eindelijk is goedgekeurd?
Stefaan De Clerck: Dit is belangrijke wetgeving voor iedereen, ik ben er heel gelukkig mee.
De moederwetgeving heb ik in de jaren negentig mee voorbereid. Ik ben blij dat ik nu de volgende stap kan zetten. Dat die wet er nu is, is verschrikkelijk belangrijk om toezicht te houden op de diensten. Het is ook goed om onze diensten performant te houden. Ik ben gelukkig dat het wetsvoorstel van Hugo Vandenberghe gefinaliseerd is, en waardeer ten zeerste de samenwerking met het parlement op dat vlak –in het bijzonder met Hugo Vandenberghe als indiener van het voorstel.

Optreden in een vroeg stadium

Wat is de grote verdienste van de BIM-wet?
Stefaan De Clerck: De bestaande wet op de inlichtingendiensten dateert van 1998. Sindsdien is er heel wat veranderd op het vlak van communicatietechnologie. De nieuwe technologie die gebruikt wordt vormt een van de uitdagingen voor de inlichtingendiensten.
De grote verdienste van deze wet is dat ze aan Belgische inlichtingendiensten nieuwe middelen geeft waarmee zij reeds in een zeer vroeg stadium de opvolging kunnen verzekeren van potentiële dreigingen voor de inwendige veiligheid van de staat –wat vroeger niet het geval was- en voor het beschermen van het wetenschappelijk en economisch potentieel.
Bijkomend voordeel is dat hierdoor een beter toezicht gehouden kan worden op de activiteiten van buitenlandse inlichtingendiensten die in België actief zijn of hier vertegenwoordigingen hebben.

In deze wet is de controle op buitenlandse inlichtingendiensten nochtans niet expliciet ingeschreven –ondanks herhaalde aanbevelingen van het Comité I.
Stefaan De Clerck: Buitenlandse inlichtingendiensten zijn gehouden aan de Belgische wetten, zoals iedereen. Nu kunnen ze samenwerken met gelijke middelen met de Belgische inlichtingendiensten, maar daarbuiten hebben zij zich te houden aan de Belgische wetten. Dus ik zie niet in waarom expliciet controle op buitenlandse inlichtingendiensten expliciet zou moeten ingeschreven worden in de wet.

Controle op buitenlandse inlichtingendiensten is één ding, samenwerken met hen is nog een ander element. Volgens Thomas Hammarberg, mensenrechtencommissaris van de Raad van Europa, moet je die samenwerking in regels gieten, zoals bijvoorbeeld Nederland doet. België heeft ervoor gekozen dat niet te doen –waarom?
Stefaan De Clerck: In Nederland is de samenwerking met buitenlandse inlichtingendiensten een jaar of drie geleden geregeld. Maar daar zie je dat men toch een luik openhoudt om samen te werken met inlichtingendiensten die niet voldoen aan OVSE enzovoort. Op bepaalde momenten maakt men toch nog een uitzonderingen indien de binnenlandse veiligheid gevaar loopt. Dus dat er regels moeten zijn, ja, maar je moet ze wel kunnen toepassen ook. En als je dan voor iedere regel een achterpoort openlaat…

“Zeer geheim”

Wanneer treedt de BIM-wet in werking?
Stefaan De Clerck: Ze moet nog ondertekend worden door de minister en de koning, vervolgens gepubliceerd in het Staatsblad, en dan zes maanden nadien gaat ze in voege. We rekenen erop dat de wet tegen september dit jaar in voege is, met het oog op het Belgisch voorzitterschap van de EU. Met dat voorzitterschap en alle problemen die zich daarbij voordoen, kunnen de inlichtingendiensten de wetgeving gebruiken.

Tegen dat de BIM-wet in werking treedt, moet er een commissie komen met drie magistraten die toezien op de toepassing van de wet.
Stefaan De Clerck: Dat klopt. Die magistraten moeten een veiligheidsmachtiging hebben van het niveau “zeer geheim”. Dat neemt even tijd in beslag. Er moet ook een taalevenwicht zijn. Er zal een selectiecommissie komen die een gesprek heeft met de kandidaten, daaruit komen dan voorstellen.

Die drie magistraten zullen enorm belangrijke beslissingen nemen over verregaand ingrijpen in het privéleven van de Belgen.
Stefaan De Clerck: Ze zullen moeten waken over proportionaliteit en subsidiariteit van de methodes.

Hoeveel personen komen in aanmerking om in die commissie te zetelen?
Stefaan De Clerck: Het zal gaan om mensen van bijvoorbeeld het federaal parket, of het parket van Antwerpen of Luik, waar men ervaring heeft met terrorisme. De voorwaarden om deel uit te maken van die comissie waren in het eerste wetsvoorstel zeer streng. We moesten ze aanpassen omdat er niet veel magistraten voldeden aan alle criteria.

De wet mag perfect zijn, mensen zijn dat niet. Vrees u voor misbruik van de nieuwe methoden?
Stefaan De Clerck: Dat is natuurlijk altijd mogelijk. Maar daarom zijn er net die opeenvolgende controles door de commissie van magistraten, het Comité I, het parlement, de minister en het Ministerieel Comité voor Inlichtingen en Veiligheid. Er is een cascade aan initiatieven. In die zin denk ik dat de wet maximale waarborgen biedt.

In het laatste jaarverslag over de Bijzondere Opsporingsmethoden (BOM) van de politie stelt de Dienst voor Strafrechtelijk Beleid dat het quasi onmogelijk is om de doeltreffendheid van speciale politietechnieken te meten. Wat leert u daaruit voor de bijzondere inlichtingenmethodes (BIM)?
Stefaan De Clerck: Eerst en vooral moet ik u zeggen dat de core business van inlichtingendiensten in België de menselijke bronnen (informanten, kc) zijn. De bijzondere methoden zijn zeker nodig, maar de menselijke bronnen blijven het belangrijkste. Op dat vlak behoren de Belgische inlichtingendiensten trouwens tot de top van Europa, net omdat ze geen andere middelen ter beschikking hadden in het verleden.
Het is heel moeilijk om de efficiëntie van BOM-methoden te meten. Voor de BIM zal er ook een afweging zijn door de commissie van de drie magistraten, die voortdurend toezicht daarop uitoefenen. We zullen er over waken dat de BIM-wet zo efficiënt mogelijk wordt toegepast en er over waken dat de kosten onder controle blijven.

Luistert Tel Aviv mee?

Om telefoons af te luisteren zal de Staatsveiligheid een beroep doen op de tapkamer van de Federale Politie? De militaire inlichtingendienst ook?
Stefaan De Clerck: Inderdaad. Er wordt geen nieuwe afluisterapparatuur aangekocht –dat was al voorzien bij de installatie van de tapkamer van de politie.
Bestaat het risico dat het Israëlische bedrijf Nice, dat de tapkamer heeft geleverd, via achterpoortjes in de technologie ook toegang heeft tot de informatie?
Stefaan De Clerck: Ik heb er geen kennis van dat Nice via achterpoortjes op de tapkamer hier in België toegang zou hebben tot de informatie. Alles is natuurlijk mogelijk, maar ik denk dat er de nodige beveiligingsmaatregelen en richtlijnen zijn om die zaken te vermijden. De Staatsveiligheid is trouwens al twee jaar bezig met de voorbereidende studie van die zaken, om klaar te zijn de dag dat de BIM-wet in werking treedt.

Drie jaar gevangenisstraf

De wet voorziet extra bescherming voor advocaten, artsen en journalisten. Die kunnen maar afgeluisterd worden indien ze ‘persoonlijk en actief meewerken of hebben meegewerkt aan het ontstaan of de ontwikkeling van een potentiële dreiging’. Geef eens een voorbeeld van zo een situatie?
Stefaan De Clerck: Er is nu bijvoorbeeld een advocaat die werkzaam is voor een groot consultancybureau. Vanuit zijn functie heeft hij toegang tot informatie over strategische producten. En hij speelt ten persoonlijke titel die informatie door aan een derde mogendheid, bijvoorbeeld Rusland of China. Wel, dan houdt die advocaat –of journalist- een potentiële dreiging in. Het kan evengoed een journalist zijn die hier geaccrediteerd is en onder een cover werkt van een buitenlandse mogendheid. Als je ziet hoeveel buitenlandse journalisten hier in België geaccrediteerd zijn bij de Navo en de Europese instellingen…

Is het voorbeeld van die advocaat fictief of uit het leven gegrepen?
Stefaan De Clerck: In de periode dat ik er ben, heb ik dat soort situaties niet meegemaakt. Maar in de hoorzittingen heb ik wel vernomen dat er op bepaalde ogenblikken delicate situaties zijn waarbij buitenlandse diensten voorwerp moeten uitmaken van bijzondere aandacht en opvolging door onze diensten. Om met dat soort delicate opdrachten correct om te gaan, is het huidige instrumentarium absoluut noodzakelijk.

Wie de identiteit onthult van agenten van de inlichtingendienst wiens opdrachten omwille van veiligheidsredenen discretie vereisen, riskeert een gevangenisstraf tot drie jaar. In het recente MO*dossier over Belliraj (‘Slechts één man kent de hele waarheid’, MO*, 26.8.09) beschrijf ik de rol van André Jacob van de Staatsveiligheid in de affaire-Belliraj. Is dat voortaan strafbaar?
Stefaan De Clerck: Ten eerste is het aan de rechtbank om uit te maken of het strafbaar is of niet, dat is niet aan de minister van Justitie. Belangrijk daarbij is bovendien dat de identiteit onthuld wordt met kwaad opzet. Geval per geval zal moeten uitgemaakt worden of de bekendmaking van de identiteit van een lid van de inlichtingendienst kwaadwillig is gebeurd. Deze bepaling is in de wet opgenomen omdat in de inlichtingenwereld het bekendmaken van de naam van een lid van de dienst zware gevolgen kan hebben voor zijn/haar eigen veiligheid of die van zijn/haar familie.

Opvallend is dat de BIM-wet ook de wet op openbaarheid van bestuur grondig wijzigt. Voortaan mogen administraties WOB-verzoeken afwijzen indien het belang van openbaarheid niet opweegt tegen dat van de verdediging van het grondgebied, de strijdkrachten, de staatsveiligheid, de internationale betrekkingen, het wep, elk ander fundamenteel belang van de staat… Blijft de wet op openbaarheid van bestuur zijn slagkracht behouden?
Stefaan De Clerck: Er zijn op dit moment al een hele reeks uitzonderingsgronden op de wet op openbaarheid van bestuur –ook zonder de nieuwe BIM-wet. Die vereisen een zekere belangenafweging. Je hebt bijvoorbeeld nu ook al geen openbaarheid als de veiligheid van de bevolking in het gedrang komt, de openbare orde, de verdediging van het land, de federale internationale betrekkingen, de vervolging van strafbare feiten, de persoonlijke levenssfeer… Voor de veiligheid van het land is het noodzakelijk.

T-shirts met racistische slogans

Wanneer een individu mentaal gevormd wordt tot het plegen van terroristische handelingen, is sprake van een radicaliseringsproces. Hoe meet je of iemand ‘mentaal gevormd’ wordt?
Stefaan De Clerck: Individuele gedragswijzigingen kunnen tekenen van radicalisering zijn. Onder meer het verbreken van familiale en vriendschapsbanden zijn een mogelijk uiterlijk kenmerk. Bij radicalisering treedt vaak ook een eigen handelingslogica in, waarbij geen plaats meer is voor andere opinies. De beleving van de eigen mening is ook vaak niet meer individueel en wordt dikwijls opgelegd aan anderen, desnoods met geweld of intimidatie. Uiterlijke tekenen kunnen grote en blijvende kledingsstijl zijn –denk aan zwarte t-shirts met openlijk racistische slogans, de boerka, …

De BIM-wet zal ongetwijfeld helpen bij de bescherming van het wetenschappelijk en economisch potentieel (wep). Het Ministerieel Comité voor Inlichtingen en Veiligheid zou de Staatsveiligheid bijkomende richtlijnen kunnen geven om duidelijk te maken wat er precies moet worden beschermd. Zijn er zo al richtlijnen opgesteld?
Stefaan De Clerck: Er is momenteel een werkgroep bezig met het opstellen van de lijst van strategische sectoren. Die werkgroep bestaat momenteel enkel uit de leden van het College voor Inlichtingen en Veiligheid. Binnenlandse Zaken is bezig een lijst samen te stellen rond kritieke infrastructuur -vervoer is een van de prioriteiten daarin. Er is nog veel werk in België om dat vast te leggen.

Grootste bekommernis

Via een niet-geclassificeerd proces verbaal van de commissie aan het parket kan informatie ingewonnen via de BIM-methodes in een strafdossier terechtkomen. Volgens onder meer de Orde van Vlaamse Balies bestaat hierdoor het risico dat inlichtingendiensten “in onderaanneming” gaan doen wat in een normaal gerechtelijk onderzoek nooit zou kunnen. Deelt u die bezorgdheid?
Stefaan De Clerck: Neen, want de commissie van de drie magistraten ziet er altijd op toe. Bovendien is het niet de finaliteit van een inlichtingendienst om het opsporen van strafrechterlijke inbreuken mogelijk te maken. Wanneer de inlichtingen van een inlichtingendienst worden overgemaakt aan de gerechtelijke autoriteiten, dan verloopt dat via die commissie van drie magistraten.
Die inlichtingen kunnen niet de exclusieve grond zijn om iemand te veroordelen, noch de overheersende maatregel. De elementen moeten nog steun vinden in andere bewijsmiddelen, bijvoorbeeld observaties door de politie, een huiszoeking, rechterlijke telefoontap… Je kan nooit exclusief veroordeeld worden op basis van een inlichting afkomstig van de inlichtingendiensten en overgemaakt aan de gerechtelijke autoriteiten.

Zo staat het in de wet, maar in de realiteit kan het anders lopen.
Stefaan De Clerck: Ik denk niet dat er in België al iemand veroordeeld is enkel op basis van inlichtingen afkomstig van inlichtingendiensten.

Gelet op het arrest van het Grondwettelijk Hof over de BOM-wet (dat de overdracht van bevoegdheden van de rechter naar het parket laakt): kan dit hof de BIM-wet vernietigen?

Stefaan De Clerck: Het is niet aan mij om daarop te antwoorden. Het grondwettelijk hof moet zich daarover uitspreken.
Is dat een bezorgdheid die leeft?
Stefaan De Clerck: (stilte) We gaan zien in de praktijk.

Mensen die het wereldje goed kennen zeggen: dit is het meest cruciale in de wet, de bekommernis dat je veroordeeld zou worden op basis van intelligence.
Stefaan De Clerck: Dat is ondenkbaar bijna. De inlichtingen die overgemaakt worden, moeten bevestigd worden door het politie-onderzoek. Ik denk dat er niet één rechter in België u zal veroordelen enkel op basis van inlichtingen afkomstig van inlichtingendiensten.

‘Er waren altijd wel problemen’

Het Comité I zal a posteriori toezicht houden op de BIM, en brengt vervolgens verslag uit aan zijn begeleidingscommissie. (Wanneer) zullen de leden van die begeleidingscommissie een veiligheidsmachtiging krijgen?
Stefaan De Clerck: Er ligt een voorstel op tafel: net als de leden van de federale regering krijgen de parlementairen van de begeleidingscommissie een veiligheidsmachtiging zonder dat ze eerst een veiligheidsonderzoek moeten ondergaan. Nu is het aan de senatoren om al dan niet op dat voorstel in te gaan. We hopen dat er eerstdaags antwoord komt.
Maar het reglement van de senaat zal ook nog aangepast moeten worden daarvoor. De mensen van de begeleidingscommissie zijn afgevaardigd door de senaat, en dat schept een spanningsveld: enerzijds moeten ze informatie doorgeven aan de plenaire, anderzijds mogen ze dat niet meer (in het geval van geclassificeerde info) eens ze zo een veiligheidsmachtiging hebben. Het is een heel moeilijke oefening.

Hoopt u dat ze op het voorstel ingaan?
Stefaan De Clerck: Het zou wel nuttig zijn dat ze over zo een veiligheidsmachtiging beschikken, want nu zitten we dikwijls met de problematiek dat veel inlichtingen geclassificeerd zijn, dat het Comité I een toezichtsonderzoek doet, maar in haar finale rapport die inlichtingen niet kan vermelden. Zodanig dat het heel moeilijk is om echt valabele toezichtsonderzoeken te kunnen overmaken aan de commissie.
De classificatie is één probleem, maar daarnaast heb je nog de gerechtelijke onderzoeken. Met een veiligheidsmachtiging heb je daartoe nog geen toegang. In sommige dossiers waar het Comité I opgedragen wordt een toezichtsonderzoek uit te voeren, zijn de inlichtingendiensten al expert in een gerechtelijk onderzoek.

Intussen stapelen de dossiers van het Comité I zich op op het bureau van senaatsvoorzitter Armand Dedecker: van het dossier-Belliraj over De Bonvoisin tot de audit. Hoe komt dat?
Stefaan De Clerck: Omdat er dossiers bij zijn die geclassificeerd zijn. En omdat je in sommige toezichtsonderzoeken geen gefundeerd inzicht kunt krijgen als je geen toegang hebt tot de geclassificeerde gegevens. Bij de audit is een deel geclassificeerd ‘beperkte verspreiding’ en een ander deel ‘vertrouwelijk’. Daarom proberen wij hiervoor een oplossing te vinden, zodat de begeleidingscommissie zijn werk kan doen.

Hoe hebben de senatoren dan de afgelopen twintig jaar toezicht gehouden op onze geheime diensten?
Stefaan De Clerck: Er waren altijd wel problemen. Ze hadden enkel en alleen toegang tot beperkte informatie.

Voormalig Kamervoorzitter Herman De Croo voerde een aantal jaren geleden het principe ‘for your eyes only’ in…
Stefaan De Clerck: De wet op de classificatie verbiedt ‘for your eyes only’: als je geen veiligheidsmachtiging hebt, heb je er geen toegang toe. Ik weet natuurlijk niet welke informatie mijnheer De Croo al dan niet heeft laten zien aan de senatoren van de begeleidingscommissie.

Volgens de nieuwe BIM-wet mag het Comité I in zijn verslag aan het parlement geen elementen opnemen die de samenwerking met buitenlandse diensten in gevaar brengen. Blijft op die manier de controle door de begeleidingscommissie nog mogelijk?
Stefaan De Clerck: Dat is de fameuze “derdenregel”: je mag geen informatie van buitenlandse diensten gebruiken buiten het inlichtingencircuit zonder de toestemming van die buitenlandse diensten.

Wat in de wet staat, is ruimer dan de regel van de derde dienst.
Stefaan De Clerck: De bescherming van dergelijke documenten is reeds voorzien in het huishoudelijk reglement van het Comité I. Het gaat meestal over geclassificeerde informatie.
Dat impliceert nog altijd niet dat er geen effectieve controle kan zijn door het Comité I. De hele wet is er net op voorzien dat er meer informatie kan doorstromen, dat er meer toetsing kan gebeuren, dat er meer instanties zijn die tussenkomen…

‘Terrorisme is en blijft dé prioriteit’

Zoals de naam het zegt, slaat de BIM-wet op methoden. De inhoud van het inlichtingenwerk is een andere zaak: het is aan het Comité Inlichtingen en Veiligheid om de prioriteiten voor de Staatsveiligheid en ADIV vast te leggen. Wat zijn de prioriteiten voor 2010?
Stefaan De Clerck: Terrorisme is en blijft dé prioriteit. Dat is en blijft de hoofdzaak in deze tijden.

Ik hoor uit meerdere bronnen in het inlichtingenwereldje dat het de ministers van het Comité I&V ontbreekt aan politieke moed om prioriteiten op papier te zetten…
Stefaan De Clerck: Het Comité I&V staat onder het voorzitterschap van de eerste minister. Het is een verzameling van meerdere ministers. Ik heb prioriteit gegeven aan iets wat al meer dan tien jaar had moeten gebeuren en nu onder mijn ministerschap is gebeurd. Ik heb de moed gehad om de BIM-wet door te drukken. De wet is er nu. Ik denk dat dit al een belangrijke stap is. Nu moeten we de volgende stap zetten en kijken of we misschien het debat moeten voeren over nieuwe of andere prioriteiten.
Het heeft niets te maken met een gebrek aan moed. Ik zie niet dat daar een probleem zit. Ik voel me niet aangesproken.

Insiders zeggen: als het Comité I&V bepaalde prioriteiten zou vastleggen, en er gebeurt een aanslag door een groepering die niet tot die prioriteiten behoorde, zouden de ministers hun verantwoordelijkheid moeten nemen –en daarom leggen ze geen prioriteiten vast.
Stefaan De Clerck: Als de situatie zich voordoet, zal ik mijn verantwoordelijkheid nemen.

De Staatsveiligheid doorgelicht

Wat zijn de belangrijkste conclusies van de audit van de Staatsveiligheid?
Stefaan De Clerck: De audit benadrukt vooral een management-ambitie. Ik denk dat hij positief onthaald wordt in de diensten. Hij ligt in de lijn van wat er nu al beweegt en gebeurt. Ik heb vertrouwen dat de aanbevelingen van de audit correct geïmplementeerd zullen worden.

De conclusie van de audit is dus: er is nood aan meer management?
Stefaan De Clerck: Ik heb dat er als conclusie uit gehaald, misschien dat andere mensen er andere elementen uithalen. Ik heb het zo ervaren dat dat de rode draad is door de hele studie. Het gaat om beter management: er gebeuren dingen, er zijn aanzetten, maar men moet er in verder gaan.

Geheime dienst zkt. spionnen (m/v)

Hoeveel werknemers tellen de Staatsveiligheid en ADIV vandaag? –volgens open bronnen gaat het om 650 respectievelijk 619.
Stefaan De Clerck: Die cijfers zijn nog redelijk accuraat. Er is een grote aanwervingscampagne geweest vorig jaar, tussen september en december, met dat fameuze filmpje op internet. Alles hangt ook af van de budgettaire beperkingen op personeelsvlak. Alle diensten moeten budgettair wel wat inleveren. Maar in het personeelsplan van dit jaar is er nog ruimte om zeventig mensen aan te werven.

Zijn er bij de Staatsveiligheid veel mensen van de oudere generatie vertrokken?
Stefaan De Clerck: De komende twee jaar zal er een uitstroom zijn van die generatie. Het gaat om een vijftigtal personen. Een deel van hen heeft de dienst al verlaten, van vorig jaar in de zomer tot nu. Het is daarom ook dat er aanwervingen zijn geweest.

Zijn er sinds het beruchte publiciteitsfilmpje veel mensen aangeworven?
Stefaan De Clerck: Er was veel interesse. We hebben zelfs een preselectie moeten organiseren omdat er zoveel mensen gereageerd hebben: 1578 Nederlandstalige en 2813 Franstalige kandidaten. Maar de selectie is heel streng. Er zijn uiteindelijk 72 Nederlandstaligen en 92 Franstaligen geselecteerd.
Er zijn ook zeventig protectieassistenten aangeworven. Vroeger werd de protectieafdeling bemand door inspecteurs van de buitendiensten.

Hoeveel extra personeel is nodig om de BIM efficiënt te kunnen toepassen?
Stefaan De Clerck: Het zou een verkeerd beeld zijn te stellen: er zijn nieuwe technieken dus er moeten nieuwe mensen zijn. Er moet nagegaan worden hoe de nieuwe wet aan de bestaande mensen de juiste mogelijkheden biedt. Ik raadt hen aan op de implementatie te doen op een rustige manier. Het is een hele operatie, het is nieuw, de commissie van drie magistraten moet geïnstalleerd worden, er zijn tal van dingen die moeten gebeuren. In die zin denk ik dat we niet te rap moeten gaan. Ik zou willen dat de bestaande dienst maximaal wordt voorbereid op de implementatie van de nieuwe wet.

Bij de analysedienst van de Staatsveiligheid zou er een groot probleem van verloop zijn?
Stefaan De Clerck: Ja. Er is een deel van het personeel dat via het laatste aanwervingsexamen is verschoven naar de buitendiensten, waar de verloning beter is. En daarnaast zijn er andere mensen die bij de Staatsveiligheid weggegaan zijn.

Voor een dienst als analyse, die voor een stuk teert opervaring en opvolging, is dat toch een probleem?
Stefaan De Clerck: Ik ga ervan uit dat het binnen beheersbare normen blijft, want ik ben er niet over geïnformeerd. Als er een probleem zou zijn, zou men mij waarschijnlijk specifiek gealarmeerd hebben. Maar dit is bij mijn weten niet het geval, dus ik ga ervan uit dat het beheersbaar is. En als er een probleem is, dat ze mij dan erover aanspreken. Dan zal ik met veel plezier kijken dat ze met alle nodige middelen en mogelijkheden kunnen functioneren.

Politie versus inlichtingendienst

Met kennis over BIM-technieken word je niet geboren, die moet je ergens aanleren. Wie zal de agenten van de Staatsveiligheid en de ADIV opleiden?
Stefaan De Clerck: Opleiding is een permanent gebeuren binnen de inlichtingendiensten. Ze zijn al enige tijd bezig in voorbereiding van de BIM-wet. Die opleidingen zijn enerzijds voorzien door zowel buitenlandse zusterdiensten waar goede relaties mee zijn, zoals Frankrijk, Nederland en Engeland. En anderzijds door bedrijven die de technologie hebben (zoals afluisterapparatuur bijvoorbeeld, kc).

Welke gevolgen zal de BIM-wet hebben voor de balans tussen de Staatsveiligheid en de Federale Politie?
Stefaan De Clerck: De samenwerking tussen die diensten verloopt via het Comité I&V, en in het kader van het goedgekeurde plan R. Iedere dienst heeft een aparte finaliteit.

Er zijn toch ernstige spanningen geweest tussen de hoofden van een aantal diensten.
Stefaan De Clerck: Euh… Iedere dienst heeft het recht om op momenten dat er scheefgroeiingen zijn in de verhoudingen, zich tot zijn voogdijminister te wenden.

Zal de BIM-wet voor een nieuw evenwicht zorgen?
Stefaan De Clerck: Dat is toch een van de bedoelingen. Het probleem zoals bij terrorisme is dat je op een bepaald moment in feite het dossier nog niet concreet is om over te maken aan de gerechtelijke instanties, maar dat je het toch maar doet, omdat je zelf geen middelen hebt om het op te volgen in de beginfase. Zeker in het kader van terrorisme, waar je voorzichtigheid aan de dag moet leggen.

De Staatsveiligheid wint terug veld op de Federale Politie?
Stefaan De Clerck: Er is werk genoeg. Er is genoeg onontgonnen veld voor beide diensten zonder dat ze elkaar voor de voeten lopen.

U laat uitschijnen dat er geen spanningen zijn geweest tussen beide diensten. Waarom zoveel terughoudendheid om de dingen bij naam te noemen?
Stefaan De Clerck: Spanningen zijn er al een keer tussen alle actoren. Dikwijls gaat het om persoonlijke relaties. Maar tussen de diensten zelf denk ik niet dat er problemen zijn. Beide diensten zijn professioneel genoeg om te weten wat hun taken zijn.

Bedankt voor het gesprek.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift