Nepalezen verdienen geld door bomen te sparen

In Nepal hebben ruim honderd groepen van bosbewoners net een financiële beloning gekregen om hun bossen niet om te hakken. Het gaat om een proefproject dat de ontbossing in de Himalaya-regio wil tegengaan.

Toen Bina Tamang te horen kreeg dat ze geld kon verdienen door de bomen van het kleine Palungbos niet om te hakken, kon de 27-jarige vrouw dat nauwelijks geloven. Nu, twee jaar later, krijgen honderd zogeheten bosgebruikersgroepen, bewonersgroepen die samen bossen beheren, daarvoor samen 65.000 euro. “Het werkt echt!”, zegt Tamang.

Het kleine bos dat Tamang mee beheert, levert 65 families brandstof en veevoeder.
Tamang is vandaag om 4 uur ‘s ochtends opgestaan om de koeien te melken, het eten te bereiden en groenten te planten. Dat is een normaal schema voor de groep in Dolakha, een afgelegen district in het noorden van Nepal, dicht bij de Tibetaanse grens.

Hout kappen verboden

Het Palungbos beslaat 8 hectare, dat is zelfs niet groot genoeg om de 65 families van hout te voorzien voor essentiële zaken zoals ramen. “Het geld zal een stimulans zijn voor de dorpelingen om beter zorg te dragen voor hun bossen”, zegt Tamang, die vroeger secretaris was van haar bosgebruikersgroep.

Alle gebruikers van de groep zijn vrouwen. “We maaien het gras in het bos voor veevoeder en verzamelen de gevallen of dode takken”, zegt Tamang. “De dieren laten grazen in het bos is verboden. Ook hout kappen is verboden. Eén lid kreeg een boete van 5 euro omdat ze een boom had omgehakt.

Nederlandse regering

Het verhaal begon in 2003 toen de Nederlandse regering geld op tafel legde voor onderzoek naar de manier waarop men gemeenschappen die van bossen leven, kan leren om de bomen te behouden. Op die manier blijven de bomen CO2 vasthouden. Het onderzoek vond plaats in Oost- en West-Afrika, Papoea-Nieuw-Guinea en de Himalaya.

Het Internationaal Centrum voor Geïntegreerde Bergontwikkeling (Icimod), de partner in de Himalaya-regio, deed het onderzoek in India en Nepal in 2008. Icimod stelde toen op de klimaatgesprekken in het Poolse Poznan de oprichting voor van een Forest Carbon Trust Fund in Nepal.

“Het Noorse Agentschap voor Ontwikkelingssamenwerking gaf een startkapitaal van 100.000 dollar (70.000 euro) voor het fonds”, zegt Bhaskar Singh Karky, onderzoekseconoom van Icimod. “Timmerhout wordt meer gewaardeerd dan bossen, het fonds probeert die perceptie te veranderen. De boodschap voor bosgebruikers is dat, als je een bos omhakt, we je niet kunnen bestraffen maar je krijgt dan ook geen CO2-geld.”

CO2-geld

Drie zones blijken nu de meeste CO2 te hebben opgeslagen: het Charnawati-stroomgebied in Dolakha, goed voor 14.037 hectare en 58 bosgebruikersgroepen, Ludikhola-stroomgebied in Gorkha, goed voor 1888 hectare en 15 groepen, en het Kayarkhola-stroomgebied in Chitwan, goed voor 2382 hectare en 31 groepen. Als beloning kregen ze vorige maand samen 65.000 euro van Icimod. Charnawati kreeg daarvan de helft, de rest werd verdeeld tussen Ludikhola en Kayarkhola.

Het is de eerste maal dat CO2-geld wordt uitbetaald in Nepal.

“We moeten nu bekijken of CO2-geld een grotere stimulans is dan de waarde van timmerhout”, zegt Karky. “We zijn van plan om het concept naar de markt te brengen en internationale investeerders te vragen om hierin te investeren en zo hun imago voor maatschappelijk ondernemen te verbeteren.”

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2643   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift