Palestijnse kinderen achter Israëlische tralies

Kinderrechten doen het goed op de internationale agenda. Maar in de dagelijkse praktijk van gewapende conflicten zijn jongeren vaak de dupe. In Israël worden ze massaal opgepakt, vastgehouden en zelfs gefolterd. Geen haan die ernaar kraait.
‘Er kwamen drie gemaskerde personen de kamer in. Ze blinddoekten me, deden een kap over mijn hoofd… Ze schopten en sloegen me. Ze sloegen me met een plastic buis en met alles wat in hun handbereik lag. Ik kon niets zien want ik was geblinddoekt. Ik voelde gewoon de klappen. Het heeft tien tot vijftien minuten geduurd.’ Het getuigenis van Isma’il (17 jaar) komt niet uit Abou Ghraib, maar uit Israël. Isma’il is geen handlanger van Al Qaeda en heeft geen aanval op het Westen beraamd. Het enige wat hij, na mishandeling, kon bekennen, was dat hij met stenen gegooid had. Hij heeft zeven maanden in een militaire gevangenis doorgebracht.

De slimme bezetting


Kinderen die met stenen naar Israëlische tanks gooien en militairen die met rubberkogels antwoorden: het zijn intussen vertrouwde beelden op het journaal. Soms krijgen we ook een kind te zien dat gewond geraakt is en in allerijl door vrienden weggevoerd wordt. Het beeld stopt daar, maar het verhaal gaat verder. Foto’s à la Abou Ghraib zullen we vanuit de Israëlische gevangenissen waarschijnlijk nooit te zien krijgen.
Niet dat daar niet gefolterd wordt maar ‘de Israëlische bezetting is een slimme bezetting die alles op alles zet om de sporen van marteling uit te wissen’, zegt Khaled Kuzmar, advocaat bij Defence Children International/Palestine Section (DCI/PS) in Ramallah. Die organisatie zet zich sinds 1992 in voor het lot van de Palestijnse kindgevangenen. Momenteel zijn dat er 350, ongeveer vijf procent van alle Palestijnse gedetineerden. Alarmerend is het feit dat ook kinderen van dertien en veertien in deze gevangenissen zitten. Unicef Jeruzalem zegt dat er zelfs twaalfjarigen bij zijn.
Foto’s van de mishandeling van Palestijnse kinderen in Israëlische gevangenissen zijn er dus niet, maar getuigenissen en rapporten van mensenrechtenorganisaties wel.
Begin dit jaar verscheen Stolen Youth. The Politics of Israel’s Detention of Palestinian Childeren, het boek waarin onder andere Isma’ils verhaal staat. Stolen Youth is gebaseerd op getuigenissen van kinderen die zelf in de gevangenis gezeten hebben, van hun advocaten en hun ouders, en ook op het werk van verschillende ngo’s en mensenrechtenorganisaties waaronder Amnesty International. Het boek is bijzonder bezwarend voor Israël en is ook erg kritisch voor de internationale gemeenschap, die verweten wordt beide ogen dicht te knijpen.

Slegs vir Israëli’s


Kindgevangenen zijn geen nieuw fenomeen in Israël. Bij het uitbreken van de eerste intifada, in 1987, heeft Israël twee procent van alle kinderen tussen negen en zeventien voor korte of langere periodes opgesloten, rapporteert Stolen Youth. Tijdens de laatste vier jaar is er een duidelijke toename van het aantal gevangengenomen kinderen. De politiek van kinderarrestaties is een nieuwe fase ingegaan in 2002 toen Israël een militair offensief lanceerde in alle Palestijnse steden in de Westelijke Jordaanoever. Dat leidde zelfs tot een eerste dood in hechtenis, toen de zeventienjarige Mourad ‘Awasia aan zijn verwondingen overleed in het appartement waarin de Israëlische soldaten hem vasthielden. Zijn naakte lichaam werd één dag na zijn overlijden buiten het appartement gevonden.
Volgens Defence Children International werden er sinds het uitbreken van de tweede intifada in september 2000 meer dan 2500 minderjarigen opgepakt en opgesloten. De meesten onder hen hebben lange periodes doorgebracht in Israëlische detentiecentra en gevangenissen.
In haar pas verschenen rapport zegt de organisatie dat in 2003 zeker 650 minderjarigen werden opgepakt. 245 onder hen zijn voor de militaire rechtbanken in Israël verschenen. De meest voorkomende beschuldiging is het gooien van stenen. Administratieve detentie is ook geen uitzondering. Kinderen kunnen maanden opgesloten blijven zonder beschuldiging of berechting.
 Israël heeft de vierde conventie van Genève over de rechten van het kind wel geratificeerd, maar hanteert een dubbele moraal, zegt Adah Kay, ereprofessor aan de City University Cass Business School in Londen en co-auteur van Stolen Youth. ‘De ratificatie geldt voor alle Israëliërs, ook diegenen die in de nederzettingen in de bezette gebieden wonen, maar niet voor de Palestijnen. Het resultaat is dat de rechten van het Palestijnse kind over de hele lijn met de voeten worden getreden, en dat Palestijnse kinderen van boven de 16 worden berecht en vastgehouden samen met volwassenen.’

In het hart van de duisternis


De arrestaties van de kinderen gebeuren tijdens demonstraties of aan de checkpoints, de grensposten binnen de bezette gebieden die door Israël geïnstalleerd zijn. ‘Maar de grote meerderheid van de minderjarigen worden ‘s nachts thuis gearresteerd’, zegt Khaled Kuzmar, advocaat bij DCI/PS.
‘Het Israëlische leger wacht tot één uur of twee uur ‘s nachts om bij de kinderen thuis binnen te vallen en hen te arresteren. Dat gebeurt op een brutale manier. Ze komen met tientallen tot de tand gewapende soldaten, omsingelen het huis, forceren de deur of klimmen over de muren alsof ze met een gewapende groep te maken hebben. De jongere wordt van zijn bed gelicht. Hij wordt onmiddellijk geboeid en geblinddoekt en voor de ogen van zijn ouders geslagen. Daarna wordt hij meegevoerd voor ondervraging in het militaire kamp of in een detentiecentrum binnen één van de nederzettingen. Het kind mag niet slapen, naar toilet gaan of eten tot hij een bekentenis aflegt en ondertekent’.
‘Ze bereikten het detentiecentrum rond twee uur ‘s nachts en de Israëlische soldaten namen Rami meteen mee om hem te ondervragen. Gedurende zijn ondervraging werd Rami hevig geschopt en geslagen door de soldaten. Hij mocht niet slapen, hij werd lange tijd vastgebonden aan een kleine stoel in een verwrongen positie. Hij kreeg beurtelings ijskoud en heet water over zijn lichaam. Op een bepaald moment tijdens zijn ondervraging werd Rami verplicht om op één voet te staan. Toen de ondervrager hem vroeg te bekennen weigerde Rami en antwoordde dat hij niets te bekennen had. De ondervrager begon hem te slaan op het been waarop hij stond, geblinddoekt, tot hij struikelde en op de grond viel.’ (Uit: Stolen Youth)
Tijdens de ondervraging krijgt de minderjarige geen bijstand van een advocaat. Ook zijn ouders zijn niet aanwezig, zij krijgen hun kind pas in de rechtbank te zien. Rami heeft niet bekend en kan jaren in de gevangenis doorbrengen. Vaak slaagt men er wel in bekentenissen af te dwingen, op basis van intimidatie of zelfs fysiek geweld.
Het gebruik van militaire rechtbanken voor het berechten van minderjarigen is in strijd met de internationale normen. ‘Een militaire rechtbank is niet geschikt om kinderen te berechten’, zegt advocaat Khaled Kuzmar. ‘De aanklager en de rechter zijn militairen, de bekentenissen zijn onwettig en het recht van de verdediging is niet gegarandeerd. In een militaire rechtbank heb ik als advocaat beperkte mogelijkheden. Eigenlijk zijn de uitspraken al klaar voor elke minderjarige die zich tegen de bezetting verzet’.
Die straffen zijn bovendien niet stabiel, ze hangen af van de gemoedstoestand van de rechter en van de algemene situatie. Het gooien met stenen, bijvoorbeeld, wordt vanaf het uitbreken van de tweede intifada zwaar bestraft. Een kind dat bekent met stenen gegooid te hebben, kan van zes maanden tot één of meerdere jaren celstraf krijgen. Kuzmar: ‘Ik heb kinderen verdedigd die zes jaar gevangenisstraf hebben gekregen omdat ze gegooid hebben met stenen. Gewoon met de Palestijnse vlag zwaaien, kan een jongere vijf jaar celstraf kosten.’
‘Het gaat om systematische schendingen van de rechten van het kind en niet om individuele gevallen’, zegt professor Adah Kay. ‘Het oppakken, terroriseren, intimideren en opsluiten van de kinderen is één van de wapens van de bezetting. Het tekent de kinderen, heeft psychologische, sociale en economische gevolgen voor het kind, voor diens familie en voor de hele gemeenschap die zich machteloos voelt omdat ze haar kinderen niet kan beschermen.’

Kinderen zijn de toekomst


De trauma’s van de opsluiting werken lang door, dat blijkt bijvoorbeeld uit het getuigenis van M.A. Hij werd in 1991 gearresteerd toen hij 15 was, en kreeg toen 3 jaar celstraf voor het gooien van stenen. ‘Ik was gedeprimeerd en heb het vertrouwen in andere mensen verloren… Ik kan niet werken omdat ik op elk moment gearresteerd kan worden. Ik heb gezondheidsproblemen ten gevolge van folteringen.’ (Uit: Stolen Youth)
Ook de omstandigheden in de detentiecentra waar de minderjarigen eerst opgesloten worden, laten te wensen over: ze krijgen niet genoeg te eten, krijgen geen faciliteiten om zich te wassen, geen toegang tot onderwijs, geen enkele vorm van juridische of medische bijstand. Michael Bociwkiw, woordvoerder van Unicef in Jeruzalem, zegt dat ‘ongeveer 80 procent van de gedetineerden op één of andere manier slachtoffer wordt van foltering en pesterijen. De gedetineerden leven in zeer moeilijke omstandigheden. De cellen zijn klein, er zijn geen bedden en het is er s’nachts erg koud.’
Volgens de medewerkers van DCI/PS hebben honderden jonge ex-gedetineerden last van slapeloosheid, angst en nervositeit. Ze hebben een minderwaardigheidscomplex, zijn eenzaam, hebben leerstoornissen en kunnen zich minder concentreren. Dat laatste heeft soms te maken met het feit dat ze slecht slapen door de vele nachtmerries. Velen ontwikkelen maagklachten en hoofdpijn. In sommige gevallen beginnen tieners te bedwateren.
Er is ook het probleem van de collaboratie. Israël probeert zoveel mogelijk kinderen als collaborateurs te rekruteren en dat zorgt voor grote problemen binnen de Palestijnse maatschappij, zegt Adah Kay. ‘De Israëlische inlichtingendienst is doeltreffend, net omdat ze veel Palestijnen, ook kinderen, gerekruteerd heeft’. En dat alles blijft, zeggen de auteurs van Stolen Youth, internationaal ongestraft. Israël manipuleert de internationale wetgeving inzake mensenrechten en beweert dat internationale verdragen niet voor de bezette gebieden gelden.
Verschillende internationale organisaties rapporteren de schendingen al jaren aan de VN-commissies, maar de rapporten blijven dode letter door de inherente zwakte van de internationale wet. ‘Door de ogen te sluiten werkt de internationale gemeenschap mee aan de schendingen. De internationale organisaties focussen op het verbeteren van de situatie van de kinderen maar doen niets aan de kern van het probleem: de bezetting’, zegt Adah Kay.
Het ergste aan het hele verhaal van de politieke kindgevangenen is dat ze nooit een gevaar betekend hebben voor de Israëlische staat. Khaled Kuzmar heeft wel een verklaring voor het optreden van het Israëlische leger: ‘Door de kinderen te treffen wil Israël de toekomst van het Palestijnse volk treffen. De Palestijnse minderjarige die niet vermoord of gewond is geraakt, wordt gevangen genomen. Palestijnse kinderen voelen zich niet veilig, niet op school, niet op straat, niet thuis. En toch is Israël er niet in geslaagd de kinderen af te schrikken en hun verzet tegen de bezetting te staken.’
Stolen Youth. The Politics of Israel’s Detention of Palestinian Childeren werd samengesteld door Adam Hanieh, Adah Kay en Catherine Cook. Alledrie hebben ze tussen 1991 en 2003 voor Defence Children International/ Palestine Section (DCI/PS) gewerkt.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur