'Op weg naar een aarde die vier graden warmer is'

Milieu-expert Bob Watson pleit voor steun aan kleine boeren

Robert “Bob” Watson is al twintig jaar van dichtbij betrokken bij het mondiale beheer van de aarde en haar rijkdommen. De voormalig topadviseur van de Wereldbank en ex-directeur van het VN-Klimaatpanel legt uit hoe de landbouw groener kan en meer hongerigen kan voeden. Hij roept iedereen op om het licht uit te doen.

Tussen 1991 en 1994 was Watson voorzitter van het wetenschappelijk adviespanel van de Global Environment Facility (GEF) van de Wereldbank. Die GEF is het belangrijkste mondiale geldpotje voor milieubeleid. In 1997 werd hij directeur van de Milieuafdeling van de Wereldbank en tevens voorzitter van het VN-Klimaatpanel (IPCC), het wetenschappelijk adviesorgaan van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering. Die functie bleef Watson waarnemen tot 2002 toen hij, onder grote druk van de VS, moest vertrekken. Sindsdien is hij voorzitter van het Millennium Ecosystem Assessment (dat de mondiale biodiversiteit in kaart brengt) en directeur van de IAASTD (International Assessement of Agricultural Knowledge, Science and Technology for Development), een internationale onderzoeksgroep over duurzame landbouw. In die laatste hoedanigheid bracht Watson begin februari een bezoek aan Brussel.

De IAASTD-rapporten nemen afstand van grootschalige, industriële en energie-intensieve landbouw, maar Watson wijst erop dat het geen zwart-witverhaal is. ‘Onze landbouw heeft de voorbije veertig jaar positieve effecten gehad. We hadden nog nooit zoveel en zo goedkoop voedsel –met uitzondering van het jaar 2007 en nu. Daar staat tegenover dat nog altijd een miljard mensen honger lijden en dat de landbouw een zware ecologische voetafdruk heeft. Bossen moeten verdwijnen, water wordt vervuild, er is bodemerosie… Onze landbouw is niet duurzaam.’

Wat moet er dan gebeuren?

Bob Watson: We beschikken over alle nodige technologie om iedereen te voeden, maar we hebben een pervers handelssysteem dat gesubsidieerd voedsel uit rijke landen dumpt in ontwikkelingslanden en zo de lokale landbouw ondermijnt. Dat moeten we bijsturen. In sub-Saharaans Afrika en een aantal andere ontwikkelingslanden zijn de opbrengsten zeer laag –slechts een ton per hectare. Met relatief bescheiden ingrepen kunnen we dat makkelijk optrekken naar twee, drie of vier ton per hectare. We moeten die landen toegang tot microkrediet geven, vrouwen empoweren, wegen aanleggen zodat boeren de markt kunnen bereiken, hun eigen kennis aanvullen… We moeten stoppen met voedsel te verspillen. Wij zijn niet tegen grootschalige landbouw maar erkennen dat de verbetering van de kleinschalige landbouw een grote rol te spelen heeft als we de honger en de armoede in de wereld willen verminderen.

In veel landen ging de schaalvergroting gepaard met een massale plattelandsvlucht, waardoor minder mensen op het land achterbleven, die dan per boer meer land ter beschikking hadden.

Bob Watson: In Europa en de VS zijn er inderdaad veel minder boeren dan honderd jaar geleden. Wij denken dat Afrika onder de Sahara niet noodzakelijk die evolutie moet volgen, maar moet onderzoeken hoe het kleine boeren winstgevend kan maken.

Er is veel kritiek op westerlingen die aan ontwikkelingslanden zeggen dat zij niet onze weg van schaalvergroting moeten volgen maar met kleine boeren moeten blijven werken.

Bob Watson: Het is geen of-of-verhaal. Ik zeg niet dat er geen verstedelijking zal plaatsvinden in Afrika. Het gaat om een gradatieverschil. Ik zie China sneller in de richting van grootschaligheid evolueren dan Afrika, waar de politieke en sociale situatie erg verschillend is. Ik denk dat grootschaligheid makkelijker in China te organiseren is. Het land wordt veel meer van bovenaf  bestuurd: de regering kijkt wat er best werkt en bootst dat dan na. Dat is prima, maar Afrika werkt anders. Nogmaals: het is geen keuze tussen grote of kleine boeren; de twee zullen blijven bestaan. We onderzoeken de vraag hoe je de kleintjes ook rendabel kan maken.

Hoe moet dat?

Bob Watson: Ik denk dat ze meer moeten samenwerken: coöperatieven vormen zodat ze een betere prijs kunnen bedingen door meer marktmacht te verwerven. Ze kunnen ook van elkaar leren, er moeten landbouwscholen komen. Landbouwbeleid is erg belangrijk. Plattelandsontwikkeling. Aanvankelijk stond de Wereldbank nogal sceptisch tegenover ons rapport, maar nu erkent ze ook dat empowerment van kleine boeren belangrijk is.

Zijn kleine boeren per definitie milieuvriendelijker?

Bob Watson: Niet noodzakelijk. Het hangt ervan af hoe ze werken. Ook zij kunnen op een onverstandige manier pesticiden en meststoffen gebruiken.

Moeten de rijke landen hun landbouw veranderen?

Bob Watson: De Europese landbouw kan milieuvriendelijker worden door minder fossiele brandstoffen te gebruiken (door het gebruik van meststoffen te verminderen) en meer dierenmest en groenbemesters in te zetten. Ook pesticiden, watervervuiling en bodemerosie moeten teruggedrongen.

Is er onderzoek dat aantoont dat je met minder energie-intensieve landbouw evenveel voedsel kan produceren?

Bob Watson: Dat weet ik niet. Ik ben zeker dat boeren in de VS en de EU ondertussen al vrij efficiënt omspringen met meststoffen en bestrijdingsmiddelen omdat die duur zijn. Een tijdje geleden zat ik op een tractor die uitgerust was met een gps-systeem dat op enkele centimeter na precies wist waar de plantjes staan. Het kan heel gericht mest en water toedienen bij de wortel van de plant. Die precisielandbouw is natuurlijk zeer goed.

Als ik u goed begrijp, pleit u dus voor meer onderzoek?

Bob Watson: Absoluut. En ook participatief onderzoek waarbij de boeren een grotere rol spelen. Boeren en wetenschappers kunnen van elkaar leren. Dat is in het verleden te weinig gebeurt omdat de academicus dacht dat hij alles wist.

Boer en wetenschapper spreken dikwijls ook een andere taal.

Bob Watson: Absoluut, maar er moet veel aandacht zijn voor de landbouwkennis van boeren en boerengemeenschappen, hier en in het Zuiden.

U bent al vijftien jaar op het hoogste niveau bij het milieubeleid betrokken. Gaat het de goede richting uit?

Bob Watson: Er is een toenemende erkenning van de problemen maar die wordt niet gevolgd door slagkrachtig beleid. Neem nu de klimaatverandering. In 1992 kwam het Klimaatverdrag, gevolgd door het Kyotoprotocol in 1997, maar de uitstoot van broeikasgassen is blijven stijgen. De Europese Unie was de goede leerling en wist haar uitstoot te verminderen maar in de Verenigde Staten en de ontwikkelingslanden neemt de uitstoot almaar toe. Je kan je dan afvragen: wie draagt de schuld? Neem mijn land, het Verenigd Koninkrijk. Onze uitstoot van broeikasgassen is sinds 1990 met twintig procent verminderd. Maar als je onze indirecte uitstoot verrekent –die gepaard gaat met alles wat we consumeren– dan is onze uitstoot met twaalf procent toegenomen. Ik ben vrij zeker dat dit zo is voor de meeste Europese landen. Dus, ja, Europa geeft het goede voorbeeld maar veel minder dan je zou denken. China is nu een even grote uitstoter als de VS, niet per hoofd van de bevolking natuurlijk, maar globaal genomen.

Een belangrijk deel van China’s uitstoot is te wijten aan de consumptieproducten die het voor ons maakt.

Bob Watson: Daarom moeten we onze gewoontes veranderen. De beslissing om de temperatuurstijging te beperken tot twee graden Celsius was juist. Maar het ziet er niet naar uit dat we dat doel gaan halen. We zijn op weg naar een opwarming met drie tot vier graden.

Zijn we dan irrationele wezens? We erkennen het probleem maar handelen er niet naar.

Bob Watson: Er is overal goedkope fossiele energie. Iedereen wil goedkope energie en gebruikt die dan ook maar. Hernieuwbare energie is misschien op termijn wel goedkoper, maar nu nog niet. Wat we nodig hebben, is een wereldakkoord dat de reële kosten internaliseert. Zolang dat er niet is, lukt het niet. Daarnaast moeten we ons gedrag veranderen: het licht uitdoen wanneer we het niet nodig hebben, meer publiek transport gebruiken, streven naar energie-efficiëntie. Regeringen en publiek kijken naar elkaar in plaats van zelf actie te ondernemen.

Doen we het beter inzake biodiversiteit?

Bob Watson: Die verdwijnt aan een snel tempo en wel om vijf redenen. We vernietigen de natuurlijke habitats van de diversiteit  –zoals de wouden. We overexploiteren de ecosystemen –de visserij is hier een goed voorbeeld van. We roeien soorten uit. We vervuilen water en lucht. En we veranderen het klimaat. Dat allemaal samen is zeer nefast. Ook hier weten we wat de problemen zijn maar slagen we er niet de economie voldoende bij te sturen.

Uw landgenoot Tim Jackson betoogt in zijn boek Welvaart zonder groei dat die bijsturing op termijn een einde aan de groei moet inhouden. 

Bob Watson: Ik heb het boek niet gelezen. Ik kan er dus niet echt iets over zeggen. Maar ik geloof dat de economie kan blijven groeien zonder ons milieu verder te vernietigen. We kunnen naar lage koolstof- of een zero-koolstofeconomie evolueren. Ik geloof dat we vervuilingsvrije energie kunnen maken. Dat veronderstelt wel een complete transformatie in de manier waarop de economie werkt.

U was jarenlang voorzitter van het VN-Klimaatpanel (IPCC), wellicht ’s werelds belangrijkste wetenschappelijk adviesorgaan. Zo belangrijk dat je zou verwachten dat er politieke invloed is.

Bob Watson: Het IPCC is verbazend onafhankelijk. De reden is eenvoudig. Er zijn regeringen die absoluut niet geloven in klimaatverandering en er zijn er die het de voornaamste uitdaging van de toekomst vinden. Wel, die heffen elkaar op, waardoor we uiteindelijk verbazend vrij onafhankelijk kunnen werken.

Toch wilden de VS u in 2002 weg bij het VN-Klimaatpanel.

Bob Watson: Dat is iets anders. Dat ging over de samenstelling en leiding over het IPCC. Anders dan bij het inhoudelijke werk van het panel, heeft de politiek daar natuurlijk wel een stem in. De jonge Bush was vierkant tegen mij, net als Rusland. De G77 heeft dan de Indiër Rajendra Pachauri voorgesteld, die het gehaald heeft –Afrika en Azië zijn met veel landen. Dat is niet erg, want Pachauri is een capabele man. En het werk dat ik nadien ben gaan doen, was ook erg boeiend.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur