'Nanotechnologie kan armoede helpen overwinnen'

Zorgen legertjes van minuscule robots straks voor zuiver drinkwater, goedkope energie en betere oogsten? Wetenschappers denken dat nanotechnologie - technische ingrepen op het niveau van moleculen en atomen - een antwoord biedt op de grote ontwikkelingsvraagstukken.


Het meeste onderzoek naar nanotechnologie speelt zich af in de rijke landen en levert voorlopig luxetoepassingen af: betere zonnecrème en textiel dat vlekken afwijst bijvoorbeeld. Ook arme landen kunnen beter worden van die technologieën.

Dat denken althans 63 experts die bijeengebracht werden door het Gemeenschappelijk Centrum voor Bio-ethiek (JCB) van de Universiteit van Toronto. Hun vertrekpunt was de vraag hoe de dreigende ‘nano-kloof’ tussen rijke en arme landen kan worden vermeden.

Nanotechnologen werken op een schaalgrootte van minder dan 100 nanometer - ruwweg een duizendste van de dikte van een haar. Materialen die zo klein zijn, krijgen heel nieuwe eigenschappen. Vorsers hopen met die nieuwe technieken straks ook ziekten als kanker te kunnen behandelen en ‘intelligente’ materialen te ontwikkelen die zich aanpassen aan de temperatuur, de lichtinval en andere omgevingsfactoren.

Onderzoek naar nanotechnologie gaat nu grotendeels voorbij aan de noden van de ontwikkelingslanden. Er worden miljarden geïnvesteerd in nanotechnologie, zegt Peter Singer, de directeur van de Universiteit van Toronto. Een deel van dat geld zou moeten worden gebruikt om arme landen te helpen.

De kansen liggen voor het grijpen, stellen de experts in hun recent verschenen rapport. Nanotechnologie kan in de eerste plaats nieuwe methoden opleveren om energie te produceren en op te slaan. De aandacht zou vooral moeten uitgaan naar efficiëntere zonnecellen, betere brandstofcellen en handigere opslagmethoden voor waterstof, de brandstof van de toekomst. Dat zijn technieken waar zowel industrielanden als ontwikkelingslanden veel aan kunnen hebben.

Op de tweede plaats komen toepassingen in de landbouw. Met de hulp van nanotechnologie kunnen bestrijdingsmiddelen of kunstmest in een perfecte dosering worden toegediend. Boeren zouden ook microscopische sensoren over hun gewassen kunnen sproeien om constant informatie te krijgen over de gezondheidstoestand van de planten in alle uithoeken van hun velden.

Een derde veelbelovend terrein is de productie van drinkwater. Nanomembranen kunnen water veel goedkoper zuiveren of ontzilten dan conventionele filters. En dan is er de gezondheidszorg. De zogenaamde lab-on-a-chip-technologie zou een revolutie kunnen betekenen voor de medische diagnose in landen waar medische laboratoria zeldzaam zijn. In de VS worden chips ter grootte van een muntstuk ontwikkeld die bedekt zijn met nanosensoren. In enkele minuten tijd kan dat instrumentje een druppel bloed analyseren op besmettelijke ziekten, hormonale afwijkingen en zelfs kanker.

Sommige ontwikkelingslanden hebben niet gewacht op de adviezen van de rijke landen. China volgt meteen na de VS en Japan in de ranglijst van landen met het grootste aantal patenten op nanotechnologie. Onderzoekers aan de Tsinghua-universiteit zijn met klinische testen begonnen van een nanotechnologische spalk die langzaam oplost naarmate het beschadigde beenderweefsel van de patiënt herstelt. Het Indiase ministerie van Wetenschap en Technologie zal de komende vier jaar 15 miljoen euro investeren in nanotechnologie.

Brazilië heeft voor de periode van 2004 tot 2007 bijna 20 miljoen euro uitgetrokken, waarmee 300 onderzoekers aan het werk worden gezet. Die gaan onder meer na hoe magnetische nanopartikels kunnen helpen met olie vervuilde gebieden weer proper te krijgen. Mexicaanse onderzoekers leggen zich toe op de productie van nanobuisjes. Ook Thailand, de Filipijnen, Chili en Argentinië zijn bezig met nano-onderzoek.

Maar de experts die in Canada bijeen waren, oordelen dat er de onderzoeksinspanningen in de landen van het Zuiden nog sterk moeten worden opgedreven. De rijke landen zouden daarvoor een deel van de nodige financiële middelen bijeen kunnen brengen. Canada heeft al vijf procent van zijn budget voor onderzoek en ontwikkeling toegewezen aan de ontwikkeling van technologieën ten dienste van ontwikkelingslanden.

Critici waarschuwen dat er nog geen zicht is op de gezondheids- en milieugevaren die verbonden kunnen zijn aan nanotechnologieën. Rond die gevaren zou tijdig onderzoek moeten gebeuren. De eerste producten komen al op de markt zonder dat er een wettelijke regeling is om eventuele nadelige gevolgen binnen de perken te houden. (PD/MM)

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift