Peruaanse procureur vindt Fujimori's straf te licht

Het openbaar ministerie in Peru gaat in beroep tegen de veroordeling van ex-president Alberto Fujimori. Die kreeg gisteren in zijn vierde en laatste proces zes jaar cel. Procureur José Antonio Peláez wil een zwaardere straf.
Alberto Fujimori, die president was van 1990 tot 2000, werd in dit proces beschuldigd van het afluisteren van politieke tegenstanders en journalisten, het omkopen van parlementsleden en de aankoop van een televisiestation met publieke middelen om zijn kansen op herverkiezing te vergroten.

Hij werd, behalve tot de celstraf van zes jaar, ook veroordeeld tot het betalen van een in de miljoenen lopende schadevergoeding aan de staat en 28 slachtoffers van de spionage.

Zowel procureur José Antonio Peláez als de ex-president zelf gaan in beroep tegen het vonnis. Volgens de procureur had Fujimori acht jaar moeten krijgen, de maximumstraf voor dit soort misdrijven. De rechtbank zei dat ze de straf verminderd had omdat Fujimori zijn verantwoordelijkheid erkend had.

Niet cumuleerbaar



Met dit proces eindigt de reeks van vier processen waarvoor Fujimori twee jaar geleden was uitgeleverd door Chili. De nu 71-jarige Fujimori was eerder al veroordeeld tot 25 jaar cel voor zijn rol in twee moordpartijen, tot 6 jaar voor de onrechtmatige toe-eigening van functies en tot 7,5 jaar voor de betaling van smeergeld aan zijn voormalige rechterhand Vladimir Montesinos.

“Spijtig genoeg zijn veroordelingen niet cumuleerbaar in Peru, in tegenstelling tot in andere landen”, zegt de linkse politicus Javier Diez Canseco, een van de slachtoffers van Fujomori’s afluisternetwerk.

Procureur José Antonio Peláez had naar aanleiding van de veroordeling tot 25 jaar eerder dit jaar al gezegd dat Fujimori pas na achttien jaar in aanmerking komt voor vervroegde vrijlating en ten vroegste in 2032 de cel kan verlaten, wanneer hij bijna 95 is. De kans dat het Peruaanse hooggerechtshof Fujimori’s de 25 jaar annuleert of vermindert is zeer klein, omdat het vonnis stevig onderbouwd is, zei Peláez. De ex-president is bovendien veroordeeld voor moord, een misdrijf waarvoor geen strafkwijtschelding mogelijk is.

Afluistercentra



Fujimori kwam in 1990 aan de macht via verkiezingen maar ontbond op 5 april 1992 het parlement en stelde de politieke partijen buiten de wet. In 2000 kwam een video boven water waarop te zien was hoe Fujimori’s rechterhand Vladimir Montesinos parlementslid Alberto Kouri omkocht. Het schandaal volstond om Fujimori ten val te brengen.

Volgens het vonnis had Montesinos in heel het land een netwerk van afluistercentra georganiseerd. “Ik werd afgeluisterd omdat ik in het Congres onderzoek deed naar de illegale activiteiten van de Nationale Inlichtingendienst onderzocht en de mensenrechtenschendingen door de militairen en de aanzet gaf tot het referendum tegen Fujimori’s herverkiezing”, zegt Javier Diez Canseco.

Ook volgens Diez Canseco had het vonnis harder mogen zijn omdat uit het onderzoek is gebleken dat de informatie die via het afluisteren verkregen werd, ook diende om tegenstanders van Fujimori te vermoorden.

Een van de afgeluisterde journalisten was Ángel Páez, die voor de krant La República werkte en nu IPS-correspondent is in Peru. Hij onderzocht destijds corruptie bij grote legeraankopen. “Ik ontdekte dat de verkopers tot een groep zakenmensen behoren die smeergeld betaalden aan Montesinos om het contract binnen te halen.”

Volgens Páez wilde het regime zijn journalistieke werk onmogelijk maken, desnoods met geweld. “De wapenaankopen, zo is ook uit gerechtelijk onderzoek gebleken, waren de belangrijkste bron van corruptie van het regime. Daarom probeerden ze mij uit te schakelen, zoals blijkt uit opnames die Montesinos maakte van gesprekken die hij had het hoge militairen.”

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3153   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift