'Racisme wordt gebanaliseerd'

“Het racisme is niet gestopt, integendeel, het wordt gebanaliseerd. Iedereen weet waar het begint maar niemand weet waar het zal eindigen”, zo sprak Jozef De Witte, directeur van het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding (CGKR) de pers toe naar aanleiding van de publicatie van het Jaarverslag 2005.
De Witte benadrukte tijdens de persconferentie van 31 mei ook het belang van de lokale meldpunten. “Wij alleen kunnen nooit een einde maken aan het racisme, de meldpunten zijn daarom van cruciaal belang.”

Meer meldingen


Het CGKR ontving vorig jaar 1022 klachten voor racisme. In de sector van werkgelegenheid lag het racismegehalte het hoogst: 156 meldingen, of vijftien procent van het totaal aantal klachten. Dat is het hoogste cijfer in tien jaar. Ook de sectoren “openbare diensten” en “media en propaganda” kregen de aandacht met respectievelijk 143 en 130 meldingen van racisme. Het Centrum stelt ook vast dat het racisme zich meer en meer nestelt in het dagelijks leven.
Het jaarverslag meldt een toename van het aantal conflicten tussen personen, buren en individuen. De recente moorden in Brussel en Antwerpen zijn daarvan een perfecte indicatie. Bovendien tekende de dienst een stijging op van meer dan vijfentwintig procent voor klachten van niet-raciale discriminatie. Meer dan een kwart van die meldingen hebben betrekking op discriminaties van mensen met een handicap.
Ze krijgen onvoldoende toegang tot diensten als huisvesting, horeca, banksector, openbaar vervoer, enz. Het jaarverslag meldt ook een sterke discriminatie op het niveau van het “fortuin” en voornamelijk binnen de huisvestingssector waar mensen met een zwak socio-economisch statuut pertinent worden uitgesloten. Zeventien procent van de ontvangen meldingen hebben betrekking op de seksuele geaardheid.

Een gebrekkige wetgeving


Sinds de inwerkingtreding van de antidiscriminatiewet van 2003 kreeg het CGKR een bijkomende missie. Voortaan kon ze ook tussenkomen in elke vorm van directe of indirecte discriminatie, dus niet enkel de raciale discriminatie. Dit was een stap in de goede richting maar de praktijk toont echter nog een serieus aantal tekortkomingen. Het begrip discriminatie is dringend aan herdefiniëring toe want de bestaande is te open en bijgevolg vatbaar voor interpretatie. Een ander heikel punt is de moeilijkheid om discriminatie op het werk te bewijzen. De huidige wet beschermt enkel het slachtoffer dat klacht indient, niet de getuigen en dat belemmert het verzamelen van getuigenissen. Het slachtoffer wordt via deze weg voor een tweede maal geviseerd omdat de bewijslast volledig bij de getroffene komt te liggen.
 
Het Centrum pleit in zijn jaarrapport voor meer en betere middelen om de strijd tegen het racisme aan te vatten. Er moet ook duidelijke wetgeving komen. Het Arbitragehof vernietigde vorig jaar grote delen van de in 2003 goedgekeurde antidiscriminatiewet. De wet werd aangepast maar wacht nog steeds op de goedkeuring van de federale regering en het parlement. Het Centrum betreurt ook het feit dat de uitvoeringsbesluiten van de zogenaamde praktijktesten op zich blijven wachten. Dit zijn nepsollicitaties om bedrijven die verdacht worden van racisme aan de kaak te stellen. Paars raakt het daar niet over eens want volgens de VLD is dit een inbreuk op de privacy van de werkgever. (dds)

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift