Nieuwe wet op BIO is een stap in de goede richting

11.11.11 reageert op nieuwe kaderwet voor omstreden Investeringsmaatschappij voor Ontwikkelingslanden

Het is verdwenen tussen de plooien van het koningschap, maar de laatste regering van het politieke jaar leverde ook een hervorming van een belangrijk stuk van het Belgisch Ontwikkelingswerk op. Enkel MO* berichtte over de geplande hervorming van de Belgische Investeringsmaatschappij voor Ontwikkelingslanden (BIO).

  • CC nick wiesner BIO investeerde onder andere in aspergeteelt in Peru, wat op heel wat kritiek kon rekenen. CC nick wiesner

Nochtans was er eerder veel te doen rond dit investeringsfonds. Het fonds, zo bleek uit een onderzoek van 11.11.11 in februari 2012, stak onder meer geld in aspergeteelt in Peru of in fitnesscentra in Colombia. Niet bepaald zaken die we met geld voor ontwikkelingssamenwerking dienen te financieren. Bovendien verliep nog eens 111 miljoen euro van de investeringen via belastingparadijzen. Een probleem dat opnieuw aangekaart werd in de nasleep van offshoreleaks eerder dit jaar.

Rendement

Waarom deed BIO dit? Waarom waagde het zich op het terrein van ecologisch onverantwoorde aspergeteelt of belastingparadijzen? Het belangrijkste antwoord hierop is ‘opbrengst’. De projecten waar BIO in investeert, zo werd bepaald door de oprichters, moeten een ‘marktconform’ rendement halen. In mensentaal: een opbrengst van om en bij de vijf procent, afhankelijk van de marktsituatie.

Op zich is er natuurlijk niks mis met proberen te verzekeren dat Belgisch belastinggeld goed besteed wordt, maar helaas blijkt uit de praktijk van BIO dat het financiële rendement het ontwikkelingsrendement uit beeld deed verdwijnen. Niet wát er met het geld gebeurde, maar wat het opbracht werd belangrijker.

11.11.11 kaartte dit met het rapport aan. Al snel na publicatie volgden enkele hoorzittingen in het parlement en een externe evaluatie. Daar is nu, anderhalf jaar later, gevolg aan gegeven door de goedkeuring van een kaderwet die nieuwe lijnen voor het Investeringsfonds vastlegt.

Nieuwe wet

Wat staat er in de wet? In het kort: BIO mag niet meer in of via belastingparadijzen investeren en het werk van het fonds moet in overeenstemming gebracht worden met de Belgische doelstellingen voor ontwikkelingssamenwerking. Bovendien zal BIO zich veel sterker moeten gaan richten op kleine lokale bedrijfjes die zo belangrijk zijn voor ontwikkeling.

De nieuwe kaderwet komt voor een belangrijk stuk tegemoet aan de opmerkingen die 11.11.11 maakte in haar rapport. Dat is een  goede zaak. Enige punt dat ongemoeid wordt gelaten door de minister is het verplichte financiële rendement die elke uitgave van BIO moet halen. 

Dreigen we daardoor over enkele jaren niet opnieuw dezelfde analyse te zullen maken dat het financiële belangrijker is dan het ontwikkelingsrendement? Dat valt nog te bezien. Het kabinet Labille heeft immers een interessant extra element aan de kaderwet toegevoegd.

Zo zal het mogelijk worden om (tot 100.000 euro) steun te geven aan projecten waar BIO in investeert. Met dat extra geld voor bijvoorbeeld opleiding krijgt een project zo een mogelijke kickstart. De redenering hierachter is dat op die manier het financieel verplichte rendement gemakkelijker kan behaald worden voor minder voor de hand liggende projecten.

Interessant, al zal in de praktijk moeten blijken hoe efficiënt deze aanpak is. In het beste scenario bevat deze aanpak de kiemen voor een bredere ontwikkelingsaanpak waarbij je systematisch verschillende elementen aan elkaar koppelt en steeds het bredere plaatje in het oog houdt.

Zo zou een onderwijstraject kunnen uitmonden in werkgelegenheid binnen een project dat bij de start nog een kleine steun krijgt én kan rekenen op geld van de investeringsmaatschappij. In het slechtste geval slaat BIO opnieuw de bal mis en wordt geld dat uit andere budgetlijnen moet geschrapt worden hier ook in betrokken.

Exit paradijzen?

Hoe dan ook moet de kaderwet nu allereerst omgezet worden in de praktijk. Volgens de minister gebeurt dat nog dit jaar.

Interessante eerste uitdaging wordt alvast de omzetting van de verordening om geen gebruik meer te maken van belastingparadijzen. Volgens het akkoord mag BIO niet meer investeren in bedrijven, investeringsmaatschappijen of fondsen gevestigd in landen waar de belastingvoet minder is dan 10procent en die de internationale regels rond transparantie over de handel en wandel van buitenlandse belastingbetalers op hun grondgebied onvoldoende respecteren.

Een heldere norm, maar niet zonder addertjes onder het gras. Eerst en vooral kan je je afvragen of 10 procent een billijk belastingtarief is, zeker als je weet dat een belastingparadijs als Mauritius 15 procent heft (ter vergelijking in België ligt de vennootschapsbelasting tussen 25 en 35 procent). Aan de andere kant zullen investeringen via Luxemburgse fondsen of uit Delaware (VS), waar de belastingen ook erg laag zijn, wel nog kunnen. Bovendien blijft het nog de vraag hoe ver de internationale gemeeschap zal gaan in het afdwingen van transparantie. Benieuwd hoe de regering daarmee omgaat.

Wij zien deze hervorming — ondanks enkele tekortkomingen — alleszins als een belangrijke stap in de goede richting, maar een definitief oordeel kunnen we pas vellen bij de praktijkinvulling.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift