Shoppen stimuleert verzoening in de Balkan

Shoppingtrips over de grenzen tussen Servië, Bosnië, Kroatië en Macedonië op zoek naar goedkopere spullen stimuleert een nieuwe eenheid in voormalig Joegoslavië.

Sinds de financiële crisis van 2008 heeft zich in de voormalige Joegoslavische landen een echt shoppingtoerisme ontwikkeld. “Elke maand ga ik naar Macedonië om mijn koelkast te vullen”, zegt Milan Jankovic, een 72-jarige man uit Vranje. “Het busticket kost maar 300 dinar (2,5 euro). Voor 20.000 dinar (180 euro) kan ik een voorraad meebrengen die mij hier mijn hele pensioen, 30.000 dinar (270 euro) zou kosten.”

Het Macedonische stadje Kumanovo op ongeveer 50 kilometer van Vranje is de belangrijkste trekpleister voor op koopjes beluste Serviërs als Jankovic. “Met de huidige koopjes voor winterkleding denk ik dat mijn vrouw en ik allebei een nieuwe jas gaan kopen”, zegt hij.

Het verhaal is in veel Servische grensdorpen gelijkaardig. Maar ook Serviërs die verder van de grens wonen, leggen tot 100 kilometer af naar de Bulgaarse markt in Ilijanci. Kleding en schoenen zijn er volgens de Serviërs zo’n derde goedkoper in Bulgarije, terwijl in de andere richting Bulgaren de goedkopere Servische voedingsmiddelen komen kopen.

“Zelfs als ik uitreken hoeveel benzine het me kost om van Sofia naar het Servische Pirot te rijden, is het goedkoper om daar vleesproducten te kopen “, zegt Ivan Mitev. “Alles is zo duur geworden in Bulgarije.” De slagers in Pirot zien naar eigen zeggen tijdens het weekend bijna uitsluitend Bulgaren in hun winkel.

Kroaten komen dan weer in bosjes de Servische grens over op zoek naar goedkope sigaretten. In Kroatië, dat binnenkort lid kan worden van de EU, kost een pakje zo’n  2 euro, bijna het dubbele van de prijs in Servië. Aan de grenzen met Hongarije en Bosnië zijn gelijkaardige verhalen te horen: autobanden en onderdelen, schoenen of brandstof zijn tot een vijfde goedkoper.

Dalende koopkracht

“Het lijkt niet veel, maar elke maand enkele duizenden dinars uitsparen aan brandstof of kleding en kinderschoenen betekent heel wat”, zegt Zoran Smijanovic uit het Servische Loznica. “Dit helpt de mensen om de eindjes aan elkaar te knopen, vooral omdat de grensregio in het zuiden bij de armste van het land is.”

Servië heeft het laagste gemiddelde inkomen van de hele regio, ongeveer 300 euro per maand. Hoewel de taksen geleidelijk dalen, blijven de prijzen erg hoog. De financiële crisis van 2008 leidde nog eens tot een verlaging van de koopkracht.

“De koopkracht in Servië is met minstens een derde gedaald in 2011, door een groot verlies aan banen en een beperkt gezinsinkomen”, zegt analist Misa Brkic. “De prijzen zijn meestal gelijk gebleven, terwijl de mensen over steeds minder middelen beschikken om iets te kopen boven op hun basisbehoeften. Daarom wordt Servië zo goedkoop voor de buurlanden.”

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift