Slachtoffers hebben een stem in internationaal recht

Honderd jaar geleden werd in Den Haag het Vredespaleis geopend, een symbool van vrede en recht dat onder andere het Internationaal Gerechtshof huisvest. Een ander belangrijk internationaal hof dat in Den Haag gevestigd is, is het Internationaal Strafhof (ICC). Dit Hof is bevoegd om degenen die verantwoordelijk zijn voor oorlogsmisdaden, misdaden tegen de menselijkheid en genocide ter verantwoording te roepen wanneer nationale hoven dit niet kunnen of willen doen. Op deze manier is het mandaat van het Hof als het ware complementair met het VN-principe dat staten de verantwoordelijkheid hebben om burgers te beschermen (Responsibility to protect of R2P). Heel vernieuwend daarbij is dat het ICC een reeks rechten toekent aan slachtoffers die ongezien zijn in de geschiedenis van het internationaal strafrecht.

  • ICC-CPI Het Internationaal Strafhof in Den Haag ICC-CPI

Het Internationaal Strafhof in Den Haag (International Criminal Court — ICC) is het eerste permanente hof met een mandaat om degenen die verantwoordelijk zijn voor oorlogsmisdaden, misdaden tegen de menselijkheid en genocide ter verantwoording te roepen wanneer nationale hoven dit niet kunnen of willen doen.

De slachtoffers van deze wreedheden hebben een speciale status voor het ICC. Eén van de grote innovaties van het oprichtingsstatuut van het ICC (ook wel het Statuut van Rome genoemd) is de reeks rechten die aan slachtoffers wordt toegekend.  Deze rechten kunnen opgedeeld worden in drie categorieën: het recht op participatie, het recht op bescherming en het recht op schadevergoeding. Voor het eerst in de geschiedenis van internationaal strafrecht hebben slachtoffers de mogelijkheid niet alleen op te treden als getuige, maar om ook deel te nemen aan de werkzaamheden van het hof door hun standpunten en waarnemingen voor te leggen aan het hof via hun eigen juridische vertegenwoordiging.

Praktische betekenis

Als het op het recht op participatie voor slachtoffers aankomt, blijft het Statuut van Rome vrij vaag en biedt het weinig praktische hulp. Veel moet door de rechters van het ICC zelf worden verduidelijkt. In de eerste beslissing van het ICC over het onderwerp in januari 2006 werd er gesteld dat het recht expansief zou worden geïnterpreteerd.

Het ICC is georganiseerd in drie rechterlijke afdelingen: de preliminaire kamers, de strafkamers en de kamer van beroep. Elke kamer van het Hof bepaalt wat de omvang van de participatie van de slachtoffers in diens activiteiten is. Participatie kan bestaan in de mogelijkheid om deel te nemen aan de hoorzittingen, om schriftelijke inzendingen te doen en observaties te maken, en om getuigen te verhoren tijdens het proces. De slachtoffers zullen doorgaans vertegenwoordigd worden door een raadsman en niet zichzelf vertegenwoordigen. De betrokken kamer kan vragen dat een groot aantal slachtoffers vertegenwoordigd wordt door dezelfde juridische vertegenwoordiger.

Het recht op participatie kan op elk moment tijdens de werkzaamheden van het Hof worden uitgeoefend. Hierdoor kunnen er verschillende groepen slachtoffers optreden op verschillende momenten. Aan het eerste proces van het ICC hebben in totaal 129 slachtoffers deelgenomen.

Voordelen.

De deelname van slachtoffers aan de werkzaamheden van het ICC heeft voordelen. Zo is het in het voordeel van het Hof en de betrokken partijen om zoveel mogelijk relevant bewijs te verzamelen, vooral in de beginfase van een onderzoek. De participatie van slachtoffers helpt ook gemeenschappen die getroffen zijn door een conflict om te herstellen van de wreedheden doordat de slachtoffers hun verhaal kunnen vertellen en herstelbetalingen kunnen vragen.

Kritiek op het Hof

Het eerste proces van het ICC (tegen rebellenleider Lubanga, die kindsoldaten inlijfde in de Democratische Republiek Congo en elders, en dat in maart 2012 resulteerde in een veroordeling), was vernieuwend in de interpretatie van het Statuut en de procedures van het ICC. Er waren echter ook een aantal haperingen in het proces, en vele waarnemers en slachtoffers hebben hun bezorgdheid geuit over de lange duur van het proces. Lubanga werd in maart 2006 reeds overgedragen aan het Hof, maar zijn proces ging pas van start in januari 2009. Als gevolg hiervan is het ICC onder grotere druk gekomen van de lidstaten om de efficiëntie te verbeteren.

De recente economische druk op nationale overheden heeft ervoor gezorgd dat sommige landen gevraagd hebben om ‘nul groei’ in het budget van het Hof. Mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch heeft echter gezegd dat de voorgestelde maatregelen om de kosten te verminderen door onder andere het terugschroeven van hulpverlening aan de getroffen gemeenschappen, moeten verworpen worden. Lidstaten van het ICC steunen al lang dergelijke activiteiten die van essentieel belang zijn om er niet alleen voor te zorgen dat het recht geschiedt, maar dat het ook zichtbaar gebeurt voor de slachtoffers.

Een ander probleem met het recht op participatie is dat de manier waarop dit moet gebeuren niet gedetailleerd is vastgelegd in het Statuut, waardoor elke kamer van het Hof de ruimte heeft om het te interpreteren. Dit zorgt voor onduidelijkheid en gefragmenteerde en inconsistente rechtspraak.

Zoals gezegd hebben de slachtoffers de mogelijkheid om op verschillende momenten tijdens de werkzaamheden van het Hof hun recht op participatie uit te oefenen. Nochtans is het zo dat alleen die slachtoffers vergoed worden die kunnen bewijzen dat ze schade hebben geleden veroorzaakt door feiten waarvoor de beschuldigde uiteindelijk veroordeeld wordt. Slachtoffers van feiten die niet onderzocht werden of waarvoor er niet genoeg bewijsmateriaal is gevonden, lopen zo het risico in de kou te blijven staan, alhoewel ze wel betrokken waren bij de werkzaamheden van het Hof.

Het recht op schadevergoeding

Het ICC is het eerste internationale strafhof dat de mogelijkheid heeft om een crimineel een herstelbetaling te doen betalen aan een slachtoffer dat geleden heeft als gevolg van zijn crimineel handelen.
Het Statuut van Rome voorziet dat het Hof de principes voor reparatie voor slachtoffers mag vaststellen; die reparatie kan teruggave, schadeloosstelling en rehabilitatie omvatten. Het Hof mag ook bepalen dat de herstelbetalingen gebeuren via het Trustfonds voor Slachtoffers (Trust Fund for Victims), een fonds waarvan de oprichting voorzien wordt in het Statuut van Rome. Naast herstelbetalingen uitvoeren heeft het Trustfonds nog een tweede mandaat: algemene begeleiding (General Assistance) van de slachtoffers van misdrijven die vallen onder de bevoegdheid van het Hof.

Het Trustfonds helpt slachtoffers terug te keren naar een waardig leven binnen hun gemeenschap. Het voorziet onder andere beroepsopleidingen, begeleiding, verzoeningsworkshops en reconstructieve chirurgie en verleent steun aan zo’n 80.000 slachtoffers. Doordat deze begeleiding niet beperkt is tot de slachtoffers die deelnemen aan de werkzaamheden voor het Hof, is het Trustfonds in staat een grotere groep slachtoffers te helpen.

Slachtofferparticipatie: een reële participatie?

Het Hof heeft een zware werklast en door de lange duur van de werkzaamheden wordt het gedwongen om minder nieuwe zaken te behandelen. Als gevolg hiervan zou men zich vragen kunnen stellen bij het nut van de intensiteit waarmee de slachtoffers betrokken worden bij de werking van het Hof. Wegen de voordelen meer door dan de nadelen? De prominente rol van de slachtoffers is niet altijd nuttig en kan zelfs het werk van het ICC ondermijnen doordat het heel erg tijdrovend is en een substantieel deel van het budget opgebruikt. Tegelijkertijd maakt het in de praktijk vaak slechts hypothetische participatie mogelijk voor een beperkt aantal slachtoffers.

Als blijkt dat het praktisch gezien onmogelijk is om effectieve participatie voor slachtoffers te voorzien, dan is het misschien geen slecht idee om de slachtoffers niet langer zo nauw te betrekken bij de werkzaamheden van het Hof en om in de plaats meer middelen te voorzien voor het Trustfonds voor Slachtoffers.

Tenslotte zou de focus van het ICC moeten liggen op hoe de slachtoffers het meest profiteren van het werk van het Hof. Het Hof zou elke kans moeten benutten om de slachtoffers effectief te helpen hun leven weer op te bouwen na de wreedheden die ze meegemaakt hebben.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift