Niet militair ingrijpen in Libië was geen optie

De critici van de militaire interventie in Libië lijken te vergeten wat de gevolgen waren geweest als er afgelopen zaterdagavond niet was ingegrepen. Als we de woorden van de Libische leider Khadaffi mogen geloven, zouden zijn troepen geen mededogen tonen bij hun aanval op Benghazi. De inwoners van deze stad in handen van de opstandelingen stond een massaslachting te wachten op de dag dat de eerste Franse gevechtsvliegtuigen het Libische luchtruim binnenvlogen. Door Khadaffi’s luchtmacht en wapenarsenaal grotendeels te vernietigen, heeft de militaire interventie de Libische vrijheidsstrijd een krachtige steun in de rug gegeven.

Andere opties, zoals het opleggen van verdere sancties, zouden weinig effect hebben gehad. De Libische leider is tijdens zijn bijna 42-jarige bewind wel vaker onder internationale druk gezet. Keer op keer wist hij te overleven. Meerdere moordpogingen, een Amerikaans bombardement op zijn paleis in 1986 en zeven lange jaren van VN-sancties kregen hem er niet onder.

In eigen land slaagde Khadaffi er in de oppositie nagenoeg uit te schakelen en kon hij leunen op de bloedige reputatie van het Libische veiligheidsapparaat. De angst voor het regime uitte zich vooral in politieke onverschilligheid. De Libiërs dachten dat ze toch niks konden veranderen aan de politieke situatie. Als je het probeerde bracht je niet alleen je eigen leven in gevaar, maar kon ook je familie slachtoffer worden van de geheime dienst. Door de politieke uitzichtloosheid kwam het economische belang voorop te staan. Mensen waren tevreden zolang er een mooie auto voor de deur geparkeerd stond en er de mogelijkheid was een paar keer per jaar op vakantie te gaan naar landen als Tunesië of Malta.

Met de economische voortvarendheid kwamen echter ook de westerse invloeden het land binnen. Een groot gedeelte van de bevolking kreeg toegang tot internet en satelliettelevisie bracht Amerikaanse tv-series de huiskamer in. Alleen binnenskamers en in onderling vertrouwen durfden Libiërs soms kritiek te uiten op de Libische leider. “Khadaffi is niet Libië”, was een veelgehoorde uitspraak onder jongeren in Tripoli die onder geen beding met de Libische leider geassocieerd wilde worden.

Nu nemen deze zelfde jongeren geen genoegen meer met enkel materiële voorspoed. De opgekropte woede en frustratie over een leven lang politieke onderdrukking komt tot uitbarsting. De angstbarrière is doorbroken en voor het eerst in hun leven durven de Libiërs te schreeuwen om het vertrek van Khadaffi en hopen ze op vrijheid en democratie. De revoluties in Tunesië en Egypte werkten inspirerend, maar de Libiërs hebben zichzelf overtroffen met hun onverschrokkenheid om het extreme geweld van het regime te trotseren.

Het is deze vrijheidsstrijd die op het punt stond de kop te worden ingedrukt. De bevolking in het oosten van het land smeekte om ingrijpen van de internationale gemeenschap, maar ook veel inwoners van Tripoli hebben de aanvallen op het regime met (onderdrukt) gejuich ontvangen. “Ik vind het mooi om vanaf het dak van mijn huis de luchtaanvallen te bekijken omdat ik weet dat de aanvallen niet tegen burgers gericht zijn, ze staan aan onze kant”, aldus een 24-jarige inwoner van de hoofdstad met wie ik regelmatig spreek.

Met de interventie heeft de westerse coalitie de bevrijding van de Libische bevolking dichterbij gebracht. Het heeft de mensen hoop gegeven dat ze zelf Khadaffi omver kunnen werpen. Eén ding is zeker, de Libische leider en zijn familie worden niet meer geaccepteerd in het Libië van 2011. Een andere optie dan interventie was er niet. Boven alles was het een keuze voor de bevrijding van het onderdrukte Libische volk. Dat is goed nieuws. Westerse landen wekken graag de indruk dat ze wereldwijd mensenrechten en democratie ondersteunen, maar uit economische belangen knijpen we maar al te vaak een oogje dicht. Dit keer geven we wel oprecht gehoor aan onze democratische principes.

Colin Kampschöer is politiek wetenschapper. Hij woonde en werkte in 2009 in Tripoli.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift