Studentenprotesten zijn geen voorbode van nieuwe revolutie

De politieke spanning tussen hervormingsgezinden
en radicale aanhangers van de islamitische heilstaat is sinds 1979 nog nooit
zo hoog geweest. Studenten trekken dagelijks de straat op voor meer
vrijheid. De machtstrijd betekent volgens analisten niet dat er een
burgeroorlog of nieuwe revolutie voor de deur staat. Het geven en nemen
langs beide kanten kan zelfs worden gezien als een vroege voorloper van
volwaardige democratische besluitvorming.


De studentenprotesten begonnen toen op 6 november geschiedenisprofessor
Hasham Aghajari wegens godslastering ter dood werd veroordeeld omdat hij had
geschreven dat moslims niet blindelings de voorschriften van de religieuze
leraars moeten opvolgen. Onder populaire druk heeft de hoogste religieuze
leider in Iran, ayatollah Ali Khamenei, heeft het vonnis intussen herroepen,
maar de studentenprotesten blijven voortduren. Ons probleem is niet enkel
de veroordeling van Aghajari, we willen vrijheid van meningsuiting en andere
vrijheden, zegt studentenleider Abdollah Mo’memi. De studenten gebruiken
erg radicale slogans als dood aan de Taliban in Kaboel en Teheran.

Ook de aanhangers van de moslimclerus komen op straat. In de zuidelijke stad
Shiraz drukten ongeveer 1.500 betogers hun steun uit voor het islamitische
establishment. Ayatollah Khamenei staat onder zware druk om de studenten
hard aan te pakken en heeft er al mee gedreigd de Revolutionaire Garde in te
schakelen om de protesten de kop in te drukken.

De sluiting van kranten, verbaal geweld, arrestaties en protesten zijn
allemaal onderdeel van een democratisch spel, zo stelt Nasseb Al Saleh,
professor sociale wetenschappen in de Verenigde Arabische Emiraten. Alleen
bevindt de democratie in Iran zich nog in een erg onontwikkeld
overgangsstadium. Door het spel van geven en nemen wordt gestaag vooruitgang
geboekt terwijl het systeem in evenwicht blijft. Een terugkeer naar een
terugkeer van de situatie vlak na de Islamitische revolutie acht Saleh
uitgesloten: De mensen hebben geproefd van de democratie.

Onder leiding van president Mohammed Khatami, een bondgenoot van professor
Aghajari, hebben de hervormingsgezinden in 1997 en 2001 de verkiezingen
gewonnen. Ze zijn er tot nu toe echter nog niet in geslaagd de machtsgreep
van de conservatieve clerus op de instellingen te breken. Khatami heeft de
druk nu verhoogd door te dreigen met een referendum wanneer de
conservatieven in het parlement hun veto zouden stellen tegen twee
wetsvoorstellen die de macht van de clerus afbouwen. Het ene voorstel eist
meer verantwoording van het gerecht, het andere beknot de macht van de Raad
van Wachters. Dit conservatieve gezelschap heeft een vetorecht over
wetsvoorstellen of verkiezingskandidaten die het islamitisch recht of de
grondwet zouden kunnen schaden.

Khamenei zal het leven van Aghajari waarschijnlijk sparen en geen veto te
stellen tegen de twee wetten, denkt Saleh. Voorlopig kan dat volstaan om
een burgeroorlog te vermijden, want daar zit geen van beide kampen echt op
te wachten. Volgens de professor moeten er eerst religieuze hervormingen
komen om democratisering mogelijk te maken.

Het studentenprotest wordt met belangstelling gevolgd door de Verenigde
Staten, die al hebben laten weten dat het Iraanse volk verandering wil in
de manier waarop het wordt geregeerd. Sommige analisten zien daarin een
teken dat de VS na een aanval tegen Saddam Hoessein ook het regime in Iran
ten val willen brengen.

N.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3148   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift