Nou moe

Ik weet niet hoe u gisteren uw zondag heeft doorgebracht, maar ik lag uitgeteld op de bank, mij te laven aan scripted reality. Afgemat door de werkelijkheid. Ik hing in de touwen na een week schaduwboksen tegen vage tegenstanders. 

  • Brecht Goris Bie Vancraeynest. Brecht Goris

Aan het begin van deze week zat ik nog altijd rustig te broeden op mijn ‘Zwarte Piet’-standpunt. Ik werd stilaan onpasselijk van de spreidstand: ‘zoveel onzin, daar ga ik toch niet op reageren?’ en ‘zoveel onzin, dat laat ik toch niet passeren?’

Mijn standpunt was tot vorige week voor 99 procent opgetrokken uit onverschilligheid en eigenbaat. Van mij mogen ze die traditie afschaffen. Zeker sinds ik, zonder nochtans onomstotelijke bewijzen of registratie in het grote boek van stoute dingen, NIETS meer krijg, en dat sinds ruim een decennium! Extra pijnlijk, sinds (dankjewel crisis) er een complete revival is van jaren tachtig speelgoed en dat was toch het leukste speelgoed.

Ik liet de man rond circa 1985 weten dat ik een Polly Pocket wil. De Sint weet dus wat hem te doen staat, met of zonder personeel, als hij de VN wil trotseren met mijn steun. Chantage zegt u? Daar is die hele Sinttraditie natuurlijk wel op gebaseerd. Ruim vijf weken kunnen dolgedraaide kleuterouders, pedagogische standaardwerken straal negeren en hun gebroed onder druk zetten met het eventueel mislopen van spullen. ‘Eet je bord leeg, of de sint houdt dat tablet lekker zelf!’ Traditie!

Negerslet

Ruim twee miljoen mensen ondertekenden reeds de Pietietie, onder het motto ‘wij geloven in zwarte piet’. Jawel. De Standaard wijdde deze week een indrukwekkende artikelenreeks ‘De zwarte lijst’ over het rauwe racisme dat ons land teistert. Dat is geen toeval. Ik moet diep zuchten wanneer mensen in de pietdiscussie argumenten bovenhalen als ‘onze portier komt uit Senegal en vindt het niet erg’. En toen moesten de echte gore dingen nog komen.

Bij onze noorderburen bereikte het debat een triest dieptepunt toen Anouk teleurgesteld vaststelde: ‘Niet één gemeente in Nederland die het eens anders wil gaan aanpakken. Ga je schamen!’ Zij is de nationale trots en vertegenwoordigster op Eurosong, maar ook moeder van vier kinderen uit twee huwelijken met donkere hiphoppers, en dus misschien wel in de positie om iets relevants aan te brengen. Vanuit de onderbuik borrelden ontelbare viscerale reacties op aan haar adres als ‘Ga lekker met die asielzoeker van je naar zijn land van herkomst blanke negerslet. (sic)’

Die reacties werden in een Nederlandse talkshow gekaderd door een politieagente die de 35.000 bedreigingen die dagelijks in Nederland worden geuit op Twitter moet reduceren tot de 200 ‘ernstige die we echt uitpluizen’. Geloof dan nog maar eens in de mensheid als dat je dagtaak is. Sociale media als eeuwige speelplaats vol anonieme pestkoppen. Ik werd moe van er alleen nog maar naar te luisteren.

Ik tekende echter wel de ‘Chrietitie’-petitie die Chriet Titulaer terug op het scherm wil, omdat de wereld nog steeds wonderlijk is en we wel een beetje meer wetenschap kunnen gebruiken. De man is nog springlevend, leerde mij het radioprogramma Hautekiet, dat, all well within the season, een week lang op zoek ging naar mensen waarvan we dachten dat ze dood waren. Die mochten zich dan aan de telefoon verontschuldigen dat ze nog alive and kicking waren. Dat leverde steevast vermoeiende gesprekjes op.

Brusselkeuze

En toen moest ik nog eens opnieuw in de onzin-spagaat springen want er werden congresteksten voorgesteld! Elke hoofdstadbewoner die zichzelf bij de wassende verkiezingsresultaten van N-VA had gepaaid met de woorden: ‘maar ze hebben geen idee wat ze met Brussel moeten aanvangen’ mocht aan het vlugzout. De geelzwarte brigade heeft wel een plan, zo blijkt, en het is gespeend van welke realiteitszin dan ook. Maar dat is in de politiek natuurlijk niet nodig.

Ik kan me het instemmend geknik in Izegemse afspanningen zo voorstellen bij het horen van de ‘Brusselkeuze’. Er zijn allicht mensen die drie jaar om te kiezen tussen haan en leeuw een heel redelijke termijn vinden. Het was een absurde ervaring om in de krant het ideaalbeeld te lezen van de grootste partij van Vlaanderen en dan vanuit die krant op te kijken naar de werkelijkheid die daar gigantisch ver vanaf ligt. De Brusselaars werden in snelheid gepakt: wordt het a of b, jongens? Terwijl we c ‘geen van voorgaande antwoorden is correct’ willen aanvinken, al is het maar omwille van de giscorrectie.

Weten wij veel wat dat Brusselgevoel is, en hoe we dat gewest gaan zien? Zolang is die Stromaeplaat nog niet uit. De voetbalclub BX bestaat pas, Rudy Vervoort is nog aan ’t roderen en we moeten dat boek van Marc Didden nog kopen. Nog niet iedereen heeft gekeken naar de ontroerende docureeks ‘Naar de Top’ over boksende Brusselaars die een berg beklimmen. We ontdekken de Bruxellitude zelf pas, en we moeten het nu al politiek vertalen?

Een ding zijn Brusselaars al zeker: flegmatiek! Wij weten nog niet wie we zijn en die collectieve identiteitscrisis bindt ons hopelijk genoeg om niet mee te gaan in een logica die niet de onze is. Want in de gesprekken die Brusselaars voerden, hoorde ik vooral ‘wat als?’-scenario’s en ‘wat zou ik kiezen?’. Net te weinig : a) we maken zelf wel uit wie we zijn, op ons eigen tempo en b) wij zijn met keiveel.  We gaan ons hier niet laten opjagen. À l’aise, ou quoi?

Vis om drie uur ‘s morgens

Dus waar beter kan je een vermoeiende werkweek wegspoelen dan in de Beursschouwburg? Die laten in het kader van hun Work Hard, Play Hard-festival kunstenaars bezinnen over een speels antwoord op het huidige klerkenbestaan. Ze brengen soelaas voor de hyperactieve werkmens met doordachte zotternijen. Nu was er een parcours in elkaar gezet door een collectief kunstenaars  waaronder de gezond geschifte Antoine Defoort die een ‘lichtjes anarchistische kritiek op het dolende ultraliberalisme’ moest voorstellen.

Afgepeigerd liet ik me wegzakken in een ‘meditatief ballenbad voor depressieve directeurs’. 22.000 ballen met daarin filosofische zinnen gegraveerd uit Zelfbespiegelingen van Marcus Aurelius. Ik nam een bal, las ‘Je gaat toch dood, bereid je voor’ en ging spontaan kopje onder in de zwarte ballen. Een van de makers van het parcours zei er zelf over: ‘Zelf zien we de installatie graag als een slecht feestje. Zo’n feestje waar je dan maar in de keuken gaat hangen, omdat daar de leukste meisjes zijn. Waar je mensen ontmoet en lekker kunt klagen over het feestje.’ Wat allicht verklaart waarom de laatste nachtbus al vertrokken was, toen ik die avond huiswaarts toog.

Maar de echte uitputtingsslag moest nog komen, in de vorm van een Marokkaanse trouwfeest. Als u er ooit op een bent uitgenodigd, neem de uitnodiging aan met beide handen, en neem ook stoffer en blik mee om al uw vooroordelen op te vegen die aan gruzelementen worden geslagen. Ik moest knipperen met mijn ogen om achter de schitterende jurken de vrouwen te herkennen die ik bijna altijd zie met donkere hoofddoek en lange mantel. Hier staan ze, perfect opgemaakt, opzwepend te dansen als jonge meisjes van vijftig op traditionele muziek. En even later op de Afrikaanse popmuziek van Magic Système, ‘C’est chaud, ça brûle’.

Ik word duizelig van de kledingwissels en omdat het heel lang duurt eer er gegeten wordt. Naast mij zit een Marokkaanse mama die ik al heel lang ken en me nu toevertrouwt dat ze ooit, lang voor haar huwelijk, behoorde tot de entourage van een echte wereldster en in die hoedanigheid de hele wereld heeft afgereisd, feestend met de muzikanten. Haar ogen blinken terwijl ze de ene rock ’n roll anekdote na de andere uit die tijd opdist. De tijd vliegt en voor ik het weet wordt de hoofdschotel, heerlijke vis in een pikante saus, opgediend om drie uur. ’s Morgens.

Herfstvakantie zei u? Dood-, en doodmoe  werd ik ervan.

Bie Vancraeynest is coördinator van jeugdhuis Chicago in Brussel.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2745   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Coördinator van Vzw Toestand

    Bie Vancraeynest is coördinator van Vzw Toestand, een organisatie die leegstaande of vergeten gebouwen reactiveert tot tijdelijke en autonome socioculturele centra.