Pessimisme is niet nuttig

Het Vlaamse burgerpanel van World Wide Views zaterdag, in het Vlaamse Parlement, werd ingeleid door professor Jean-Pascal van Ypersele. Professor van Ypersele is professor aan de UCL en vice-voorzitter van het IPCC, het Intergovernmental Panel on Climate Change. MO* vroeg van Ypersele hoe ver de onderhandelingen zijn opgeschoten, op amper twee maanden van de klimaatconferentie van Kopenhagen.
  •  Johan Evers Professor Jean-Pascal van Ypersele Johan Evers
De talrijke bijeenkomsten van dit jaar hebben schijnbaar weinig opgeleverd.
Professor Jean-Pascal van Ypersele: Het Kyotoprotocol werd beklonken in de laatste uren van de laatste nacht na het officiële einde van de bijeenkomst. Ik verwacht niet dat dit nu anders gaat zijn. Het uiteindelijke akkoord zal niet bekend zijn voor de laatste nacht. Het is nog te vroeg voor pessimisme, en pessimisme is ook niet nuttig voor de onderhandelingen. Het klopt wel dat het proces stroef loopt. Het feit dat de VS de wijzigingen aan hun wetgeving willen rond hebben voor ze met een besluit naar buiten komen, is een zwakke houding.  Het pakket Waxman-Markey is alleen in het congres gestemd, en daar met een nipte meerderheid goedgekeurd. Dat moet nog naar de senaat en de kans dat het daar nog gestemd wordt vóór Kopenhagen, is klein omdat momenteel alle aandacht gaat naar de gezondheidszorg. Nadien moeten de beide kamers het nog eens worden. Er zijn onderhandelaars in de VS die beweren dat het nog niet het einde van de wereld is indien er in Kopenhagen nog geen akkoord wordt bereikt, gewoon omdat het nog te vroeg is voor hun proces. Maar we hebben de tijd niet om een half jaar te wachten. In Kopenhagen moet er een overeenkomst komen, anders is het onmogelijk om het geratificeerd te krijgen voor de Kyotoperiode voorbij is. De ratificatie door tientallen landen neemt twee tot drie jaar in beslag. Daartegen is het Kyotoprotocol niet meer  operationeel. 
 
Azië lijkt een positievere houding aan te nemen. China zei: ‘we willen ervoor zorgen dat onze uitstoot minder snel groeit dan onze economie’. Is dat een voldoende sterk engagement? 
 
Professor Jean-Pascal van Ypersele: De positieve ontwikkelingen komen inderdaad van het Chinese discours. China geeft signalen dat het land het probleem echt wil aanpakken indien de ontwikkelde landen dat ook doen. Dat is belangrijk, omdat China een belangrijke speler is, en omdat het een wijziging is ten opzichte van hun vroeger discours. In het verleden beweerde China steeds dat het vooral een probleem was voor de ontwikkelde landen en dat zij nog andere prioriteiten hadden. Ze hebben een stap gezet in de goeie richting. Ook het feit dat Japan zich wil engageren tot 25 procent reductie van emissies is zeer positief, en gaat verder dan de vorige regering. Wat ze vandaag voorop stellen, is niet genoeg in verhouding tot wat nodig is. Maar als wij, ontwikkelde landen, willen dat ontwikkelingslanden en ook China, verder gaan, betekent dit ook: meer overdracht van technologie en financieën tussen Noord en Zuid. De groeilanden zullen bereid zijn verder te gaan indien ze meer middelen krijgen om verder te gaan.
 
Op de conferentie van vorig jaar, in Poznań, was er een gespannen relatie tussen ontwikkelde landen en ontwikkelingslanden. Is er intussen een betere verstandhouding gegroeid? 
 
Professor Jean-Pascal van Ypersele:Wat helpt is dat er duidelijker cijfers beschikbaar zijn van wat het probleem gaat kosten. Dit betekent dat er ook duidelijker afspraken gemaakt kunnen worden. De Wereldbank heeft recent haar cijfers gepubliceerd: 400 miljard dollar per jaar zijn nodig voor mitigatie in ontwikkelingslanden en 75 miljard dollar per jaar voor adaptatie. Die cijfers kunnen nog bediscussieerd worden, maar maken specifiekere afspraken mogelijk. Er zijn intussen al verschillende schattingen gemaakt. Ook het secretariaat van de Conventie en andere instanties hebben cijfers bekend gemaakt. De EU is nu bezig om haar bijdrage te bepalen en zal dat in de loop van oktober bepalen. Misschien zullen ontwikkelingslanden dit niet genoeg vinden, maar het is beter een referentie te hebben dan geen cijfers te hebben. Het bewustzijn dat er veel geld nodig is, is veel meer aanwezig dan vorig jaar. Dus ook dat is een beweging in de goeie richting. Alleen blijft de vraag wat landen kunnen vrij maken, gezien de budgettaire crisis.
 
De onderhandelingen gaan heel traag, de opwarming heel snel. Hoe dit dilemma hanteren?
Professor Jean-Pascal van Ypersele: Er is geen alternatief voor de onderhandelingen. Er is geen tovenaar die voor ons dit probleem gaat oplossen en CO2 uit de lucht gaat halen op wereldschaal. En een ton CO2 in VS of in Beijing of in Brussel uitgestoten, heeft dezelfde impact. Het is een gemeenschappelijk probleem, dat we gezamenlijk moeten aanpakken. “In een gemeenschappelijke maar gedifferentieerde verantwoordelijkheid,” zoals de Klimaatconventie stelt.
 
Vindt u dat België genoeg doet?
Professor Jean-Pascal van Ypersele: Zeker niet. Politici zijn veel te eng gefocust op de korte termijn. Er is in de politieke cultuur geen aandacht voor de impact van de genomen beslissingen op de lange termijn.  Dat is de grootste zwarte vlek in de politiek.
www.climate.be/vanyp
Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift