Suharto: einde van een tijdperk

Op zondag 27 januri stierf de ex-president van Indonesië Suharto op 86 jarige leeftijd in Jakarta. Hiermee komt finaal een einde aan de verpersoonlijking van het autoritaire regime dat Indonesië van 1966 tot 1998 in zijn greep hield. Dit regime, aangeduid met de term Nieuwe Orde, was één van de langste militaire dictaturen van de 20ste eeuw in nota bene het vierde grootste land ter wereld.
In de geschiedenis van Indonesië zal de dood van Suharto niet meer dan een voetnoot zijn omdat zijn politieke rol al een decennium geleden uitgespeeld was. In mei 1998 kondigde hij in hoogsteigen persoon zijn ontslag aan op televisie na aanhoudende protesten die er kwamen als reactie op de Zuid-Oost Aziatische monetaire crisis die de Indonesische staat virtueel bankroet maakte. Sindsdien kwam Suharto enkel nog sporadisch aan bod in de media, meestal bij een zoveelste proces naar financiële wanpraktijken of schending van de mensenrechten. Telkens werd echter handig langs deze processen gemanoeuvreerd door zich te beroepen op de zwakke gezondheid van de leider.
Het is vooral in zijn emanatie van een autoritair ontwikkelingsmodel, in Indonesië aangeduid met de term Nieuwe Orde, dat de invloed van Suharto op de post-koloniale geschiedenis van Indonesië amper overschat kan worden. Dit model is overigens niet typisch Indonesisch maar kende verschillende vertalingen over de gehele Zuid-Oost Aziatische regio. Van Thailand tot de Filippijnen over Singapore tot Indonesië bewandel(d)en in de tweede helft van de twintigste eeuw deze staten hun eigen ‘Aziatische weg’ van economische modernisering gebaseerd op zogenaamde ‘Asian Values’.
Eenvoudig gesteld kwam dit er op neer dat liberale democratie als een rem werd gezien op economische vooruitgang en een sterke gecentraliseerde en autoritaire staat de motor was om het land de moderniteit binnen te loodsen. Altijd was er hierbij een speciale rol weggelegd voor het leger om iedere oppositie gewelddadig de kop in te drukken.

Nieuwe Orde


Wanneer we vandaag met de dood van Suharto 10 jaar na datum op deze Nieuwe Orde terug kijken vallen ons enkele zaken op. Eerst en vooral liet de Nieuwe Orde zich kenmerken door corruptie, schendingen van de mensenrechten en de houdgreep van een autoritair militair apparaat. Het zijn niet meteen zaken die in het klassieke woordenboekje van goed bestuur terug te vinden zijn. Niettemin liet het regime 30 jaar van onafgebroken economische groei optekenen.
Het is een eenvoudige vaststelling die de algemeen aanvaarde relatie tussen goed bestuur (‘good governance’) in de Derde Wereld en economische groei sterk problematiseert. Het tweede wat opvalt is dat ondanks de vele negatieve connotaties die vandaag met de Nieuwe Orde verbonden zijn, de houding van de internationale gemeenschap tegenover de Nieuwe Orde altijd ‘flexibel’ is geweest. Niet alleen was Suharto lange tijd de ideale pion van het westen om de dreiging van het communisme in de regio in te dijken, zowel de Wereldbank als het IMF waren grote voorstanders van zijn ver doorgedreven liberalisering en leken hun slaap niet te laten voor de grove schendingen van de mensenrechten in het land.
Ook buurland Australië knipte ten gepaste tijde een oogje dicht voor wat gebeurde in de achtertuin in Oost-Timor om hun economische belangen in het land niet te schaden. Ten derde werd, in tegenstelling tot wat zou kunnen aangenomen worden, het einde van het regime niet ingeleid door de ontwikkeling van een economisch onafhankelijke en kritische middenklasse. Alles wijst erop dat de urbane, hoofdzakelijk Javaanse middenklasse de grootste verdedigers van het regime waren gezien vooral zij de vruchten van de economische groei droegen.
Eerder dan economische groei heeft een economische implosie met de daaropvolgende sociale onrust het einde van de dictatuur en het begin van een democratiseringsproces in gang gezet. Ook in verschillende naburige autoritaire Zuid-Oost Aziatische staten stortte de geloofwaardigheid van de autoritaire Asian Values als een kaartenhuisje in elkaar na de monetaire crisis van 1998.

Theeplukkers


Ondanks het einde van de politieke betekenis van Suharto bleef zijn figuur als een schaduw over Indonesië hangen en waarschijnlijk zal dit niet veranderen met zijn dood. Enkele jaren terug had ik een gesprek met theeplukkers op het West-Javaanse platteland. Discussiërend over de nieuwe mogelijkheden waar Indonesië na het einde van Nieuwe Orde voor stond bleven deze mensen opvallend positief over Suharto en zijn autoritair regime.
Al snel bleek dat in deze gemeenschap iedere vorm van kritiek op de leider als gevaarlijk werd beschouwd. De reden hiervoor was niet zozeer politiek maar de verwachting dat ook in het leven na de dood Suharto hun leider zou zijn. Iedere kritiek zou daarom door Suharto persoonlijk bestraft worden in het hiernamaals. Deze anekdote zegt veel over de perverse manier waarop de personencultus rond Suharto en de autoritaire trekken van de Nieuwe Orde bij de gemiddelde Indonesiër tot op vandaag zijn geïncorporeerd. Het valt te hopen dat deze arme theeplukkers nu eindelijk hun demon kunnen uitdrijven.
Jeroen Adam is onderzoeker aan de Conflict Research Group van de Universiteit Gent.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3093   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift