"Nieuwe Amerikaanse eeuw" loopt al ten einde

“Een nieuwe Amerikaanse eeuw”, zo noemden neoconservatieve commentatoren het tijdperk na de Koude Oorlog waarin de Verenigde Staten als enige supermacht unilateraal hun zin zouden kunnen doen. Het “unipolaire moment” bleek van erg korte duur. Na vijf jaar oorlog in Irak en door de torenhoge staatsschuld zit het zelfverklaarde imperium in slechte papieren.
De implosie van de Sovjet-Unie en de vlotte overwinning in de eerste Irakoorlog bezorgden de VS in het begin van de jaren negentig de status van “hypermacht”. Columnist Charles Krauthammer had het in de Washington Post over een “unipolair moment” waarin de VS konden ondernemen wat ze wilden, waar ze wilden, wanneer ze wilden en zonder daarvoor iemands hulp te moeten vragen.
De doctrine vormde de basis voor het neoconservatieve “Project voor een nieuwe Amerikaanse Eeuw” en van de eerste Nationale Veiligheidsstrategie van president Bush, zes maanden voor de tweede Amerikaanse inval in Irak in maart 2003. “De mensen hebben steeds minder problemen met de term ‘imperium’”, schreef Krauthammer. “Sinds het Romeinse Rijk is geen enkel land zo dominant geweest, cultureel, economisch, militair en technologisch.”

Begin van het einde ?


Vijf jaar later worden de VS nog altijd vergeleken met het Romeinse Rijk, maar dan met de val ervan. “Het begin van het verval”, zo heette het artikel dat de gerenommeerde buitenlandsjournalist James Kitfield vorig jaar schreef in de “National Journal”. “Is het Amerikaanse tijdperk voorbij ?” vroeg Kitfield aan een hele resem hoogwaardigheidsbekleders.
“Ik heb de Verenigde Staten van na de Koude Oorlog vergeleken met het Romeinse Rijk, omwille van hun uitzonderlijke machtspositie”, zei Donald Kagan, professor aan de universiteit van Yale en prominent neoconservatief. “Maar onze macht wordt nu op alle vlakken uitgedaagd, en het is perfect mogelijk dat we een relatieve achteruitgang van de VS meemaken die wel eens definitief zou kunnen blijken.”
De indicaties dat de VS het niet langer alleen kunnen, hopen zich op. “We leven in een multipolaire wereld”, zei minister van Defensie Robert Gates onlangs in de Washington Post. Daarmee ging hij lijnrecht in tegen de doctrine van vicepresident Dick Cheney en Gates’ voorganger, Donald Rumsfeld.
Amerikaanse televisiekijkers kregen vorige maand een schok toen ze de opperbevelhebber van het imperium, president George Bush, in Saoedi-Arabië zagen bedelen om een verhoging van de olieproductie. “De hogere benzineprijzen doen Amerikaanse gezinnen pijn”, zei Bush voor zijn ontmoeting met de koning. Veel haalde het niet uit, want de Saoedische olieminister zei nadien dat Riyad de productie alleen zou opvoeren “wanneer de markt dat rechtvaardigt”.
Bijna even pathetisch waren de aansporingen van Defensieminister Gates aan het adres van de westerse bondgenoten om 7000 extra manschappen naar Afghanistan te sturen.

Reus op lemen voeten


Steeds meer analisten zien structurele verschuivingen in de manier waarop macht, zowel in zijn ‘harde’, militaire als ‘zachte’, economische vorm, in de wereld verdeeld is. De oorlogen in Afghanistan en Irak hebben duidelijk gemaakt wat de beperkingen zijn van de Amerikaanse militaire dominantie en hebben tegelijk heel wat middelen opgeslokt. Topofficieren waarschuwen dat het Amerikaanse leger te veel hooi op zijn vork heeft genomen en bijgevolg kwetsbaar is geworden.
In de regeerperiode van Bush is niet alleen de buitenlandse schuld explosief gestegen, tot meer dan negen biljoen dollar, maar zijn ook de handelstekorten steeds groter geworden. Veel daarvan heeft te maken met de hoge gas- en olieprijzen, die volgens steeds meer experts nog wel even op dat niveau zullen blijven.
De Verenigde Staten zijn daardoor steeds afhankelijker geworden van buitenlandse geldschieters. Daarbij zijn enkele investeringsfondsen die worden gecontroleerd door regeringen van landen als China, Rusland en de olie-exporterende Golfstaten die niet moeten weten van Krauthammers unipolaire visie op de Amerikaanse buitenlandse politiek.
Als een van die creditoren zou beslissen zijn beleggingen in dollar te verkopen of om bijvoorbeeld de prijs van ruwe olie niet langer aan de dollar maar aan een andere munt te hangen, zitten de VS met een ernstig probleem. Amerikaanse politici maken zich zorgen over een scenario waarbij een coalitie van deze geldschieters de politieke manoeuvreerruimte van de VS in bijvoorbeeld Centraal-Azië of Iran ernstig kan beknotten.
“Een ‘coalitie’ van overwegend ondemocratische industrielanden en grondstoffenexporteurs is bezig de funderingen te leggen voor een strategische alliantie die de VS ervan moet weerhouden zijn hegemonistische agenda uit te voeren.”, zegt Flynt Leverett, hoofd van de afdeling “Geopolitiek van de energie” van de in Washington gevestigde denktank New America Foundation.
Of Washington zijn rol als internationaal zwaargewicht zal kunnen blijven waarmaken, hangt volgens Leverett af van de “bereidheid om de unilateralistische reflexen de laten varen en in het buitenlandse beleid rekening te houden met de visie en de belangen van anderen.”

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3306   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift