Russische joden in nauwe schoentjes

Het gaat niet goed met Boris Jeltsin. Het gaat slecht met Rusland. En met de kleine, joodse minderheid gaat het van kwaad naar erger. Blijft de wereld rustig toekijken tot er een Russische Kristalnacht komt?
Op 28 juni jl. slaagt de joodse journalist Eduard Topolj er eindelijk in om Boris Abramovitsj Berezovski, de rijkste man van Rusland, te interviewen. Hij staat aan het hoofd van een machtig financieel imperium, dat verscheidene auto-, luchtvaart- en olieondernemingen controleert. Als financier speelt hij ook een sleutelrol in de geschreven pers en de belangrijkste TV-zender. Samen met enkele andere oligarchen van joodse origine zoals Goesinski, Smolenski en Chodorkovski trekt hij aan heel wat touwtjes in het marionettenspel dat door Jeltsin en diens aanhangers wordt opgevoerd. Eduard Topolj stelt zijn vragen op de man af. ‘Bent u, Boris Abramovitsj, zich bewust van het risico waaraan u ons volk blootstelt, als de Russische economie keldert en u niet bereid bent geweest om één of twee miljoen roebel in de bestrijding van de armoede te investeren? Vreest u dan niet dat de antisemitische hetze op een nieuwe holocaust kan uitdraaien?’ Berezovski antwoordt ontwijkend op de meeste vragen en bagatelliseert de risico’s. Zijn gemoedsrust baseert hij op onderzoeken die hebben uitgewezen dat slechts acht procent van de bevolking de antisemitische extremisten steunt. Maar de interviewer is er helemaal niet gerust in.

Joden en het hiernamaals

Uit een onderzoek blijkt dat de helft van de Russen nog nooit een praktiserende jood ontmoet heeft. Na de holocaust in de door de nazi’s bezette gebieden en de recente exodus naar Israël, de Verenigde Staten, Duitsland en andere westerse landen telt de Russische Federatie nog ongeveer 635.000 joden. Sinds de Tweede Wereldoorlog zijn er op het platteland geen joden meer te bespeuren. Bijna de helft woont in Moskou en de rest in andere grote steden. Ze zijn over het algemeen goed geschoold en laten zich niet door tegenslagen ontmoedigen. In sommige beroepsgroepen -zoals artsen, ingenieurs en kunstenaars- zijn ze oververtegenwoordigd. Een handvol bankiers en politici van joodse afkomst loopt in de kijker. Daarom wordt soms de parallel gemaakt met het Duitsland van vóór de verkiezing van Hitler. Ook toen waren er enkele joodse bankiers die de schuld kregen voor de economische depressie en de hyperinflatie. De grotere vrijheid van meningsuiting heeft geleid tot de opening van nieuwe synagogen en een bescheiden opleving van de joodse religie. Maar het merendeel van de joden is niet langer vertrouwd met de joodse plechtigheden en gebruiken. Het gaat dus meer om een etnische dan om een religieuze categorie. Ook bij hun etnische identiteit kunnen vraagtekens geplaatst worden. Een groot deel voelt zich eerder verwant met de overheersende Russische cultuur en door de vele gemengde huwelijken is er dikwijls slechts sprake van een gedeeltelijke joodse afkomst.

Financiers en politici met joods bloed in hun aderen zwijgen doorgaans over hun afkomst en ook joodse organisaties leggen liever geen luidruchtige verklaringen af. Ze geven er de voorkeur aan om in stilte pragmatisch te handelen. Maar in die houding schijnt verandering te komen sinds generaal Makasjov vorig jaar ongestraft de joden mocht aanwijzen als de aanstichters van al het onheil waaronder moedertje Rusland gebukt gaat en Viktor Iljoesjin hen beschuldigde van genocide op de Russen. Beiden zetelen in de Doema, het Russische parlement, en zijn lid van de communistische partij. ‘Ik zal alle zjids (één van de vele scheldwoorden voor de joden) bijeendrijven en naar het hiernamaals sturen, waar ze thuishoren’. Dat waren de woorden die kort na de val van de roebel voor emotionele beroering zorgden. Twee maanden later beweert kameraad Iljoesjin dat de Russen uitsterven omdat de kring rond Jeltsin volgens hem uitsluitend uit joden bestaat. Artikelen uit de grondwet verbieden dergelijke antisemitische onzin en daarom werd in de Doema een afgezwakte motie ingediend om deze uitlatingen aan de kaak te stellen. Maar tot een veroordeling of blaam kwam het niet. Als grootste partij domineren de communisten immers het parlement en partijleider Zjoeganov houdt zijn rebellen de hand boven het hoofd. Om politieke redenen vindt hij het namelijk opportuun om ook de kaart van het antisemitisme uit te spelen.

Voor een aantal obscure en fascistische groepjes was deze ‘straffeloosheid’ het sein om met verdubbelde ijver aan het werk te gaan. In november en december volgde in heel het land een spectaculaire stijging van het aantal antisemitische pesterijen en gewelddaden. Dat was onder meer het geval in de zuidelijke provincie Krasnodar. Daar werden massaal pamfletten verspreid die opriepen tot de organisatie van pogroms en het verdrijven van alle joden. ‘Aan al de bewoners van dit huis. Help de Koeban weer welvarend te maken en verjaag die vuile smouzen. Verniel hun appartementen, steek hun huizen in brand. Steun Nikolai Kondratenko, onze geliefde leider, in zijn moeilijke strijd. Stem voor hem bij de verkiezingen.’

Oude clichés en nieuwe vooroordelen

Voor Micah Naftalin, directeur van de Unie van Raden voor Joden uit de vroegere Sovjetunie, is de maat vol. De autoriteiten moeten dringend meer werk maken van de wettelijke bescherming van joden en andere etnische minderheden, vindt hij. Aanslagen op synagogen, aanrandingen en schending van joodse graven worden meestal zonder gevolg geklasseerd. In veel gevallen weigert de politie zelfs klachten te noteren waarin sprake is van vernedering en intimidatie. Hoe ver dit kan gaan ondervond Galina Toez in de zuidelijke stad Stavropol. In een lokale krant had ze de ‘Russische Nationale Partij’ fascisten genoemd. Deze extreme partij telt honderden leden in de stad en runt openlijk een militaire oefenschool. De leden dragen zwarte uniformen met swastika’s, die veel gelijkenis vertonen met het hakenkruis van de nazi’s. Galina Toez werd voor de rechter gedaagd. Tijdens de zitting zag ze zich omringd door dreigende zwarthemden en de rechtbank veroordeelde haar wegens smaad tot een boete van omgerekend 80 dollar.

Het antisemitisme is in Rusland even verspreid en hardnekkig als het slijk op de talrijke onverharde wegen. Het heeft een heel lange voorgeschiedenis. Politieke machthebbers en oppositiegroepen van totalitaire signatuur grijpen terug naar oude clichés en vooroordelen als de rest van hun politieke instrumentarium nog maar weinig soelaas brengt. Dat was zo ten tijde van de tsaren, Stalin beproefde het in de jaren veertig en het begin van de jaren vijftig en de communisten van Zjoeganov proberen uit te zoeken hoe ze rood met bruin kunnen verzoenen. Door in onzekere tijden van economisch en moreel verval eeuwenoude vooroordelen van stal te halen en op zoek te gaan naar de donkerste hoekjes in het volksbewustzijn wordt een vijandsbeeld gecreëerd. Extremisten proberen vervolgens hun politieke tegenstanders te treffen door hen in verband te brengen met de ‘joodse samenzwering’. Het antigif moet volgens Micah Naftalin gezocht worden in een gezonde democratie, religieuze verdraagzaamheid, de uitbouw van een rechtsstaat en een sterke civiele samenleving. Ook het Westen kan daartoe bijdragen, al was het maar door meer druk uit te oefenen op politici, oligarchen en mafiosi die het land leegroven.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift