Portret Marokkaans-Belgische regisseur Jawad Ghalib

Mondialisering, kapitalisme, milieu –het zijn thema’s die de Marokkaans-Belgische regisseur Jawad Ghalib na aan het hart liggen. Dat verklaart ook dat ‘tikkeltje militantisme’ –zoals Gerda Coppens van het productiehuis Latcho Drom het noemt– dat altijd in zijn werk terugkomt.
  • Jawad Ghalib Nick Hannes Jawad Ghalib
In De Bannelingen van de Zee, één van de blikvangers van het filmfestival Open Doek in Turnhout, is dat niet anders. De documentaire toont hoe nefast de mondialisering van de visvangst is voor mens en milieu. Een verhaal over hoe de grote vissers de kleintjes opeten.
Blijkbaar moet dat in je zitten, dat ‘tikkeltje militantisme’. Want het eerste programma dat Jawad Ghalib voor de Marokkaanse televisie maakte, heette Ecologia. Een milieuprogramma waarin hij allerhande onderwerpen behandelde, gaande van zwerfvuil over klimaatverandering tot woestijnvorming. Het was voor de jonge regisseur een manier om mensen te sensibiliseren en hen attent te maken op het effect van hun gedrag op het milieu, zonder dat ze daarbij het gevoel krijgen aangevallen te worden. Want dat was een probleem.
‘Toen ik naar Marokko terugkeerde was ik geschokt door de manier waarop de mensen met afval omgingen’, vertelt Jawad Ghalib in zijn kantoor in Molenbeek. ‘Ik zag mensen sigarettenpeuken uit het raam van hun auto gooien, afval op het strand achterlaten. Ik zag overal plastic zakken liggen… Ik kon het niet zien zonder een opmerking te maken –meestal met woedende reacties tot gevolg.’
Ghalibs bekommernis om het milieu heeft niets te maken met het feit dat hij in België heeft gewoond. ‘Ik was altijd al een maniak op het vlak van orde en netheid’, verzekert hij. ‘Ecologia was trouwens het eerste programma over milieu in heel Afrika en de Arabische wereld’, zegt Ghalib trots.
En het is ook dat ‘tikkeltje militantisme’ dat verklaart waarom hij aanvankelijk de Belgische nationaliteit niet wilde aanvragen. ‘Ik wilde terug naar Marokko om daar te werken en om er te blijven, ook wanneer het moeilijk gaat’, zegt hij. Met de Belgische nationaliteit op zak zou de verleiding groot zijn om op te geven. En dat wilde hij niet doen. Het lag ook in de logica van zijn parcours. Jawad Ghalib is geboren en getogen in Marokko.
Naar België is hij gekomen om te studeren. Een sabbatjaar zag hij wel zitten nadat hij aan de UCL in Louvain La Neuve zijn diploma had behaald. Het gaf hem ook de kans om hier en daar een opdracht uit te voeren. Maar hier blijven, was geen optie. Ghalib had een missie: de audiovisuele sector in zijn land helpen ontwikkelen. Dat was ook hard nodig. Het was begin jaren negentig. Schotelantennes waren er nauwelijks en veel concurrentie had de Marokkaanse nationale zender RTM niet. Heel snel begon hij het ene programma na het andere te produceren. De thema’s waren erg verschillend: milieu, variété, jongeren, ….
Het succes in Marokko weerhield Ghalib niet om opnieuw te vertrekken. Na zeven jaar was een terugkeer naar België –ditmaal om te blijven– een noodzaak geworden. ‘Ik kon me in Marokko niet verder ontplooien op professioneel vlak’, zegt hij.
‘De mentaliteit in de audiovisuele sector hielp niet om projecten op te bouwen en vooruit te gaan. U moet weten dat de nationale televisie toen onder de directe verantwoordelijkheid van de minister van Binnenlandse Zaken stond. De directeur werkte voor de regering. U kunt zich voorstellen wat dat op bureaucratisch vlak gaf. We kregen gerecycleerd materiaal. Wij moesten oude cassettes hergebruiken. Er was ook censuur. En het was geen kwestie van knippen en plakken. Als er iets uit gegooid moest worden, moesten we de hele montage herbeginnen. Leuk was het dus niet.’
De terugkeer naar België was voor Jawad Ghalib de ontdekking van het professionele comfort en de mogelijkheid om met zijn engagement –het sociaal realisme– verder te gaan. In de documentaires die hij in samenwerking met verschillende Belgische en Franse zenders maakte, behandelt Ghalib wereldse thema’s en neemt hij het op voor de kleine man. Hij geeft het woord aan diegenen die anders nooit het woord krijgen. En dat is juist de kern van zijn documentaire De Bannelingen van de Zee.
Vis, ooit het voedsel van de armen genoemd, is een rariteit geworden. Het is duur. Zelfs de sardine, het dagelijkse brood van de kleine Marokkaanse vissers, is bedreigd. De reusachtige Europese treilers nemen meer en meer plaats in op de Marokkaanse wateren. Hun vangst van honderden tonnen vis per dag laat niets over voor de kleine artisanale vissers. Voor Jawad Ghalib is dat niet minder dan een leegroof van de zeebodem van arme landen en een bedreiging voor een belangrijke voedselbron van grote bevolkingsgroepen en voor het ecosysteem.
‘De vissers kunnen niet meer in de Europese wateren vissen. Ze krijgen wel subsidies om ergens ande
De bronnen van de zeebodem zijn niet eindeloos. Marokko moet zich daar bewust van worden. Als de zaken blijven doorgaan zoals nu, kunnen we tegen 2048 wilde vis vergeten.
te gaan –in de wateren van arme landen bijvoorbeeld’, zegt Ghalib. Het visserijakkoord tussen Marokko en de Europese Unie geeft de mogelijkheid aan 127 boten om actief te zijn in de Marokkaanse wateren. ‘Maar daarnaast heb je ook de cowboys van de zee’, zegt de regisseur.
‘Ze komen uit Zweden, Rusland, Oekraïne en China. Ze associëren zich met een Marokkaanse notabele die over een visvergunning beschikt maar die verder niets met de zee te maken heeft. Op die manier kunnen ze zich veel permitteren. Marokko legt vijf maanden biologische rust op aan de vissers. Maar het zijn de kleine Marokkaanse vissers die aan de kant blijven. Machteloos kijken ze toe hoe jonge vissers met bermuda en tatoeage en de meest geavanceerde technologie de zeebodem leegroven. En wanneer er in Marokko niets meer te halen is, trekken ze verder zuidwaarts, naar Mauritanië en daarna naar Senegal. Wat voor hen telt, is massa’s geld verdienen. De kleine vissers blijven in de kou staan. Zelfs de subsidies die Marokko van de Europese Commissie krijgt om de artisanale vissers te helpen tijdens de biologische rust en om hen te helpen hun bootjes te onderhouden, bereiken hen niet’, zegt Ghalib.
‘Maar de bronnen van de zeebodem zijn niet eindeloos’, waarschuwt de regisseur. ‘Marokko moet zich daar bewust van worden. Want als de zaken blijven doorgaan zoals nu, kunnen we tegen 2048 wilde vis vergeten. Wij zullen het moeten stellen met visteelt. En dan moeten we voedsel produceren. Om één kilo voedsel te maken, hebben we zeven kilo vis nodig. Een vicieuze cirkel dus’.
Omdat de documentaire het verhaal niet aan iedereen kan vertellen, schakelt Jawad Ghalib in zijn nieuw werk over op fictie. ‘Ik wil de boodschap via een komedie doorgeven’, zegt hij.
‘Komedie maakt het mogelijk om ook gevoelige thema’s zoals religie te behandelen.’ Een onderwerp dat hij in 1997 al in zijn eerste documentaire –over de religieuze verhoudingen in India– aangesneden heeft. Maar ook de illegale immigratie, een andere facet van de globalisering, vindt Ghalib een interessant onderwerp. Hij is bijzonder fier op zijn documentaire EL Ejido. The Law of Profit, over de illegale immigranten die in de serres in het zuiden van Spanje in erbarmelijke omstandigheden werken en leven. De documentaire viel op internationale festivals in de prijzen en haalde de hoogste kijkcijfers op Arte.
Nu wil Jawad Ghalib het verhaal vertellen van de gelukzoekers die op een bijzonder grove  manier opgelicht worden door mensensmokkelaars in het noorden van Marokko. Ze worden vervoerd in kleine bootjes met de bedoeling de Middellandse Zee over te steken. In plaats daarvan maken de mensensmokkelaars toertjes op zee om hen enkele kilometers van de plaats waar ze opgehaald werden te deponeren. 
 
Jawad werkt in Molenbeek, maar met de Molenbekenaars heeft hij geen contact. Ook de situatie van de minderheden of de verhoudingen tussen de gemeenschappen hier kent hij niet erg goed –dat komt omdat hij vooral met mondiale thema’s bezig is. Daar is zoveel over te doen dat hij gewoon de tijd niet heeft om hier een kijkje te gaan nemen.
In Brussel zit Jawad Ghalib in een comfortabele situatie. ‘Ik zit als het ware in het centrum van de wereld. Van hieruit trek ik gemakkelijk naar alle hoeken van de wereld, naar Singapore, India, Zuid-Afrika en Madagaskar.’ De regisseur beseft dat hij in zijn wijk een “vreemdeling” is. En neen, hij denkt er niet aan om naar Marokko terug te keren. ‘Ik ben overal vreemdeling maar overal voel ik me thuis.’

MO* geeft 50 duotickets weg voor de Vlaamse avant-première van The Damned of the Sea op vrijdag 1 mei op filmfestival Open Doek in Turnhout. Mail naar wedstrijd@MO.be.

Verder is de documentaire nog te zien op:
 * 2-9 mei, Docville, Stuk, Leuven, www.docville.be
* 11-12-13 mei, Mukha Media, Antwerpen, in samenwerking met Moussem, www.muhka.be/film en www.moussem.be
* 11 mei, Kunstencentrum Buda, Kortrijk, www.budakortrijk.be
* 14 mei, DOC’Z, Hasselt, www.zebracinema.be
* 18 - 19 mei, Sphinx, Gent, www.sphinx-cinema.be
 Website van de film: www.thedamnedofthesea.blogspot.com

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2623   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur