Oppositie kondigt nieuwe protesten aan

Boliviaanse vakbonden en de oppositiepartij Movimiento al Socialismo (MAS) van Evo Morales hebben nieuwe protesten aangekondigd, nadat het Boliviaanse parlement gisteren weigerde de ontslagaanvraag van president Carlos Mesa goed te keuren. De oppositie is niet tevreden met een overeengekomen ‘bestuurspact’ dat een einde moet maken aan de sociale onrust.

De Bolivianen protesteren omdat ze willen dat het Boliviaanse aandeel in de opbrengsten van de grote olie- en gasvoorraden in het land verhoogd wordt. Ook vinden ze dat het geld beter verdeeld moet worden onder de bevolking. Volgens MAS-leider Evo Morales profiteren nu vooral buitenlandse bedrijven van de Boliviaanse hulpbronnen. Bolivia is het armste land in Latijns-Amerika.

Morales en Jaime Solares, secretaris van de vakfederatie de vakfederatie Central Obrera Boliviana (COB), zeggen een politieke en sociale overeenkomst te hebben gesloten met diverse oppositiebewegingen. Daartoe behoren onder meer de inheemse beweging Indígena Pachakuti (MIP), leider Felipe Quispe van de inheemse bevolkinggroep Aymara, raadslid Roberto de la Cruz uit de sloppenwijk El Alto, (vlakbij de hoofdstad La Paz) en vertegenwoordigers van de Beweging van Landlozen en de onderwijsvakbond.

Sinds Mesa zeventien maanden geleden aan de macht kwam, waren er talloze protesten en sociale conflicten in Bolivia. De president heeft gezegd dat hij het leger niet zal laten ingrijpen bij de nieuwe acties en blokkades. Hij zegt daarmee te willen voorkomen dat er doden vallen.

De MAS weigerde deel te nemen aan de onderhandelingen van deze week. De andere politieke partijen maakten afspraken over een hervorming van de grondwet, een nieuwe wet over de exploitatie van de gasreserves en een referendum over regionale autonomie.

De MAS heeft meer zetels in het Congres dan welke andere partij dan ook. De partij was de belangrijkste steun voor Mesa, nadat Gonzalo Sánchez de Lozada in oktober 2003 gedwongen werd af te treden. Honderden Bolivianen gingen deze week de straat op hun steun te betuigen aan Mesa. Ook de Rooms-Katholieke Kerk, de Nationale Ombudsman en de Permanente Mensenrechtenassemblee steunen de overeenkomst waardoor Mesa in het zadel blijft.

De MAS weigerde echter het pact te ondertekenen. De partij blijft pal staan voor volledige nationalisatie van de aardgasreserves en eist dat het Boliviaanse aandeel in de olieopbrengsten verhoogd wordt van 18 naar 50 procent. Die verhoging staat centraal in de oppositieovereenkomst die Morales en de COB gisteren aankondigden. Volgens MAS-afgevaardigde Santos Ramírez levert een belasting van 50 procent op de olie die buitenlandse ondernemingen exploiteren, Bolivia jaarlijks 750 miljoen dollar op. Het huidige regeringsvoorstel levert slechts 90 miljoen dollar op.

Vakbonden en maatschappelijke groeperingen in El Ato eisen ook dat een contract tussen de staat en waterbedrijf Aguas del Illimani, een dochteronderneming van het Franse Lyonnaise des Aux, geannuleerd wordt. De privatisering van het waterbedrijf heeft de Bolivianen opgezadeld met een aanzienlijk hogere waterrekening.

Nadat Mesa zondag aankondigde te willen aftreden, ontving hij steunbetuigingen van de Argentijnse president Néstor Kirchner, Hugo Chávez van Venezuela, Ricardo Lagos van Costa Rica en Alejandro Toledo van Peru. De twee belangrijkste Zuid-Amerikaans handelsblokken, Mercosur en de Andesgemeenschap, lieten ook hun solidariteit blijken. Met het pact dat Mesa de gelegenheid geeft zijn termijn tot augustus 2007 uit te dienen, slaagde de president in zijn alles-of-niets vraag om politieke steun voor een breed scala aan hervormingen.

Desondanks blijft de situatie in Bolivia erg onstabiel. De problemen die in 2003 leidden tot de protesten die het aftreden van toenmalig president Sánchez de Lozada tot gevolg hadden, zijn nog niet opgelost. De demonstranten protesteerden toen onder meer tegen de plannen van de regering om Boliviaans aardgas via Chileense havens naar Amerika en Mexico te exporteren. Bij de protesten vielen zeventig doden en 200 gewonden, toen veiligheidstroepen demonstranten uiteen joegen.

Aan het exportplan van de regering Sánchez de Lozada lag aantrekkelijke wetgeving voor buitenlandse ondernemingen ten grondslag. De demonstranten waren woedend over de export, omdat van de 8,5 miljoen Bolivianen, 65 procent te arm is om zich het gebruik van gas voor huishoudelijk gebruik te kunnen veroorloven.

De nieuwe golf van maatschappelijke onrust ontstond nadat Mesa kritiek leverde op een wet die vorige week door de Boliviaanse Tweede Kamer werd geloodst. Door die wet zouden buitenlandse oliebedrijven 32 procent extra belasting moeten betalen, bovenop de 18 procent die ze nu betalen aan royalty’s. De president waarschuwde dat het land in een internationaal isolement kan raken door zo’n extreme stijging van de belasting. Die zou betekenen dat contracten die werden afgesloten tijdens de eerste termijn van Sánchez de Lozada (1993 – 1997), opengebroken moeten worden. (JS/ADR)



Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3210   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift